← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2023:6137

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Zaanstad Zaaknummer : 10311341 \ WM VERZ 23-110 CJIB-nummer : 250226391 Uitspraakdatum : 7 maart 2023 Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) in de zaak van [betrokkene] Het verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 7 maart

  1. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. Overwegingen De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: 9 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom. Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd. Betrokkene voert aan dat ten tijde van de gedraging het voertuig verhuurd was. Ingevolge het bepaalde in artikel 5 WAHV is betrokkene als kentekenhouder aansprakelijk voor de geconstateerde gedraging, tenzij zich één van de gevallen als genoemd in artikel 8 WAHV zich voordoet. Eén van die uitzonderingen is dat de auto voor een termijn van ten hoogste 3 maanden krachtens een schriftelijke bedrijfsmatig aangegane huurovereenkomst is verhuurd en betrokkene de huurovereenkomst overlegt. Betrokkene heeft echter bij de kantonrechter een op 13 juni 2019 voor “36 maanden/45.000 km” gesloten huurovereenkomst overgelegd, waardoor niet is vast te stellen of het betreffende voertuig op 11 juni 2022 nog was verhuurd en zo ja, of dit voor een termijn van niet meer dan 3 maanden was. De boete is dus terecht opgelegd aan de kentekenhouder. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.P. Ploeger, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter En application de l'article 14 de la loi WAHV, un recours peut être introduit contre cette décision dans les 6 semaines suivant la date d'envoi mentionnée ci-dessous auprès du tribunal d'instance de Arnhem-Leeuwarden. En principe, les recours ne sont possibles que si l'amende dans le jugement est fixée à plus de € 70,
  2. La déclaration de recours doit être envoyée à ce secteur du tribunal (Postbus 251, 1800 BG Alkmaar). La loi part du principe que la procédure se déroulera entièrement sous forme écrite à moins que, dans votre déclaration de recours, vous n'ayez formellement requis une instruction verbale de cette affaire. Date de l'envoi :

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.