← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2023:3778

VONNIS TOEWIJZING DWANGAKKOORD RECHTBANK NOORD-HOLLAND zittingsplaats: Haarlem afdeling: Handel, Kanton en Insolventie zaaknummer: C/15/337430 FT RK 23/170 naam rechter: mr. J. van der Kluit uitspraakdatum: 25 april 2023 in de zaak van: [schuldenaar] (hierna: schuldenaar)geboren op: [geboortedatum] te [geboorteplaats]wonende te: [woonplaats] schuldhulpverlener: Plangroep Haarlemmermeer tegen schuldeiser 1: ING Bank N.V.gevestigd te: Leeuwarden hierna te noemen: ING (schuldeiser 1) vertegenwoordigd door: LAVG Gerechtsdeurwaarders schuldeiser 2: ING Bank N.V. gevestigd te: Leeuwarden hierna te noemen: ING (schuldeiser 2) vertegenwoordigd door: Vesting Finance Fiditon schuldeiser 3: Energiedirect.nl Creditmanagement gevestigd te: Den Bosch hierna te noemen: Energiedirect vertegenwoordigd door: WebCasso B.V. 1Samenvatting Schuldenaar heeft een minnelijke schuldregeling aan zijn schuldeisers aangeboden. ING (voor haar vordering van € 13.138,64 en met als gemachtigde Vesting Finance Fiditon) en Energiedirect hebben laten weten alsnog in te stemmen met het gedane aanbod. Het verzoek dwangakkoord richt zich nu alleen tegen ING (voor haar vordering van € 6.323,60 en met als gemachtigde LAVG Gerechtsdeurwaarders). ING heeft voor deze vordering niet gereageerd op het aanbod voor een minnelijke schuldregeling. Schuldenaar wil dat de rechtbank ING ook voor haar tweede vordering beveelt in te stemmen met de schuldregeling. 2Beslissing van de rechtbank De rechtbank beveelt de weigerende schuldeiser om in te stemmen met de aangeboden schuldregeling. 3Gevolgen voor schuldenaar De weigerende schuldeiser moet meewerken aan de uitvoering van de aangeboden minnelijke schuldregeling. Schuldenaar zal de aangeboden regeling moeten uitvoeren. 4Redenen voor deze beslissing 4.

  1. Argumenten van schuldenaar Schuldenaar heeft een totale schuldenlast van € 623.975,
  2. De schuld aan ING waarvoor zij niet heeft ingestemd met de aangeboden schuldregeling is € 6.323,
  3. Dat is 1% van de totale schuldenlast. Schuldenaar heeft aangeboden om schuldeisers zonder voorrang 0,17% van hun vordering te betalen en schuldeisers met voorrang 0,34% van hun vordering op basis van een door de gemeente te verstrekken saneringskrediet. Schuldenaar heeft belang bij de aangeboden schuldregeling omdat hij op deze manier al zijn schulden in één keer kan saneren en schuldenaar weer een positief toekomstbeeld heeft zonder schulden. De andere schuldeisers hebben belang bij de aangeboden schuldregeling omdat deze voor hen tot een beter resultaat leidt dan toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (wsnp). 4.
  4. Argumenten van de weigerende schuldeiser  De weigerende schuldeiser heeft niet gereageerd op het aanbod en dus ook geen redenen voor weigering opgegeven. Ook is zij niet verschenen op de zitting en heeft geen schriftelijke verweer gevoerd. 4.
  5. Afweging van de argumenten van partijen door de rechtbank Een schuldeiser heeft recht op betaling. De rechtbank kan daarom alleen in bijzondere gevallen een schuldeiser dwingen om in te stemmen met een schuldregeling. De rechtbank moet daarbij rekening houden met de belangen van schuldenaar en alle schuldeisers. De rechtbank let bij haar beoordeling op het volgende:- is het aanbod getoetst door een onafhankelijke en deskundige partij?- is het aanbod goed en betrouwbaar gedocumenteerd?- is het aanbod het uiterste wat schuldenaar kan aanbieden? - biedt toelating tot de wsnp aan de schuldeisers betere vooruitzichten op betaling?- hoeveel schuldeisers zijn er en hoeveel daarvan weigeren met het aanbod in te stemmen?- hoe groot is het aandeel van de weigerende schuldeiser in de totale schuldenlast? De rechtbank is van oordeel dat hier sprake is van een bijzonder geval. De weigerende schuldeiser moet meewerken aan de aangeboden schuldregeling. Schuldenaar heeft twee schulden bij de ING. Voor haar vordering ter hoogte van € 13.138,64 heeft ING wel ingestemd met de aangeboden schuldregeling, terwijl zij voor haar vordering ter hoogte van € 6.323,60 niet heeft gereageerd op het aanbod dat schuldenaar heeft gedaan. Omdat ING voor haar andere vordering - die bovendien bijna twee keer zo hoog is - wel heeft ingestemd met de aangeboden schuldregeling, gaat de rechtbank ervan uit dat ING ook voor haar vordering van € 6.323,60 akkoord is met de aangeboden schuldregeling. In elk geval heeft ING geen redenen gegeven waarom dat voor deze vordering anders is dan voor haar andere vordering, waarvoor zij wel heeft ingestemd met de regeling. Daarbij weegt de rechtbank mee dat de vordering van de ING, waarvoor zij niet heeft ingestemd met de aangeboden schuldregeling, slechts 1 % van de totale schuldenlast van schuldenaar vertegenwoordigt. 5Stukken waarop dit vonnis is gebaseerd verzoekschrift van schuldenaar met bijlagen; aantekeningen van de zitting van 18 april 2023, waarbij aanwezig waren de schuldenaar, [A.] namens Plangroep Haarlemmermeer (de schuldhulpverlener) en de beschermingsbewindvoerder [B.] van Borgstaete B.V. 6Andere gevolgen van dit vonnis De schuldeisers ING en Energiedirect moeten de kosten van schuldenaar voor deze procedure betalen, omdat zij (nog) niet hadden ingestemd met de aangeboden regeling voordat schuldenaar zijn verzoek indiende. De rechtbank stelt de hoogte van die kosten vast op € 0,- omdat schuldenaar geen griffierecht moest betalen en ook geen advocaat had. 7Het verzoek tot toelating tot WSNP Dit verzoek (bekend onder nummer C/15/ 337428 FT RK 23-169) zal als ingetrokken worden beschouwd. Nu de overige schuldeisers hebben ingestemd en ING voor haar vordering van € 6.323,60 moet instemmen met het aanbod, heeft schuldenaar geen belang meer bij een toelating tot de wsnp 8Mogelijkheden om dit vonnis aan te vechten Deze uitspraak kan binnen acht dagen na de uitspraakdatum worden aangevochten bij het gerechtshof Amsterdam. Dit kan alleen met behulp van een advocaat. De griffier De rechter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.