← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:10064

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11303125 \ CV EXPL 24-6386 Uitspraakdatum: 16 juli 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de vennootschap naar het recht harer vestiging AirHelp Germany GmbH gevestigd te Berlijn (Duitsland) eiseres hierna te noemen: AirHelp gemachtigde: mr. D.E. Lof tegen de buitenlandse vennootschap Lot Polish Airlines Polskie Linie Lotnicze “Lot” gevestigd te Warschau (Polen) gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: [gemachtigde] De zaak in het kort AirHelp heeft van de vervoerder (onder meer) compensatie gevraagd voor een geannuleerde vlucht. De vervoerder voert aan dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Dit verweer houdt geen stand, omdat niet is komen vast te staan dat de weersomstandigheden op en rond de luchthaven van Krakau zodanig slecht waren dat de vlucht in kwestie geannuleerd moest worden. De vordering tot compensatie is toewijsbaar. 1Het procesverloop 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek. 1.
  2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
  3. [betrokkene] (hierna: de passagier) heeft een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan de vervoerder hem op 22 mei 2024 moest vervoeren van Krakow-Balice International Airport, Krakau (Polen) naar Amsterdam-Schiphol Airtport, via Warsaw Chopin Airport, Warschau (Polen), met vluchtcombinatie: LO3906 en LO
  4. 2.
  5. De vlucht van Krakau naar Warschau, met vluchtnummer LO3906 (hierna: de vlucht) is geannuleerd. 2.
  6. De passagier heeft zijn vermeende vorderingsrecht middels cessie overgedragen aan AirHelp. AirHelp heeft compensatie van de vervoerder gevorderd. De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.
  7. AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 250,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening; - de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
  8. AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de vervoerder haar vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 (artikel 7 van de Verordening). 3.
  9. De vervoerder voert verweer. Hij voert aan dat de annulering van de vlucht gevolg was van buitengewone omstandigheden. De vlucht is geannuleerd door de slechte weersomstandigheden op en rond Krakau. De daardoor ontstane vertraging kon ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden (artikel 5 lid 3 van de Verordening). 4De beoordeling 4.
  10. De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat zij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.
  11. Vast staat dat de vlucht LO3906 is geannuleerd, zodat de vervoerder op grond van de Verordening in beginsel gehouden is AirHelp te compenseren. Dit is anders indien de vervoerder kan aantonen dat de vertraging het gevolg is van buitengewone omstandigheden als bedoeld in artikel 5, lid 3 van de Verordening. 4.
  12. Ten aanzien van het beroep van de vervoerder op de aanwezigheid van buitengewone omstandigheden geldt (in algemene zin) het volgende. In punt 14 van de Considerans van de Verordening staat dat dergelijke omstandigheden zich kunnen voordoen in geval van weersomstandigheden die de uitvoering van de vlucht in kwestie verhinderen en in geval van onverwachte vliegveiligheidsproblemen. 4.
  13. De vervoerder voert aan dat op 22 mei 2024 sprake was van gevaarlijke weersomstandigheden op de luchthaven van Krakau. Uit het door hem overgelegde METAR-rapport volgt dat meerdere “TSRA”-codes zijn afgegeven, wat volgens de vervoerder staat voor ‘storm met regen’. Door een gebrek aan verbetering van de weersomstandigheden is de vlucht geannuleerd. 4.
  14. De kantonrechter is van oordeel dat het beroep van de vervoerder op buitengewone omstandigheden wegens de slechte weersomstandigheden op de luchthaven van Krakau niet slaagt. Daartoe is redengevend dat uit het METAR-rapport volgt dat de laatste “TSRA”-code is afgegeven om 13:30 uur, terwijl de vlucht in kwestie om 15:00 uur gepland stond te vertrekken. De vervoerder heeft dan ook – tegenover de betwisting daarvan door AirHelp – onvoldoende concreet gesteld en onderbouwd dat op 22 mei 2024 sprake was van zodanige slechte weersomstandigheden op de luchthaven van Krakau dat de vlucht in kwestie geannuleerd moest worden. 4.
  15. Dat de aan de vlucht voorafgaande vlucht door de slechte weersomstandigheden een holding-procedure moest uitvoeren nabij de luchthaven van Krakau en daardoor vertraagd op de luchthaven is aangekomen, leidt niet tot een ander oordeel. De voorafgaande vlucht is immers (met vertraging) om 13:43 uur geland op de luchthaven van Krakau, terwijl de vlucht in kwestie gepland stond te vertrekken om 15:00 uur. 4.
  16. Omdat het beroep op buitengewone omstandigheden niet slaagt, kan de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de annulering van de vlucht te voorkomen, onbeantwoord blijven. De vordering tot compensatie is toewijsbaar, evenals de gevorderde rente daarover. 4.
  17. De vervoerder zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
  18. veroordeelt de vervoerder tot betaling aan AirHelp van € 250,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 22 mei 2024 tot aan de dag van voldoening; 5.
  19. veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van AirHelp tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd: dagvaarding € 135,97;griffierecht € 130,00;salaris gemachtigde € 164,00; vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis; 5.
  20. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S. Kleij, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.