RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10784367 \ CV EXPL 23-7261 Uitspraakdatum: 29 mei 2024 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: [eiseres] wonende te [plaats] eiseres verweerster in de zaak van de tegenvordering hierna te noemen: [eiseres] gemachtigde: mr. Eernstman tegen [gedaagde], handelend onder de naam [bedrijf 1] wonende en zaakdoende te [plaats] gedaagde eiser in de zaak van de tegenvordering hierna te noemen: [gedaagde] gemachtigde: mr. De Bruijn De zaak in het kort Partijen hebben een aannemingsovereenkomst gesloten, op basis waarvan [gedaagde] onder meer de badkamer van [eiseres] zou renoveren. Tussen partijen is in geschil of [gedaagde] tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit die overeenkomst en of hij in verzuim is geraakt. De kantonrechter oordeelt dat dit beide het geval is. Omdat [gedaagde] heeft nagelaten de gebreken te herstellen, zal [gedaagde] vervangende schadevergoeding moeten betalen. 1Het procesverloop 1.1. [eiseres] heeft bij dagvaarding van 26 oktober 2023 een vordering tegen [gedaagde] ingesteld. [gedaagde] heeft schriftelijk geantwoord en een tegenvordering ingesteld. 1.2. Op 6 mei 2024 heeft een zitting plaatsgevonden. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting op hun standpunten naar voren hebben gebracht. Voorafgaand aan de zitting heeft [eiseres] bij brief van 30 april 2024 nog stukken toegezonden. 2De feiten 2.1. Tussen partijen is medio januari 2022 een aannemingsovereenkomst tot stand gekomen op basis waarvan [gedaagde] in de woning van [eiseres] - tegen betaling van een bedrag van € 27.303,87 - de volgende werkzaamheden zou uitvoeren: - renoveren van de badkamer;- renoveren van het toilet, - vervangen van het kozijn en het omzetten van een wand en het stuccen van de hal; - het vervangen van het kozijn in de badkamer;- het vervangen van de voordeur, kozijn en metselwerk. 2.2. [gedaagde] is op 5 september 2022 gestart met de werkzaamheden. De werkzaamheden zijn - zoals afgesproken - binnen zes weken uitgevoerd. 2.3. Bij ingebruikname van de douche door [eiseres] op 7 oktober 2022 stroomde water onder de douchedeur de badkamer in. [gedaagde] heeft desgevraagd te kennen gegeven dat een dorpel ontbreekt en heeft deze op 10 oktober 2022 alsnog geplaatst. 2.4. Per e-mail van 26 oktober 2022 bericht [eiseres] [gedaagde] als volgt:“(…) Naar onze mening is dit geen goede staat van opleveren en dat komt mede door volgende opleveringspunten: In de badkamer:Blussen van drie vloertegels en een tegel op de vensterbank;Twee scheuren in een tegel van de visgraat muur; Een losse tegel links boven in de hoek van de visgraat muur;Een ‘hol geluid’ van een vloertegel; Een ‘hol geluid’ van een tegel naast de wc (buitenkant muur); Een ontbrekend stuk kit tussen raamkozijn en vensterbank;De muur onder de wastafelkast is niet schoon te krijgen door overtollige voeg- en kitresten;Scheuren in de voegen achter de wc.De wc: De wasbak en de afvoer hangen scheef;Scheuren in de voegen achter de wc; (…)Wat we zo jammer vinden is dat de visgraat muur in de badkamer gewoon niet naar wens is. Wij vinden het er niet strak maar rommelig uit zien. Zoals we eerder al schreven, gaf jij aan dat dit door het soort tegel komt maar wat wij dan heel opmerkelijk vinden is dat de visgraat muur in de wc wél helemaal naar wens is. Dit is dan ook het resultaat wat wij ook in de badkamer verwacht hadden. Wij hadden van een vakman een ander resultaat verwacht dan dat jij hebt neergezet en dan met name de afwerkingen en details. Daarnaast vinden we heel onprofessioneel en zeer onprettig hoe jij vandaag (dinsdag 25 oktober ’22) schreeuwende reageerde over de telefoon nadat [eiseres] begon over de opleveringspunten. Wij hopen dat je begrijpt dat ons vertrouwen in jou en jouw vakmanschap kwijt zijn. De verbouwing gaat gepaard met hoge kosten en onze verwachtingen zijn daar dan ook naar. We zijn door de afgelopen periode, spijtig genoeg, nu op het punt aangekomen dat zelfs door het opknappen van alle opleveringspunten, we niet zeker weten of de gewenste resultaten alsnog kunnen worden bereikt.” 2.5. [gedaagde] bericht [eiseres] op 31 oktober 2022: “(…) Er zijn toch nieuwe opleverpunten door jullie geconstateerd. Gezien het feit dat er eerder foto’s zijn gemaakt, wil ik deze punten ook graag vergelijken en beoordelen aan de hand van nieuwe foto’s. Ik wil jullie dan ook vragen om van de, door jullie doorgegeven punten, foto’s te sturen. Graag in geheel en close-up. Ik ontvang deze foto’s graag per mail. Wanneer ik de foto’s heb beoordeeld zal er een officieel opleverdocument worden opgesteld. Hierin zullen concrete afspraken vermeld staan betreffende het herstellen van opleverpunten en betaalafspraken. Wanneer dit document door beide partijen is ondertekend, zal er een vervolgafspraak worden ingepland om deze opleverpunten en de overige werkzaamheden uit te voeren. (…)” 2.6. [eiseres] heeft vervolgens deskundige ing. [betrokkene] gevraagd om de werkzaamheden te beoordelen. Op 18 november 2022 verschijnt het rapport van deskundige ing. [betrokkene]. Dat vermeldt het volgende: “(…) Beoordeling van de werkzaamheden: (…) Badkamer: 10. Kitwerk op diverse plaatsen open en niet strak aangebracht 11. Tegels steken uit; niet vlak aangebracht 12. Tegels aangebracht met blussen van de randen 13. Wandtegelwerk is niet strak aangebracht; tegel tegen achterwand zit los 14. Patroon tegelwerk niet doorgezet tot de vloer 15. Hoe is de ophanging van het badkamer meubel: er zitten dikke kit lagen en hoe is de montage 16. Afvoer met dikke kit laag en 90 graden bocht 17. Badkamer spiegel op de constante spanning aangesloten ipv de hoofdverlichting van de badkamer 18. Meerdere vloertegels zijn niet geheel verlijmd. Er is zelfs een tegel waar beweging inzit (geen foto) 19. Badkamer meubel niet waterpas gemonteerd en onduidelijk hoe de ophanging is gewaarborgd 20. Kranen niet op gelijke hoogte en niet waterpas gemonteerd 21. Beëindigingsstrip tegelwerk sluit niet aan op de wand 22. Beëindiging tegelwerk / kozijn niet strak afgewerkt; tegel in bovenhoek los 23. Gescheurde tegel geplaatst 24. Verlaagd plafond is te laag gemaakt. Hierdoor is het niet mogelijk om het raam open te draaien. Het plafond loopt niet vlak en is iets verhoogd richting de gevel 25. Plafond in de schuine hoek is niet vlak 26. Montage glijstang is niet waterpas 27. Tegelwerk in douchehoek is niet volledig verlijmd. Tegelwerk rondom de draingoot is niet strak. Is voor de draingoot met 2-componenten kit gebruikt? 28. Divers kitwerk niet strak 29. De douchedeur lekt 30. Er zit geen afschot in de douchevloer Nalevering - Aansluiten vloerverwarming in toilet - Glas raam badkamer - Afkitten glas raam badkamer en voordeur. Foto’s via we transfer (…)” 2.7. Op 8 december 2022 bericht [gedaagde] [eiseres] als volgt: “(…) U heeft vervolgens, nadat cliënt de werkzaamheden heeft uitgevoerd, een opleverdocument ondertekend, waaruit blijkt dat de werkzaamheden naar volle tevredenheid zijn opgeleverd. (…)Allereerst wijs ik u namens cliënt op artikel 7:758 Burgerlijk Wetboek. Hierin is bepaald dat een aannemer niet aansprakelijk kan worden gehouden voor gebreken die de opdrachtgever bij de oplevering redelijkerwijs had moeten ontdekken. Cliënt heeft op 10 en 11 oktober werkzaamheden uitgevoerd, waarna u een opleverdocument heeft ondertekend. Op dat moment is het risico van eventuele gebreken op u overgegaan als opdrachtgever. (…)Het had dan ook op uw weg gelegen om tijdens de oplevering het werk zorgvuldig te controleren en de eventuele gebreken te melden aan cliënt. Nu u dat niet heeft gedaan en het opleverdocument heeft ondertekend, kunt u cliënt niet aansprakelijk stellen voor de vermeende gebreken. Ten tweede betwist ik namens cliënt de inhoud van het rapport van uw vermeend bouwkundig adviseur. (…) Concluderend, cliënt is wettelijk gezien niet verplicht de vermeende gebreken kosteloos te herstellen. Cliënt wijst dan ook enige aansprakelijkheid af. (…)” 2.8. Per e-mail van 31 december 2022 stelt [eiseres] [gedaagde] in gebreke en verzoekt zij hem om de gebreken, zoals genoemd in het rapport van ing. [betrokkene], binnen 14 dagen te herstellen onder de mededeling dat indien hieraan geen gevolg wordt gegeven, geen nakoming maar vervangende schadevergoeding zal worden gevorderd. 2.9. Per e-mail van 13 januari 2023 bericht [gedaagde] dat hij op grond van artikel 7:758 Burgerlijk Wetboek (BW) niet aansprakelijk kan worden gehouden voor gebreken die ten tijde van de oplevering ontdekt hadden kunnen worden. Verder verwijst [gedaagde] naar zijn eerdere bericht van 8 december 2022 en verzoekt hij bij een eventueel deskundigenonderzoek aanwezig te mogen zijn. 2.10. [eiseres] heeft vervolgens Bureau voor Bouwpathologie gevraagd om de werkzaamheden te beoordelen. Op 23 maart 2023 heeft dit onderzoek plaatsgevonden. [gedaagde] was hierbij aanwezig. 2.11. Bureau voor Bouwpathologie heeft op 11 mei 2023 een rapport uitgebracht waarin onder meer staat: “(…) Onderstaand volgt een opsomming van de tijdens de opname gedane meest relevant geachte mededelingen.(…)3. Er heeft (nog) geen oplevering plaatsgevonden. (…)Alle omschreven gebreken die door de heer ing. [betrokkene] zijn omschreven, heeft ondergetekende ook waargenomen. Alleen punt 14 heeft ondergetekende niet waargenomen (zie waarneming 34 van onderhavige rapportage). Met betrekking tot punt 24 is het plafond niet te laag geplaatst, maar is de bevestiging onthecht.(…) Om bovenstaande gebreken te herstellen worden de herstelkosten geraamd tussen de circa € 5.885,- en € 6.550,- excl. BTW. Dit bedrag is inclusief manuren, materiaal en materieel. In dit bedrag is ook een tijdelijke rolsteiger meegenomen en de kosten van NEN 1010 keuring (van circa € 275,- excl. BTW..). Indien mogelijk dienen materialen te worden hergebruikt tenzij deze zijn beschadigd. Hier is in de kostenraming ook rekening gehouden. Als uit de NEN 1010 keurig blijkt dat er nog herstelwerkzaamheden moeten plaatsvinden, kunnen de kosten hierdoor ook oplopen. (…) TOELICHTING HERSTELKOSTENRAMING(…) Bij de bepaling van de herstelkosten van het noodzakelijk geachte herstel, is ondergetekende uitgegaan van een gemiddeld uurloon van € 55,00 excl. B.T.W.. Alle genoemde bedragen zijn totaalprijzen exclusief 9% en 21% B.T.W.. Bij het bepalen van de herstelkosten is geen rekening gehouden met het eventueel ontruimen van de woning en/of kosten gemoeid met tijdelijk andere huisvesting. De door Bouwpathologie genoemde herstelkosten zijn bepaald op basis van een stabiele marktsituatie. Op dit moment is de bouw zodanig gespannen dat prijzen/offertes van aannemers sterk uiteen kunnen lopen. Zo ook zal de constatering bij zogenaamd “besmet werk” voor andere aannemers zeer prijsverhogend kunnen werken. (…)” 2.12. De kosten van het deskundigenonderzoek van het Bureau voor Bouwpathologie bedragen € 1.965,00. 2.13. Per e-mail van 13 juni 2023 stuurt [eiseres] het rapport van het Bureau voor Bouwpathologie door naar [gedaagde]. In zijn e-mail van 21 juni 2023 geeft [gedaagde] te kennen zich niet te kunnen vinden in het rapport en voornemens te zijn een contra-expertise uit te laten voeren. In reactie hierop laat [eiseres] [gedaagde] weten niet in te stemmen met een contra-expertise indien hij niet inhoudelijk per gebrek onderbouwd aangeeft waarom hij het niet eens is met de deskundige. Hierop reageert [gedaagde] per e-mail van 24 juli 2023. 2.14. Op 31 juli 2023 brengt Bouwbedrijf [bedrijf 2] een offerte “Herstel uitgevoerde werkzaamheden” uit tot een bedrag van € 25.333,95. De kosten van de offerte bedragen € 550,00. 2.15. Per e-mail van 8 augustus 2023 verzoekt [eiseres] [gedaagde] om het schadebedrag van € 25.333,95 binnen vijf werkdagen te betalen. [gedaagde] is niet tot betaling overgegaan. 3De vordering 3.1. [eiseres] vordert dat [gedaagde] bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van € 25.000,00. Daarnaast vordert zij veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten. 3.2. [eiseres] legt aan de vordering ten grondslag dat [gedaagde] tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst doordat hij ondeugdelijk werk heeft geleverd. Ter onderbouwing verwijst [eiseres] naar een rapport van ing. [betrokkene], naar een rapport van Bureau voor Bouwpathologie, naar een offerte van Bouwbedrijf [bedrijf 2] en naar een meetverslag van AB Lekdetectie B.V. [gedaagde] is in gebreke gesteld en heeft nagelaten om alsnog deugdelijk na te komen, waardoor hij in verzuim is komen te verkeren. Om die reden vordert [eiseres] vervangende schadevergoeding, vermeerderd met vergoeding van kosten van een deskundigenonderzoek en van kosten vanwege het opstellen van de offerte. Doordat [gedaagde] dit bedrag niet heeft betaald, is hij ook buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd. Vanwege proceseconomische redenen beperkt zij haar vorderingen tot een bedrag van in totaal € 25.000,00, aldus [eiseres]. 4Verweer in de hoofdzaak en de tegenvordering 4.1. [gedaagde] betwist de vordering en voert daartoe aan dat hij op 7 oktober 2022 de badkamer heeft opgeleverd aan [eiseres]. Dit blijkt onder meer uit de ingebruikname van de badkamer op 7 oktober 2022 en uit door [eiseres] gestuurde e-mail van 26 oktober 2022, waaruit moet worden afgeleid dat zij op 11 oktober 2022 akkoord is gegaan met het opleverdocument. Omdat [eiseres] heeft nagelaten bij de inspectie van de badkamer op 11 oktober 2022 alle op dat moment vermeend aanwezige gebreken vast te leggen, kan hij niet meer aansprakelijk worden gehouden voor de vermeende gebreken die na 11 oktober 2022 zijn gemeld, aldus [gedaagde]. 4.2. Voor het geval de kantonrechter van oordeel is dat [gedaagde] wel aansprakelijk kan worden gehouden voor deze gebreken, betwist [gedaagde] een aantal punten uit het deskundigenrapport dat is opgesteld door Bureau voor Bouwpathologie. Zo staat in het rapport, onder 3a, dat in de vloer van de douche een afschot ontbreekt. Dit is onjuist. Op foto’s 153 tot en met 158 van het rapport is zichtbaar dat sprake is van 8 mm afschot, waardoor de vloer voldoet aan de uitvoeringsrichtlijn van URL35-101. Verder is de mechanische ventilatie en de vloerwarming in de badkamer wel aangesloten. Er dient alleen nog een rooster te worden geplaatst, dat [eiseres] zelf zou aanschaffen en plaatsen, aldus [gedaagde]. 4.3. Verder voert [gedaagde] aan dat hij meerdere malen heeft aangeboden om tot herstel over te gaan. [eiseres] heeft echter te kennen gegeven dat zij de werkzaamheden door een derde zal laten uitvoeren. [gedaagde] heeft hierop verzocht een contra-expertise te mogen uitvoeren, maar heeft daartoe geen gelegenheid gekregen. [gedaagde] meent dan ook dat hij niet in verzuim is komen te verkeren. 4.4. Voor het geval de kantonrechter van oordeel is dat [gedaagde] wel in verzuim is en een vervangende schadevergoeding dient te betalen, betwist [gedaagde] de hoogte van het gevorderde bedrag. In het rapport van Bureau voor Bouwpathologie wordt geconcludeerd dat herstel mogelijk is voor een bedrag van maximaal € 6.550,00 exclusief BTW. In de offerte van Bouwbedrijf [bedrijf 2] wordt uitgegaan van volledige vernieuwing van de badkamer en het toilet. Ten slotte beroept [gedaagde] zich voor een bedrag van € 2.730,39 op verrekening in verband met een openstaande vordering op [eiseres]. 4.5. [gedaagde] vordert bij wijze van tegenvordering: a.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.