RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 6590420 \ CV EXPL 18-338 Uitspraakdatum: 18 december 2024 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: 1 [eiser 1], wonende te [plaats 1] 2. [eiser 2]wonende te [plaats 2] 3. [eiser 3]pro se en in hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van zijn minderjarige kind [minderjarige], beiden wonende te [plaats 3] 4. [eiser 4]wonende te [plaats 4] eisers hierna gezamenlijk te noemen: de passagiers gemachtigde: mr. R.A.C. Telkamp (EUclaim B.V.) tegen de buitenlandse vennootschap Easyjet Airline Company gevestigd te Cardiff, Verenigd Koninkrijk gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. B. Koolhaas (BK Legal) De zaak in het kort De passagiers hebben compensatie van de vervoerder gevorderd vanwege een meer dan drie uur vertraagde vlucht. De vervoerder stelt dat de vertraging het gevolg was van (de doorwerking van) buitengewone omstandigheden, namelijk het (wachten op het) ijsvrij maken van het toestel. Het betoog van de vervoerder slaagt en de vorderingen van de passagiers worden afgewezen. 1Het procesverloop 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek;- de akte eisers. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 10 februari 2017 vervoeren van Luton Airport, Londen, Verenigd Koninkrijk, naar Amsterdam-Schiphol Airport, met vlucht U2 2161 dan wel EZY2161 (hierna: de vlucht). 2.2. De passagiers zijn met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming. 2.3. De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder gevorderd. 2.4. De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.1. De passagiers vorderen dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 1.000,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 10 februari 2017, althans vanaf de datum van ingebrekestelling dan wel vanaf de datum van de betekening van de dagvaarding tot aan de dag van de gehele voldoening;- € 181,50 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.2. De passagiers baseren hun vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 per passagier (artikel 7 van de Verordening). 3.3. De vervoerder voert verweer. Hij stelt dat de vertraging van de vlucht het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden (artikel 5 lid 3 van de Verordening). 4De beoordeling 4.1. De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.2. Vast staat dat de passagiers met een vertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming zijn aangekomen. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de vertraging het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. 4.3. Volgens de vervoerder was de vlucht onderdeel van de rotatievlucht Londen – Keflavik (IJsland) – Londen – Amsterdam – Londen – Amsterdam (vluchtnummers EZY2295, EZY2296, EZY2159, EZY2160 en EZY2161). Op de datum van de vlucht was er in Londen sprake van lage temperaturen en een hoge luchtvochtigheid. Dit betekende dat de vliegtuigen ijsvrij gemaakt moesten worden (‘de-icing’). Doordat de de-icingdiensten de hoeveelheid toestellen niet aankonden, moest vlucht EZY2295 van Londen naar Keflavik wachten op het ijsvrij maken. Dit heeft een vertraging van 53 minuten opgeleverd, aldus de vervoerder. Deze vertraging werkte door op de vlucht EZY2296 van Keflavik naar Londen. Omdat er sprake was van vertragingen op Londen, liep de vertraging van vlucht EZY2296 verder op. De luchtverkeersleiding legde beperkingen op aan vlucht EZY2296. Uiteindelijk is deze met 1 uur en 56 minuten vertraging uitgevoerd. 4.4. Deze vertraging werkte door op vlucht EZY2159 van Londen naar Amsterdam en vlucht EZY2160 van Amsterdam naar Londen. Deze vertraging werkte weer door op de vlucht in kwestie. Vanwege deze vertraging liep de bemanning ‘uit de uren’. Dit betekent dat zij de oorspronkelijke planning niet meer uit konden voeren. Er werd een nieuwe bemanning ingezet. De vertrekvertraging van de vlucht in kwestie is vervolgens met nog eens ruim drie uur opgelopen door de weersomstandigheden en de problemen met het ijsvrij maken. Uiteindelijk is de vlucht in kwestie met 4 uur en 58 minuten vertraging uitgevoerd, aldus de vervoerder. 4.5. De passagiers betwisten dit. Zij erkennen dat de vertraging van de vlucht het gevolg was van vertraging bij de de-icingfaciliteiten, maar onder verwijzing naar eerdere vonnissen voeren zij aan dat dit inherent is aan de bedrijfsuitvoering van een luchtvaartmaatschappij. Ook het uit de uren lopen van de bemanning is een operationeel probleem, aldus de passagiers. 4.6. De kantonrechter overweegt dat de passagiers in de conclusie van repliek hebben erkend dat de vertraging van de vlucht het gevolg was van de vertraging bij het ijsvrij maken van het toestel, zodat dit vast staat. Weliswaar is het uit de uren lopen van de bemanning in beginsel een operationeel probleem, maar dit kan anders zijn door bijkomende omstandigheden. In dit geval heeft de vervoerder voldoende onderbouwd dat het uit de uren lopen van de bemanning veroorzaakt werd door de vertraging vanwege het ijsvrij maken van het toestel. Hij heeft daarbij niet gesteld dat het uit de uren lopen van de bemanning aanvullende vertraging heeft opgeleverd. Daarom moet worden beoordeeld of het (wachten
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.