RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie Locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10403729 \ CV EXPL 23-1635 Uitspraakdatum: 31 januari 2024 Verstekvonnis in de zaak van: 1de besloten vennootschapT-Mobile Netherlands B.V. 2. de besloten vennootschap T-Mobile Netherlands Finance B.V. beiden gevestigd te 's-Gravenhage de eisende partijen gemachtigde: Groenendaal & van Krijl Gerechtsdeurwaarders tegen [gedaagde] wonende te [plaats] de gedaagde partij niet verschenen 1De procedure 1.1. Bij tussenvonnis van 10 mei 2023 (hierna: het tussenvonnis) heeft de kantonrechter de eisende partij in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de (on)eerlijkheid van een bepaald beding uit de toepasselijke algemene voorwaarden van T-Mobile Netherlands B.V. (hierna: de algemene voorwaarden). Dat heeft de eisende partij bij akte van 5 juli 2023 (hierna: de akte) gedaan. 2De beoordeling 2.1. De kantonrechter blijft bij wat in het tussenvonnis is overwogen en beslist. Er bestaat geen aanleiding om daarop terug te komen. Buitengerechtelijke incassokosten: artikel 11 algemene voorwaarden 2.2. De eisende partij heeft toegelicht dat zij zonder kosteloze aanmaning een bedrag van € 15,00 in rekening heeft gebracht en zij erkent dat daardoor is afgeweken van hetgeen bepaald is in artikel 6:96 lid 6 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De eisende partij vordert deze kosten ook niet . Ook stelt de eisende partij dat er een juiste veertiendagenbrief is verzonden, voordat bij de gedaagde partij de buitengerechtelijke incassokosten in rekening zijn gebracht. De eisende partij heeft nooit de bedoeling gehad om af te wijken van de wettelijke regeling rondom incassokosten. Ook heeft zij haar werkwijze inmiddels aangepast zodat deze situatie in toekomstige klantrelaties niet meer voor kan komen. 2.3. Zoals ook in het tussenvonnis is overwogen (r.o. 2.14) gaat het om een beoordeling van de bedongen afspraken en is niet relevant of de eisende partij in de praktijk handelt conform de toepasselijke wettelijke bepalingen. Dat de eisende partij feitelijk wel een veertiendagenbrief aan de gedaagde partij heeft gestuurd voordat zij de buitengerechtelijke incassokosten in rekening bracht, laat de kantonrechter dan ook verder buiten beschouwing. De kantonrechter heeft in een eerder vonnis in een andere zaak (eindvonnis: ECLI:NL:RBNHO:2023:13693, te vinden op rechtspraak.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.