← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2023:3743

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10384225 CV EXPL 23-1441 Uitspraakdatum: 26 april 2023 Vonnis van de kantonrechter in het incident in de zaak van: 1 [eiser 1] wonende te [plaats 1] verder te noemen: [eiser 1]

  1. de naamloze vennootschap Fatum General Insurance N.V. h.o.d.n. Guardian Group Nederland gevestigd en kantoor houdende te Rotterdam, eisers in de hoofdzaak verweerders in het incident verder te noemen: Guardian Group gemachtigde: mr. W.A.M. Rupert tegen 1 [eiser 2] wonende te [plaats 2] verder te noemen: [eiser 2]
  2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Studio 73 B.V. statutair gevestigd te Haarlem en kantoor houdende te Amsterdam, gedaagden in de hoofdzaak eisers in het incident verder te noemen: Studio 73 gemachtigde: mr. A.D. van Koningsveld. 1Het procesverloop 1.
  3. [eiser 1] en de Guardian Group hebben bij dagvaarding van 14 november 2022 [eiser 2] en Studio 73 gedagvaard voor de rechtbank, team Civiel recht en een vordering tegen hen ingesteld. [eiser 2] en Studio 73 hebben een incidentele vordering tot onbevoegdheid ingesteld en tot oproeping in vrijwaring ingesteld. [eiser 1] en Guardian Group hebben vervolgens een conclusie van antwoord in het vrijwarings- en onbevoegdheidsincident ingediend. De rechtbank heeft zich onbevoegd verklaard en de zaak, in de stand waarin deze zich bevond, bij vonnis in het incident van 8 maart 2023 verwezen naar de rol van 15 maart 2023 van de kamer voor kantonzaken in deze rechtbank, locatie [plaats 2]. 1.
  4. De zaak is door de kantonrechter aangehouden voor beraad. Voordat tot beraad kan worden overgegaan moet eerst beslist worden op de incidentele vordering van [eiser 2] en Studio 73 tot oproeping in vrijwaring. [eiser 1] en Guardian Group hebben zich in verband met deze vordering gerefereerd aan het oordeel van de kantonrechter. 2De vordering in de hoofdzaak 2.
  5. De vordering in de hoofdzaak en de stellingen van [eiser 1] en Guardian Group zijn in het verwijzingsvonnis van 8 maart 2023 al kort weergegeven. 3De vordering en het verweer in het incident tot oproeping in vrijwaring 3.
  6. [eiser 2] en Studio 73 vorderen dat hen zal worden toegestaan om [betrokkene], [adres] [plaats 2], in vrijwaring op te roepen. Zij leggen aan de vordering ten grondslag – kort weergegeven – dat [betrokkene], als onderhuurder van het pand waar het in de hoofdzaak om gaat, onrechtmatig heeft gehandeld. Zij stellen dat hij in strijd met de bepalingen in de (onder)huurovereenkomst in het aan hem onderverhuurde deel van het pand een hennepplantage heeft aangelegd, welke hennepplantage de oorzaak is geweest van het ontstaan van brand, welke brand veel schade heeft veroorzaakt. [eiser 2] en Studio 73 stellen dat zij, bij een eventuele veroordeling tot het betalen van schadevergoeding in de hoofdzaak, gerechtigd zijn om deze schade te verhalen op [betrokkene]. 4.
  7. [eiser 1] en Guardian Group hebben geen verweer gevoerd tegen de vordering in het incident. 4De beoordeling in het incident tot oproeping in vrijwaring 4.
  8. Een veroordeling van [eiser 2] en Studio 73 in de hoofdzaak kan tot gevolg hebben, dat [eiser 2] en/of Studio 73 op grond van hun rechtsverhouding met [betrokkene] geheel dan wel gedeeltelijk regres zal kunnen nemen op [betrokkene]. 4.
  9. [eiser 1] en Guardian Group hebben geen verweer gevoerd tegen de vordering in het incident. Zij hebben zich gerefereerd aan het oordeel van de kantonrechter. 4.
  10. Omdat de aangevoerde en niet weersproken gronden de vordering kunnen dragen, wordt het verzoek toegewezen. 4.
  11. Omdat geen van partijen ongelijk krijgt, zullen de proceskosten worden gecompenseerd. 5De beslissing De kantonrechter: in het incident tot oproeping in vrijwaring: 6.
  12. staat [eiser 2] en Studio 73 toe [betrokkene], [adres] [plaats 2], te dagvaarden tegen de rolzitting van 24 mei 2023 te 10:00 uur om op de eis in de vrijwaring te antwoorden; 6.
  13. compenseert de proceskosten van het incident in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt; in de hoofdzaak: 6.
  14. verwijst de zaak naar diezelfde rolzitting voor beraad; 6.
  15. houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.E. Oomens, kantonrechter en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.