RECHTBANK NOORD-HOLLAND Zittingsplaats Alkmaar Bestuursrecht zaaknummer: HAA 24/6828 uitspraak van de voorzieningenrechter van 29 november 2024 in de zaak tussen [verzoeker] , uit [woonplaats] , verzoeker (gemachtigde: mr. V. Poelmeijer), en de Burgemeester van de gemeente Edam-Volendam (gemachtigde: D. Al). Inleiding 1.1 In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoeker in verband met de sluiting van zijn bedrijfspand voor de duur van zes maanden op grond van artikel 174a, eerste lid, onder a, van de Gemeentewet. Het verzoek is het besluit te schorsen tot zes weken nadat de beslissing op bezwaar is genomen. 1.2 Met het bestreden besluit van 22 oktober 2024 heeft verweerder aan verzoeker een last onder bestuursdwang opgelegd, inhoudende dat zijn bedrijfspand voor de duur van zes maanden wordt gesloten. Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt. 1.3 De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 21 november 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, de gemachtigde van verzoeker en de gemachtigde van de burgemeester, vergezeld door [naam] . Totstandkoming van het besluit 2.1 Verzoeker is met zijn autogarage genaamd autohandel [bedrijf 2] , gevestigd op het adres [adres] in [adres] . 2.2 Blijkens een bestuurlijke rapportage van 17 oktober 2024 heeft de politie een doorzoeking gedaan in het bedrijfspand van verzoeker. Deze doorzoeking heeft plaatsgevonden in het kader van een internationaal politieonderzoek in samenwerking met de Deense en de Duitse politie naar aanleiding van een reeks gepleegde plofkraken. Verzoeker is voor deze plofkraken aangehouden voor overdracht naar Duitsland. 2.3 Bij de doorzoeking is een aanzienlijke hoeveelheid munitie aangetroffen. De politie heeft in een kluis die op het kantoor in het bedrijfspand stond, twee lades gevuld met munitie van verschillende kalibers met name bestemd voor zware vuurwapens aangetroffen. Ook is in een kast in dit kantoor een sporttas aangetroffen met lege hulzen. In deze sporttas heeft de politie ook kartonnen verpakkingen van munitie aangetroffen. De aangetroffen munitie valt onder artikel 2, tweede lid, categorie II, onder 1 en 3, van de Wet wapens en munitie. Verzoeker is geen verlofhouder met betrekking tot deze munitie. 2.4 Eerder heeft op 18 april 2024 een integrale controle door de politie plaatsgevonden in het bedrijfspand van verzoeker. Toen was verzoeker ook al huurder van het pand. Daarbij zijn auto’s zonder verzekering, zonder kentekenplaten, en met een verlopen APK in en rondom het pand aangetroffen. Ook zijn er kentekenplaten aangetroffen van gestolen en verduisterde voertuigen. Daarnaast is een vacuümapparaat met daarin resten van cannabis aangetroffen. Ook zijn wapens aangetroffen. Dit betrof een ploertendoder, twee messen, een kruisboog en pijlen voor de kruisboog. Tijdens deze controle is het de controleurs opgevallen dat in en rondom het pand meerdere camera’s waren bevestigd. Dit duidt volgens de burgemeester vaak op de aanwezigheid van (ernstige) ondermijnende criminaliteit. 2.5 Naar aanleiding van de bevindingen van de doorzoeking op 18 april 2024 heeft de burgemeester destijds ook een last onder bestuursdwang opgelegd inhoudende dat het bedrijfspand van verzoeker voor zes maanden werd gesloten. Tegen dit besluit heeft verzoeker ook bezwaar gemaakt, waarbij hij ook een verzoek om een voorlopige voorziening heeft ingediend. Deze voorlopige voorziening is met de uitspraak van 2 juli 2024 toegewezen. De voorzieningenrechter heeft in die uitspraak overwogen dat verweerder ten onrechte artikel 13b van de Opiumwet als grondslag voor de sluiting had gebruikt, omdat er geen drugs in het pand waren aangetroffen, alleen het vacuümapparaat met daarin resten van cannabis. Naar aanleiding van die uitspraak heeft de burgemeester besloten het besluit tot sluiting van het bedrijfspand in te trekken. 2.6 De burgemeester betrekt deze eerdere constateringen bij de huidige oplegging van de last onder bestuursdwang tot sluiten van het bedrijfspand. De grote hoeveelheid aangetroffen munitie zorgt er in combinatie met de eerdere overtredingen voor dat er naast criminele feiten en factoren, ook sprake is van betrokkenheid bij criminele netwerken en ondermijning. Deze criminele netwerken zorgen voor gevaarzetting voor hun onmiddellijke omgeving. De aanwezigheid van munitie brengt diverse risico’s met zich mee, zoals explosiegevaar, risico op criminele activiteiten, gevaar voor hulpdiensten, onveiligheid voor de omgeving en milieurisico’s. De aanwezigheid van munitie heeft ook een brede maatschappelijke impact, aldus de burgemeester. Het aantreffen van een grote hoeveelheid munitie leidt tot gevoelens van onveiligheid, verstoring van het dagelijks leven en een afname van het vertrouwen in de autoriteiten. Er is de afgelopen jaren een toename van beschietingen van woningen en bedrijfspanden. 2.7 Gezien de risico’s is volgens de burgemeester sprake van een ernstige bedreiging van de openbare orde en veiligheid. De burgemeester heeft daarom besloten het bedrijfspand met toepassing van artikel 5:31, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), met ingang van 18 oktober te sluiten voor de duur van 6 maanden. Het verder voorkomen van gevaren en het herstel van de openbare orde rechtvaardigt volgens de burgemeester spoedeisend optreden, waarbij een zienswijze van verzoeker niet kan worden afgewacht. De burgemeester acht het belangrijk dat het pand onmiddellijk wordt onttrokken uit het criminele circuit. Het bestreden besluit is vervolgens op 22 oktober 2024 verzonden. Beoordeling door de voorzieningenrechter 3.1 De voorzieningenrechter wijst het verzoek toe. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet. 3.2 De voorzieningenrechter beoordeelt bij de vraag of zij een voorlopige voorziening zal treffen of het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft. Dat kan een reden zijn om het bestreden besluit te schorsen. Om dit te beoordelen beantwoordt zij aan de hand van de gronden van verzoeker, of de sluiting van het bedrijfspand naar haar voorlopig oordeel stand kan houden. Bevoegdheid burgemeester 4.1 Verzoeker voert aan dat de burgemeester niet bevoegd is om op grond van artikel 174a, eerste lid, onder a, van de Gemeentewet over te gaan tot sluiting, omdat van langdurige overlast die een ernstige ordeverstoring met zich meebrengt, zoals dit artikel vereist, geen sprake is. Voor toepassing van dit artikel moet aan de hand van concrete, objectieve en verifieerbare gegevens aannemelijk worden gemaakt dat zich in en om het pand of op het daarbij behorende erf ernstige gedragingen voordoen, en dat daarvoor verschillende soorten ernstige overlast zich met grote regelmaat en langdurig voordoen, zie vaste rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling). De burgemeester heeft onvoldoende gemotiveerd waar de verstoring van de openbare orde concreet uit blijkt. De burgemeester betrekt bij zijn besluit de vermeende eerdere overtredingen. Er is echter geen sprake van eerdere overtredingen, aangezien de voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat de burgemeester destijds geen bevoegdheid had ex artikel 13b Opiumwet. Het enkel aantreffen van munitie is onvoldoende voor het sluiten van een pand. Verzoeker verwijst in dit kader naar een uitspraak van de Afdeling. Het bedrijf is erkend als stagebedrijf. Dat maakt dat het pand gecontroleerd is en geschikt is bevonden als stageplek. 4.2 De burgemeester stelt zich op het standpunt dat alle omstandigheden tezamen maken dat sprake is van een ernstige verstoring van de openbare orde. Tijdens de integrale controle van 18 april 2024, dus al meer dan een halfjaar geleden, zijn er kentekens aangetroffen van gestolen verduisterde voertuigen in een dure categorie. Een Audi RS6 heeft een nieuwwaarde van € 200.000,-. Daarnaast zijn er toen al wapens aangetroffen waaronder een kruisboog, een ploertendoder en een groot mes. Verder is er een vacuümapparaat met resten van cannabis gevonden. Na de controle op 18 april 2024 is er twee keer een hercontrole geweest door de boa’s, namelijk op 15 mei 2024 en op 11 juni
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.