← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2023:7675

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10205383 \ CV EXPL 22-6818 Uitspraakdatum: 24 mei 2023 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: [eiser] wonende te [plaats] eiser hierna te noemen de passagier gemachtigde [betrokkene] (Yource B.V.) tegen de rechtspersoon naar buitenlands recht Deutsche Lufthansa Aktiengesellschaft gevestigd te Keulen (Duitsland) en kantoorhoudende te Schiphol gedaagde hierna te noemen de vervoerder gemachtigde mr. R.W.L. Russell (Russell Advocaten) 1Het procesverloop 1.

  1. De passagier heeft bij dagvaarding van 3 november 2022 een vordering tegen de vervoerder ingesteld. De vervoerder heeft schriftelijk geantwoord. 1.
  2. De passagier heeft hierop schriftelijk gereageerd, waarna de vervoerder een schriftelijke reactie heeft gegeven. 2De feiten 2.
  3. De passagier heeft een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan de vervoerder de passagier diende te vervoeren van Oslo (Noorwegen) via Frankfurt (Duitsland) naar [plaats]-Schiphol Airport op 4 december
  4. 2.
  5. Vlucht LH861 van Oslo naar Frankfurt (hierna: de vlucht) is vertraagd uitgevoerd waardoor de passagier zijn aansluitende vlucht naar [plaats]-Schiphol Airport heeft gemist. De passagier is omgeboekt naar een alternatieve vlucht waarmee hij meer dan drie uur later is aangekomen op de overeengekomen eindbestemming. 2.
  6. Yource B.V. heeft namens de passagier compensatie van de vervoerder gevorderd in verband met voornoemde vertraging. 2.
  7. De vervoerder heeft geweigerd tot betaling over te gaan. 3De vordering en het verweer 3.
  8. De passagier vordert dat de vervoerder bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 250,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de dag der incident tot aan de dag der algehele voldoening; - € 44,77, althans € 48,80, althans een in redelijke justitie door de rechtbank te bepalen bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten en de nakosten; - afgifte van het certificaat voor internationale tenuitvoerlegging als bedoeld in artikel 53 van de herziene EEX-verordening (1215/2012) middels het formulier van bijlage I van die verordening. 3.
  9. De passagier heeft aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagier stelt dat de vervoerder vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is de passagier te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 250,
  10. 3.
  11. De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling ingegaan. 4De beoordeling 4.
  12. De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.
  13. Niet in geschil is dat de passagier met een vertraging van meer dan drie uur op de overeengekomen eindbestemming is aangekomen, zodat er in beginsel een compensatieplicht geldt voor de vervoerder. Dit is anders indien de vervoerder kan aantonen dat de vertraging het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden en dat de vertraging, ondanks het treffen van redelijke maatregelen, niet voorkomen had kunnen worden. 4.
  14. De vraag die voorligt is of de vervoerder met de door hem overgelegde producties en zijn toelichting daarop, voldoende heeft aangetoond dat de langdurige vertraging van de passagier op de eindbestemming het gevolg is geweest van (doorwerking van) buitengewone omstandigheden die hij niet had kunnen vermijden. 4.
  15. De vervoerder heeft aangevoerd dat de onderhavige vlucht onderdeel uitmaakte van de rotatievlucht Warschau-Frankfurt-Oslo-Frankfurt, vluchten LH1353, LH860 en LH
  16. De luchtverkeersleiding heeft aan voornoemde vluchten restricties opgelegd waardoor de vluchten vertraagd zijn uitgevoerd. Ter onderbouwing verwijst de vervoerder naar de vluchtrapporten, de Slot Allocation Messages (SAM) en de Slot Revision Messages (SRM) van de hiervoor genoemde vluchten. Hieronder is een schematisch overzicht opgenomen: Vlucht Vertrek Gepland Werkelijk Lokale tijden Aankomst GeplandWerkelijkLokale tijden Vertragingscodes LH1353 Warschau 07:00 uur08:21 uur Frankfurt 08:50 uur10:25 uur Code 81; 81 minuten LH860 Frankfurt 10:25 uur12:02 uur Oslo 12:25 uur13:52 uur Code 77; 42 minutenCode 93; 55 minuten LH861 Oslo 13:10 uur14:40 uur Frankfurt 14:40 uur 16:36 uur Code 93; 84 minutenCode 61; 6 minuten 4.
  17. In tegenstelling tot de passagier is de kantonrechter van oordeel dat de gewijzigde slottijden een buitengewone omstandigheid opleveren, ongeacht de daaraan door de luchtverkeersleiding ten grondslag gelegde reden. Wanneer een vlucht een gewijzigde slottijd opgelegd krijgt, heeft deze vlucht niet de mogelijkheid om toch eerder te vertrekken. Een nieuw slot moet immers altijd worden opgevolgd en is niet inherent aan de normale bedrijfsuitvoering van een luchtvaartmaatschappij. Dit betekent dat de vervoerder ten aanzien van de vertraging wegens code 81 een geslaagd beroep kan doen op buitengewone omstandigheden. Voor de reeks rotatievluchten betekent dit het volgende: 4.
  18. Vlucht LH1353 is vanwege code 81 met een vertrekvertraging van 81 minuten uitgevoerd. Aldus wordt, gelet op hetgeen in rechtsoverweging 4.
  19. is overwogen, een vertrekvertraging van 81 minuten aangemerkt als een vertraging ontstaan vanwege een buitengewone omstandigheid. 4.
  20. De vraag die vervolgens voorligt is deze buitengewone omstandigheid doorwerkt naar de opvolgende vlucht, vlucht LH860 (Frankfurt-Oslo). Uit het vluchtrapport van vlucht LH860 volgt dat de vlucht een vertraging had wegens code 93 (AIRCRAFT ROTATION, late arrival of aircraft from another flight or previous sector) van 55 minuten. Hieruit blijkt dat deze vertraging is ontstaan als gevolg van de vertraagde uitvoering van de voorafgaande vlucht. Nu reeds is vastgesteld dat 81 minuten van deze vertraging is ontstaan als gevolg van een buitengewone omstandigheid, werkt deze buitengewone omstandigheid voor de duur van 55 minuten door naar de onderhavige vlucht. Naast code 93 is vlucht LH860 vertraagd uitgevoerd wegens code
  21. De passagier stelt dat de vertraging wegens code 77 geen buitengewone omstandigheid oplevert. Er was ten tijde van de uitvoering van vlucht LH860 geen sprake van slecht weer. De vervoerder heeft voornoemde stelling gemotiveerd weersproken door aan te voeren dat de vertraging die is ontstaan vanwege code 77 van ondergeschikt belang is, aangezien deze vertraging werd overlapt met de vertraging die is ontstaan wegens de door de luchtverkeersafleiding afgegeven restricties (code 81). De door de luchtverkeersleiding afgegeven restricties werden niet teweeggebracht door de vervoerder zelf of door enige aan de vervoerder verbonden redenen, aldus de vervoerder. De kantonrechter oordeelt daarom dat, nu de 55 minuten vertraging ten gevolge van de gewijzigde slottijden wegens vertragingscode 81 een buitengewone omstandigheid oplevert, de vraag of de daarmee ‘overlappende’ vertraging ten gevolge van code 77 een buitengewone omstandigheid oplevert, geen beantwoording meer behoeft. 4.
  22. Dit betekent dat het gedeelte van de vertraging van de onderhavige vlucht dat ziet op het met vertraging binnenkomen van de voorafgaande vlucht (code 93) eveneens kan worden aangemerkt als een vertraging als gevolg van buitengewone omstandigheden. Uit het vluchtrapport van de onderhavige vlucht volgt dat de vlucht een vertrekvertraging van 84 minuten had wegens code
  23. Nu reeds is vastgesteld dat 55 minuten van deze vertraging is ontstaan als gevolg van een buitengewone omstandigheid, werkt slechts dit gedeelte van de vertraging door naar de onderhavige vlucht. Gesteld noch gebleken is waarom de vertraging is opgelopen tot 84 minuten. Naast code 93 is de onderhavige vlucht met 6 minuten vertraagd uitgevoerd wegens code
  24. De kantonrechter gaat voorbij aan de vraag of de vertraging wegens code 61 een buitengewone omstandigheid oplevert nu de vervoerder daar geen beroep op heeft gedaan. 4.
  25. Nu de vertraging van de onderhavige vlucht deels door buitengewone omstandigheden en deels door andere omstandigheden is veroorzaakt, dient te worden vastgesteld of de passagier zijn aansluitende vlucht zou hebben gehaald zonder de buitengewone omstandigheid. De passagier is om 16:36 uur lokale tijd aangekomen in Frankfurt. De aansluitende vlucht van de passagier naar Amsterdam-Schiphol Airport is om 16:30 uur lokale tijd vertrokken. De minimale overstaptijd in Frankfurt bedraagt 45 minuten. Zonder de vertraging ten gevolge van de buitengewone omstandigheden van 55 minuten, zou de onderhavige vlucht om 15:41 uur lokale tijd te Frankfurt zijn gearriveerd. Indien er geen buitengewone omstandigheden waren opgetreden, dan zou de passagier zijn aansluitende vlucht hebben gehaald. Hieruit volgt dan ook dat de uiteindelijke vertraging van de passagier op de eindbestemming het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden. 4.
  26. De volgende vraag die voorligt is of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging van de passagiers te voorkomen dan wel te beperken. De vervoerder heeft aangevoerd dat hij een buffer van 25 minuten bovenop de minimale connectietijd van 45 minuten had ingepland, hetgeen de kantonrechter voldoende acht. Tevens heeft de vervoerder aangevoerd dat hij de passagier heeft omgeboekt naar de eerst beschikbare alternatieve vlucht, hetgeen niet door de passagier wordt betwist. De passagier stelt dat de vervoerder in het onderhavige geval een vervangend toestel had moeten inzetten. De vervoerder heeft deze stelling gemotiveerd weersproken door aan te voeren dat op het moment dat de eerste gewijzigde slottijd aan vlucht LH1353 werd opgelegd niet duidelijk was dat de onderhavige vlucht daadwerkelijk vertraagd zou worden uitgevoerd. Bovendien was onduidelijk hoe lang deze vertraging zou duren. De gewijzigde slottijden kunnen namelijk worden gewijzigd. Ook was het niet zeker dat een vervangend toestel wel op de oorspronkelijke vertrektijd zou kunnen vertrekken, gezien de door de luchtverkeersleiding opgelegde restricties. De kantonrechter meent dat in deze situatie van de vervoerder niet meer kon worden verwacht en dat de vervoerder in het onderhavige geval alle redelijke maatregelen heeft getroffen. De conclusie is dat de vordering van de passagier zal worden afgewezen. 4.
  27. De proceskosten komen voor rekening van de passagier, omdat hij ongelijk krijgt. Ook de nakosten komen voor rekening van de passagier, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. De gevorderde rente over de proces- en nakosten is toewijsbaar met ingang van de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
  28. wijst de vordering af; 5.
  29. veroordeelt de passagier tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 160,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder en veroordeelt de passagier tot betaling van € 40,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot aan de dag van de algehele voldoening; 5.
  30. verklaart dit vonnis, voor wat betreft de proceskostenveroordeling, uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.