← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:11385

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Sectie Familie & Jeugd Locatie Haarlem Jeugdstrafrecht Parketnummer: 15/260050-23 Uitspraakdatum: 23 juli 2025 Beslissing op de vordering tot wijziging van de invulling van de gedragsbeïnvloedende maatregel (GBM) in de zaak van [de veroordeelde] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] , wonende te [adres] , thans gedetineerd in [JJI] te [plaats] , hierna te noemen de veroordeelde, raadsvrouw mr. N. de Vos, kantoorhoudende te Amsterdam. 1De procedure 1.

  1. De meervoudige kamer jeugdstrafzaken van deze rechtbank heeft op 21 november 2024 aan de veroordeelde onder meer een GBM opgelegd voor de duur van twaalf maanden, subsidiair zes maanden jeugddetentie. De GBM houdt in dat de veroordeelde: meewerkt aan het toezicht en de begeleiding vanuit de Jeugdbescherming Regio Amsterdam, afdeling jeugdreclassering; meewerkt aan de inzet van een JIM (Je Ingebrachte Mentor); meewerkt aan weekschema’s voor de gehele duur van de GBM; de individuele behandeling bij De Waag voortzet voor het versterken van zijn eigen identiteit, gewetensontwikkeling en weerbaarheid; meewerkt aan Psychomotorische therapie bij de Waag; meewerkt aan Systemische behandeling bij de Waag; meewerkt aan begeleiding door een coach vanuit Kaliber Multizorg; meewerkt aan een zinvolle dagbesteding in de vorm van werk, naast school of wanneer school stopt, in de plaats van school. 1.
  2. Op 2 juli 2025 heeft de rechtbank de tijdelijke opneming van de veroordeelde in een justitiële jeugdinrichting voor de duur van vier weken bevolen. 1.
  3. De jeugdreclassering van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Regio Amsterdam heeft op 19 juni 2025 een rapport geschreven waarin onder meer staat dat het gedrag van de veroordeelde aanleiding geeft om de invulling van de GBM te wijzigen en dat die wijziging in het belang is van de ontwikkeling van de veroordeelde. 1.
  4. De Raad voor de Kinderbescherming heeft op 8 juli 2025 een briefrapport uitgebracht waarin de Raad adviseert de GBM te wijzigen zoals door de jeugdreclassering voorgesteld, namelijk dat de GBM niet langer inhoudt dat de veroordeelde meewerkt aan de inzet van een JIM (Je Ingebrachte Mentor) en aan psychomotorische therapie bij de Waag. 1.
  5. De officier van justitie heeft op 14 juli 2025 een vordering tot wijziging van de GBM ingediend. Die vordering strekt tot wijziging van de inhoud van de GBM zoals door de jeugdreclassering en de Raad voor de Kinderbescherming geadviseerd. 1.
  6. De raadsvrouw van de veroordeelde heeft de rechtbank op 17 juli 2025 per mail bericht dat de veroordeelde instemt met de gevorderde wijziging van de GBM. 1.
  7. De rechtbank heeft de vordering met instemming van de officier van justitie en de raadsvrouw van de veroordeelde op 23 juli 2025 schriftelijk, zonder behandeling op zitting, behandeld. 2De beoordeling De rechtbank is van oordeel dat het gedrag van de veroordeelde reden is voor wijziging van de GBM en dat de wijziging van de GBM in het belang is van de ontwikkeling van de veroordeelde. De rechtbank vindt dat omdat uit de rapporten van de jeugdreclassering en de Raad voor de Kinderbescherming blijkt dat de veroordeelde de psychomotorische therapie bij de Waag inmiddels positief heeft afgesloten en dat er op dit moment niemand is in het netwerk van de veroordeelde die de rol van de JIM op zich kan nemen. Daarnaast is het voor de inzet van een JIM helpend als dit op vrijwillige basis gebeurt. De rechtbank wijst daarom de vordering van de officier van justitie toe en wijzigt de invulling van de GBM zoals hierna bepaald. 3De toepasselijke wetsbepaling De te geven beslissing is gegrond op artikel 6:6:34 van het Wetboek van Strafvordering. 4De beslissing De rechtbank: 4.
  8. wijst de vordering van de officier van justitie van 14 juli 2025 toe; 4.
  9. wijzigt de invulling van de GBM als volgt: De GBM bestaat voortaan eruit dat de veroordeelde: meewerkt aan het toezicht en de begeleiding vanuit de Jeugdbescherming Regio Amsterdam, afdeling jeugdreclassering; meewerkt aan weekschema’s voor de gehele duur van de GBM; de individuele behandeling bij De Waag voortzet voor het versterken van zijn eigen identiteit, gewetensontwikkeling en weerbaarheid; meewerkt aan Systemische behandeling bij de Waag; meewerkt aan begeleiding door een coach vanuit Kaliber Multizorg; meewerkt aan een zinvolle dagbesteding in de vorm van werk, naast school of wanneer school stopt, in de plaats van school. Deze beslissing is gegeven door mr. J. Lintjer, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. A. Hausenblasová als griffier, en in het openbaar uitgesproken op 23 juli 2025.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.