RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10426501 \ CV EXPL 23-1938 Uitspraakdatum: 19 april 2023 Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Capaccs Invest B.V. gevestigd te Eindhoven de eisende partij gemachtigde: ACCS International B.V. tegen [gedaagde] wonende te [plaats] de gedaagde partij niet verschenen 1De procedure 1.
- De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend. 2De beoordeling 2.
- De eisende partij vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 49,99, te vermeerderen met de buitengerechtelijke incassokosten. Daarnaast vordert zij veroordeling van de gedaagde partij in de proceskosten. 2.
- De vordering is gebaseerd op een koopovereenkomst met betrekking tot een zaak tussen een handelaar en een consument. In artikel 6:230h lid 2 sub a van het Burgerlijk Wetboek (BW) is bepaald dat de bepalingen uit Boek 6, Titel 5, Afdeling 2B BW niet van toepassing zijn op overeenkomsten gesloten buiten de verkoopruimte waarbij de verbintenis van de consument tot betaling ten hoogste € 50,00 bedraagt, zoals bij de onderhavige overeenkomst. De kantonrechter zal daarom niet ambtshalve toetsen aan de (pre)contractuele informatieplichten. 2.
- De vordering wordt toegewezen, omdat deze de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt. 2.
- De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen, omdat de eisende partij de aanmaning als bedoeld in artikel 6:96 lid 6 BW, waarop zij zich ter onderbouwing van de gevorderde buitengerechtelijke kosten beroept, niet heeft overgelegd. Daarmee is in strijd gehandeld met artikel 85 lid 1 Rv. Het overgelegde afschrift van de e-mail is niet voldoende, nu daarin de zogenoemde header ontbreekt, zodat niet kan worden vastgesteld of de e-mail is verstuurd en naar welk adres. 2.
- De gedaagde partij wordt in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. 3De beslissing De kantonrechter: 3.
- veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 49,99; 3.
- veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op: € 107,65 wegens dagvaardingskosten, € 128,00 wegens griffierecht en € 39,00 wegens salaris gemachtigde; 3.
- verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; 3.
- wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.E. Oomens en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter