RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10024883 \ CV EXPL 22-4516 Uitspraakdatum: 10 mei 2023 Tussenvonnis van de kantonrechter in de zaak van: 1 [eiser 1]
- [eiser 2]
- [eiser 3] allen wonende te [plaats] eisers hierna gezamenlijk te noemen de passagiers gemachtigde mr. R. Bos (Aviclaim) rolgemachtigde mr. A.Y. Lai tegen de rechtspersoon naar buitenlands recht PT Garuda Indonesia (Persero) Tbk (Garuda Indonesia) gevestigd te Jakarta Pusat (Indonesië) gedaagde hierna te noemen de vervoerder gemachtigde mr. M. Lustenhouwer 1Het procesverloop 1.
- De passagiers hebben bij dagvaarding van 18 juli 2022 een vordering tegen de vervoerder ingesteld. De vervoerder heeft schriftelijk geantwoord. 1.
- De passagiers hebben hierop schriftelijk gereageerd, waarna de vervoerder een schriftelijke reactie heeft gegeven. 2De feiten 2.
- Passagier sub 2 heeft bij D-Reizen voor zichzelf en vier anderen vliegtickets geboekt voor de volgende vier vluchten: op 20 juli 2020, Amsterdam-Schiphol Airport – Jakarta, vlucht GA89, op 23 juli 2020, Jakarta - Yogyakarta, vlucht GA210, op 6 augustus 2020, Yogyakarta – Jakarta, vlucht GA209 op 9 augustus 2020 Jakarta – Amsterdam-Schiphol Airport, vlucht GA
- 2.
- De passagiers hebben restitutie van een deel van de vliegtickets gevorderd van de vervoerder. 2.
- De vervoerder heeft geweigerd tot betaling over te gaan. 3De vordering en het verweer 3.
- De passagiers vorderen dat de vervoerder bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 3.477,45, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf zeven dagen na annulering, althans vanaf de datum van de ingebrekestelling dan wel vanaf de datum van betekening van de dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening; - € 472,74 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente; - de nakosten. 3.
- De passagiers hebben aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening). De passagiers stellen dat de vervoerder vanwege de annulering van de vlucht op grond van artikel 5 lid 1 sub a jo artikel 8 lid 1 sub a gehouden tot terugbetaling van de door de passagiers betaalde ticketprijs. 3.
- De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling ingegaan. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. De vordering 4.
- Ter beoordeling staat de vraag of de passagiers terugbetaling van de door hen aan D-Reizen betaalde ticketprijs van de vervoerder kunnen vorderen op grond van de Verordening, ondanks dat de vervoerder dit bedrag (op grond van zijn contractuele relatie) al heeft gerestitueerd aan Airtrade dan wel D-Reizen. De kantonrechter overweegt als volgt. De annulering van de vlucht 4.
- De vervoerder heeft de stelling van de passagiers dat de vlucht is geannuleerd onvoldoende weersproken, zodat het ervoor wordt gehouden dat de vlucht is geannuleerd. 4.
- Op grond van de Verordening kunnen passagiers recht hebben op restitutie van de betaalde vliegtickets bij annulering van de vlucht. Voorwaarde hiervoor is onder meer dat de vervoerder tot annulering van de vlucht is overgegaan. Indien de passagiers eerst tot annulering zijn overgaan beschikken zij immers niet meer over een bevestigde boeking voor de vlucht, in de zin van de Verordening. Het is aan de passagiers om te stellen en te onderbouwen dat de vlucht daadwerkelijk door de vervoerder is geannuleerd. De passagiers stellen dit wel maar hebben dit niet onderbouwd, waarop deze stelling niet zuiver (en zonder nadere onderbouwing) door de vervoerder is betwist. De vervoerder voert aan dat niet uit te sluiten valt dat de passagiers de reis zelf hebben geannuleerd, omdat Indonesië de grenzen had gesloten voor niet ingezetene. Het is dan ook volgens de vervoerder mogelijk dat de passagiers zelf niet langer wensten te reizen en de boeking als gevolg hiervan hebben geannuleerd. Evenmin hebben de passagiers onderbouwd dat aan hen is meegedeeld dat de vlucht is geannuleerd, aldus de vervoerder. D-reizen heeft de vliegtickets geboekt bij Airtraide en Airtrade heeft de tickets via Amadeus geboekt bij de vervoerder. Vervolgens is de boeking door Airtrade geannuleerd, aldus nog steeds de vervoerder. 4.
- Gelet op bovenstaande zullen de passagiers nog in de gelegenheid worden gesteld om hun stelling dat de vlucht (eerst) is geannuleerd door de vervoerder te onderbouwen. Vervolgens zal de vervoerder nog in de gelegenheid worden gesteld om hierop te reageren. 4.
- Iedere verdere beslissing wordt aangehouden. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
- stelt de passagiers in de gelegenheid om voor de rol van 7 juni 2023 hun stelling te onderbouwen dat de vlucht door de vervoerder is geannuleerd; 5.
- houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter