RECHTBANK NOORD-HOLLAND Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Haarlem Zaaknummer: 10919889 \ CV EXPL 24-948 Vonnis van 23 oktober 2024 in de zaak van VIKING TUINBOUWTECHNIEK B.V., gevestigd te Kaag en Brasem, eisende partij, hierna te noemen: Viking, gemachtigde: Stichting Metaalunie Diensten, tegen HUMAKO HOLDING B.V., gevestigd te Rijsenhout, gedaagde partij, hierna te noemen: Humako, vertegenwoordigd door M. Cornelissen 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding - de conclusie van antwoord - het tussenvonnis van 29 mei 2024 - de mondelinge behandeling van 19 september 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- Viking houdt zich bezig met het installeren, onderhouden en repareren van tuinbouwinstallaties, waaronder tuinbouwkassen. Humako houdt zich bezig met bloementeelt (in kassen). Partijen hebben vaker zaken met elkaar gedaan. 2.
- In april 2022 liet Humako een schoorsteen voor de nieuwe WKK-installatie plaatsen in het ketelhuis, die via het glazen dak naar binnen moest worden gebracht. Humako heeft vlak daarvoor Viking de opdracht gegeven om diverse glasplaten van het dak te verwijderen. 2.
- Viking heeft in 2022 ook opdracht gekregen om reparatiewerkzaamheden aan een dekscherm en rolscherm uit te voeren, stormschade te verhelpen en een schermstoring te verhelpen. 2.
- Viking heeft naar aanleiding van voornoemde opdrachten vier facturen verzonden, voor in totaal € 11.207,42 inclusief btw. 2.
- Humako heeft, ondanks sommaties, de facturen onbetaald gelaten. 3Het geschil 3.
- Viking vordert – samengevat – veroordeling van Humako tot betaling van € 11.207,42, vermeerderd met rente en kosten. Zij voert hiertoe aan dat zij in opdracht en voor rekening van Humako werkzaamheden heeft uitgevoerd, dat dit is gebeurd conform de opdrachten en dat eventuele klachten zijn al afgehandeld, zodat Humako de hiervoor verzonden facturen moet betalen. 3.
- Humako voert verweer en stelt dat de werkzaamheden niet goed zijn uitgevoerd met lekkages en gewasschade tot gevolg. Zo heeft Viking het dak rondom de schoorsteen niet volledig (water)dicht gemaakt, terwijl dit wel de opdracht was. Viking is, ondanks de klachten van Humako, niet tot herstel overgegaan. Humako heeft andere bedrijven moeten inschakelen en kosten moeten maken. Verder heeft Viking een bok glas in stukken gesneden waardoor deze niet meer bruikbaar was voor Humako. 3.
- Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan. 4De beoordeling 4.
- Humako heeft ter zitting verduidelijkt dat zij met name bezwaar maakt tegen de factuur inzake het verwijderen van glas op het dak (ad € 4.345,37 inclusief btw). Die opdracht zou Viking niet goed hebben uitgevoerd. Humako heeft vervolgens verrekend met de overige facturen en met de door haar geleden schade. 4.
- Viking betwist dat zij moest zorgen voor correcte terugplaatsing van de glazen dakplaten. Zij heeft toegelicht dat Humako dit weliswaar heeft gevraagd maar dat zij direct heeft aangegeven hiertoe niet in staat te zijn; dit behoort niet tot haar normale bedrijfsvoering. Viking kon enkel voor een noodoplossing zorgen en zij verwees Humako naar een ander bedrijf voor het structureel dichtmaken van het dak. Humako heeft erkend dat het voorgestelde bedrijf inderdaad met haar contact heeft opgenomen. Hieruit moet worden afgeleid dat Viking voor wat betreft deze werkzaamheden niet tekort is geschoten. 4.
- Viking is, naar aanleiding van andere klachten, in november 2022 nog langs geweest bij Humako. Viking heeft toen enkele herstelwerkzaamheden verricht en Humako voorzien van een nieuwe bok glas. Humako heeft, na betwisting van Viking, niet aangegeven wanneer zij na november 2022 nog heeft geklaagd of waarover. Viking mocht er daarom vanuit gaan dat de opdrachten in november 2022 naar tevredenheid waren afgerond en tot betaling zou worden overgegaan. 4.
- Gelet op het voorgaande is Viking niet tekort geschoten in de nakoming van haar verplichtingen jegens Humako. Dat betekent dat Humako de facturen moet betalen. Haar beroep op verrekening wegens door haar geleden schade, kan niet slagen. Nog daargelaten dat Viking haar werkzaamheden naar behoren heeft uitgevoerd (zie hiervoor) geldt dat Humako die gestelde schade op geen enkele wijze heeft onderbouwd. Zij heeft geen stukken overgelegd waaruit de door haar gestelde kosten van reparaties uitgevoerd door derden blijken of waaruit de door haar gestelde gewasschade volgt. Dat Humako een opeisbare vordering op Viking heeft, is dus niet komen vast te staan. Dit is echter wel een vereiste om een beroep op verrekening te laten slagen. 4.
- De conclusie is dat het verweer van Humako niet slaagt. De vordering van Viking wordt daarom toegewezen. 4.
- De incassokosten en wettelijke handelsrente worden als onbetwist toegewezen. 4.
- Humako is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Viking worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 115,22 - griffierecht € 524,00 - salaris gemachtigde € 812,00 (2 punten × € 406,00) - nakosten € 135,00 (plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 1.586,22 4.
- De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing. 5De beslissing De kantonrechter 5.
- veroordeelt Humako om aan Viking te betalen € 11.207,42 aan hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag, vanaf de respectieve vervaldata van de onderliggende facturen, tot de dag van volledige betaling; 5.
- veroordeelt Humako om aan Viking te betalen € 883,07 aan buitengerechtelijke incassokosten; 5.
- veroordeelt Humako om aan Viking te betalen € 1.586,22 aan proceskosten, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Humako niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend; 5.
- veroordeelt Humako tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119a BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald; 5.
- verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad; 5.
- wijst af hetgeen meer of anders gevorderd mocht zijn. Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk en in het openbaar uitgesproken op 23 oktober 2024.