RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11212089 \ CV EXPL 24-4976 Uitspraakdatum: 27 augustus 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de rechtspersoon naar buitenlands recht AirHelp Germany GmbH gevestigd te Berlijn (Duitsland) eiseres hierna te noemen: Airhelp gemachtigde: mr. D.E. Lof tegen de rechtspersoon naar buitenlands rechtTurk Havayollari A.O. gevestigd te Ankara (Turkije) gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. M.J. Leuvenink-Verwijs 1Het procesverloop 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek;- de akte eiseres. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2Feiten 2.
- [betrokkene 1], [betrokkene 2] en [betrokkene 3] (hierna: de passagiers) hebben met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 20 november 2023 vervoeren van Amsterdam Schiphol Airport via Istanbul (Turkije) naar Antalya (Turkije). 2.
- De vlucht van Amsterdam naar Istanbul (TK7769, hierna: de vlucht) is vertraagd uitgevoerd. De passagiers hebben de aansluitende vlucht naar Antalya gemist. 2.
- De passagiers hebben hun eventuele vorderingsrecht aan Airhelp overgedragen. 2.
- Airhelp heeft compensatie van de vervoerder gevorderd. De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.
- Airhelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 1.200,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
- Airhelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). Airhelp stelt dat de vervoerder vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,- per passagier (artikel 7 van de Verordening). 3.
- De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.
- Als onbetwist staat vast dat de vertrekvertraging van 60 minuten voor 38 minuten is veroorzaakt door buitengewone omstandigheden. Tijdens de vlucht is een deel van de vertraging ingelopen, zodat de vlucht met 41 minuten vertraging is aangekomen op de luchthaven van Istanbul. In deze stand van zaken wordt de vertraging naar het oordeel van de kantonrechter voor de duur van 38 minuten aangemerkt als het gevolg van buitengewone omstandigheden. 4.
- Resteert de vraag of de vervoerder voldoende redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging van de passagiers te voorkomen of te beperken. Airhelp heeft in dit verband gesteld dat de vervoerder onvoldoende buffer in de overstaptijd heeft ingeruimd. 4.
- Het uitgangspunt is dat de vervoerder in het stadium van de planning van de vlucht redelijkerwijs rekening moet houden met het risico op vertraging die het gevolg kan zijn van buitengewone omstandigheden. Om die reden wordt een buffer van ten minste twintig minuten bovenop de minimale overstaptijd noodzakelijk geacht. Hiervoor is geoordeeld dat de buitengewone omstandigheden tot een vertraging van 38 minuten hebben geleid. De kantonrechter concludeert dat, ook al had de vervoerder voldoende reservetijd in acht genomen, de passagiers hun aansluitende vlucht niet meer hadden kunnen halen. Deze stelling slaagt daarom niet. Airhelp heeft niet gesteld welke maatregelen de vervoerder nog meer of anders had kunnen nemen. 4.
- De conclusie is dat de kantonrechter de vordering van Airhelp zal afwijzen. 4.
- De proceskosten komen voor rekening van Airhelp, omdat zij ongelijk krijgt. Daarbij wordt Airhelp ook veroordeeld tot betaling van nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd met de kosten van betekening van het vonnis. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
- wijst de vordering af; 5.
- veroordeelt Airhelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 270,00 aan salaris van de gemachtigde; 5.
- veroordeelt Airhelp tot betaling van € 67,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd (als betekening plaatsvindt), met de kosten van betekening van het vonnis; 5.
- verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter Zie ook de uitspraak van het Hof van 12 mei 2011 (Eglitis/Latvijas C-294/10).