← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2023:8823

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Zaanstad Zaaknummer : 10421326 \ WM VERZ 23-210 CJIB-nummer : 251268649 Uitspraakdatum : 23 mei 2023 Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) in de zaak van [betrokkene] 1Het verloop van de procedure 1.

  1. Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. 1.
  2. De zaak is behandeld op de zitting van 23 mei
  3. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. 2Overwegingen De boete 2.
  4. De gedraging waarvoor de boete is opgelegd, luidt – kort omschreven – als volgt: 12 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom. Het verweer 2.
  5. Betrokkene is het niet eens met de beslissing van de officier van justitie en heeft in het beroepschrift de gronden daarvoor aangevoerd. 2.
  6. Betrokkene erkent de gedraging, zodat deze vast staat, maar doet een beroep op de omstandigheden van het geval. Betrokkene stelt dat er, op het moment dat hij de ambulance met zwaailicht en sirene zag en hoorde naderen, geen veilige mogelijkheid was om in te voegen naar de rechterrijbaan. De enige mogelijkheid om de ambulance vrij baan te geven was extra gas geven om zo vóór de auto’s op de rechterrijbaan te komen, met als gevolg dat de maximum snelheid is overschreden, aldus betrokkene. Beoordeling kantonrechter 2.
  7. De kantonrechter is van oordeel dat de gedraging niet kan worden vastgesteld. Uit de foto’s van de gedraging blijkt dat de gedraging is geregistreerd op rijstrook twee “Rijstrook: 2 RD” en dat het voertuig van betrokkene zich op rijstrook drie bevindt. Tevens is te zien dat het voertuig van betrokkene - [kenteken] - op beide foto’s op exact dezelfde positie voor de stopstreep voor het stoplicht staat, terwijl de ambulance op rijstrook twee op de tweede foto voorbij het rode stoplicht is gereden. Op grond daarvan stelt de kantonrechter vast dat het voertuig van betrokkene stil staat. Er kan worden geconcludeerd dat betrokkene op basis van de foto’s in het dossier geen snelheidsovertreding kan hebben begaan. De boete is dus ten onrechte opgelegd. 2.
  8. De kantonrechter bepaalt daarom dat het beroep gegrond is en de beslissing van officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd zullen worden vernietigd. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd; ‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.P. Ploeger, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,
  9. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.