← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:11272

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Familie- en Jeugdrecht Locatie Alkmaar Zaaknummer: C/15/361981 / JU RK 25-222 Datum uitspraak: 13 februari 2025 Beschikking van de kinderrechter over een spoedmachtiging gesloten jeugdhulp in de zaak van De Jeugd- & Gezinsbeschermers, hierna te noemen de GI, wonende in Amsterdam, over [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] , hierna te noemen [de minderjarige] , advocaat mr. van der Weide te Heerhugowaard. De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [de moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende in [plaats] . [de vader] , hierna te noemen de vader, wonende in [plaats] . 1Het verloop van de procedure 1.

  1. De kinderrechter neemt mee in de beoordeling: het schriftelijke verzoek van de GI met bijlagen, ontvangen op 13 februari
  2. de telefonische verklaring van de gedragswetenschapper van 13 februari
  3. 2De feiten 2.
  4. De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige] . 2.
  5. [de minderjarige] verblijft bij [verblijfplaats] in een open setting in [plaats] . 3Het verzoek 3.
  6. De GI verzoekt een spoedmachtiging te verlenen om [de minderjarige] uit huis te plaatsen in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de duur van vier weken. De GI verzoekt hierop te beslissen zonder de belanghebbenden te horen. 3.
  7. De GI verzoekt daarnaast om aansluitend een machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp te verlenen voor de duur van drie maanden. 4De beoordeling 4.
  8. De kinderrechter heeft de volgende informatie ontvangen. De afgelopen weken is de situatie rondom [de minderjarige] verslechterd. In de huidige open setting wordt gezien dat zij momenteel niet de structuur en begeleiding accepteert die zij nodig heeft. Ze trekt zich steeds vaker terug op haar kamer, vermijdt contact met de groepsleiding en vertoont depressieve signalen. Daarnaast is haar motivatie voor school volledig afgenomen. Gesprekken met leerplicht hebben geen effect. Ook binnen haar behandeling zet deze lijn zich door: ze neemt niet structureel deel aan haar therapieën en afspraken bij Brijder. Er zijn signalen dat [de minderjarige] in drugsgebruik is teruggevallen. Van 9 op 10 februari werd duidelijk hoe zorgelijk de situatie is. [de minderjarige] bleef die avond weg uit de groep en werd uiteindelijk onder invloed teruggevonden in [plaats] . Ze had met haar dealer afgesproken en 2CB gekocht. Later gaf ze toe dat ze vier XTC-pillen tegelijk had ingenomen, een extreem hoge en levensgevaarlijke dosering. Ze bagatelliseerde de ernst van de situatie en toonde geen enkel inzicht in de risico’s. Bij de kamercontrole leverde ze diverse soorten drugs in die ze in bezit had. De gedragswetenschapper heeft [de minderjarige] vandaag gesproken en de kinderrechter telefonisch meegedeeld in te stemmen met een machtiging gesloten jeugdzorg, zo kort als mogelijk is en zolang als dat nodig is. De bevindingen zullen morgen aan de rechtbank worden toegezonden. 4.
  9. Op basis van deze informatie is de kinderrechter van oordeel dat onmiddellijke verlening van jeugdhulp noodzakelijk is. De kinderrechter heeft een ernstig vermoeden dat er nog steeds ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen zijn die de ontwikkeling van [de minderjarige] naar volwassenheid ernstig belemmeren. Deze problemen maken dat het verblijf in een gesloten instelling noodzakelijk en geschikt is om te voorkomen dat [de minderjarige] zich onttrekt aan de jeugdhulp die zij nodig heeft of daaraan door anderen wordt onttrokken. Het is niet gebleken dat er minder ingrijpende mogelijkheden zijn om deze problemen te behandelen. 4.
  10. De kinderrechter is ook van oordeel dat een zitting niet kan worden afgewacht zonder onmiddellijk en ernstig gevaar voor [de minderjarige] , omdat [de minderjarige] niet alleen zichzelf maar ook anderen in gevaar bengt. Daarom machtigt de kinderrechter de GI om [de minderjarige] uit huis te plaatsen in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de duur van vier weken. 4.
  11. De GI, [de minderjarige] , haar advocaat en de belanghebbenden worden in de gelegenheid gesteld hun mening te geven. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden. 5De beslissing De kinderrechter: 5.
  12. verleent een spoedmachtiging om [de minderjarige], geboren op [geboortedatum] in [plaats] , uit huis te plaatsen in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp met ingang van 13 februari 2025 voor de duur van 4 weken; verklaart de beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad; 5.
  13. houdt de behandeling van het verzoek voor het overige aan; 5.
  14. roept de GI, de vader, de moeder en [de minderjarige] en haar advocaat op voor de zitting op [datum] om [tijdstip] in het [verblijfplaats] te [plaats] , [adres] . Deze beschikking is gegeven door A.S. van Leeuwen, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 13 februari 2025, in aanwezigheid van A.B. Verweij als griffier. Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak; door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend bij de griffie van het gerechtshof te Amsterdam. Artikel 6.1.3, tweede lid, Jeugdwet (Jw).

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.