← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:12713

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Alkmaar Zaaknummer: 11355553 \ CV EXPL 24-3408 / MdV Vonnis van 15 oktober 2025 in de zaak van de besloten vennootschap HEIMSTADEN NEDERLANDEN 8A B.V., te Amsterdam, eisende partij, hierna te noemen: Heimstaden , gemachtigde: mr. E.L.B. Hundscheidt, tegen de besloten vennootschap DE BEWINDVOERDER ALKMAAR E.O. B.V., in haar hoedanigheid van bewindvoerder over de goederen van [onderbewindgestelde] te Alkmaar, gedaagde partij, hierna ieder afzonderlijk te noemen: de bewindvoerder en [onderbewindgestelde] gemachtigde: mr. I.C. Andréa. 1De verdere procedure 1.

  1. Het verdere verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 25 juni 2025- de akte van Heimstaden - de akte van [onderbewindgestelde] . 1.
  2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De verdere beoordeling 2.
  3. In het tussenvonnis heeft de kantonrechter geoordeeld dat het huurprijswijzigingsbeding uit de tussen Heimstaden en [onderbewindgestelde] gesloten huurovereenkomst oneerlijk is. Heimstaden is daarom in de gelegenheid gesteld een aangepaste berekening van de huurachterstand te overleggen, hetgeen zij middels de door haar genomen akte heeft gedaan. Uit die berekening volgt dat er, uitgaande van de huurprijs zoals die bij aanvang van de huurovereenkomst gold, tot en met augustus 2025 geen sprake meer is van een huurachterstand, maar van een voorstand van € 1.160,
  4. De bewindvoerder heeft de door Heimstaden overgelegde berekening niet weersproken. Dat er geen sprake meer is van een huurachterstand maakt dat de vordering van Heimstaden wordt afgewezen. 2.
  5. Volgens Heimstaden moet de bewindvoerder echter nog wel de proceskosten betalen, hetgeen door de bewindvoerder is betwist. De kantonrechter oordeelt ten aanzien van dit punt als volgt. 2.
  6. Uit het overzicht met de herberekening van de huurachterstand volgt dat er op het moment dat de dagvaarding werd betekend sprake was van een huurachterstand van € 1.531,
  7. Hetgeen neerkomt op een huurachterstand van ruim 3 maanden. Heimstanden heeft vanwege deze huurachterstand mogen besluiten om tot dagvaarding over te gaan, zeker nu het niet de eerste keer was dat [onderbewindgestelde] een huurachterstand liet ontstaan. Dat door een hoge eindafrekening stookkosten financiële problemen bij [onderbewindgestelde] zijn ontstaan en hij daardoor het overzicht is kwijtgeraakt, zijn omstandigheden die voor zijn rekening en risico komen en hij niet aan Heimstaden kan tegenwerpen. De kosten voor de procedure zijn dan ook terecht door Heimstaden gemaakt en komen daarom voor rekening van de bewindvoerder. Wel ziet de kantonrechter aanleiding om het griffierecht en het salaris gemachtigde te berekenen over de huurachterstand zoals die er ten tijde van het uitbrengen van de dagvaarding daadwerkelijk was. Verder komen de kosten van de naar aanleiding van het tussenvonnis genomen akte niet voor vergoeding door de bewindvoerder in aanmerking, aangezien het aan Heimstaden zelf te wijten is dat deze akte moest worden genomen. 2.
  8. De proceskosten van Heimstaden worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 136,72 - griffierecht € 372,00 - salaris gemachtigde € 408,00 (2 punten × € 204,00) - nakosten € 135,00 Totaal € 1.051,72 2.
  9. De kantonrechter gaat er vanuit dat partijen de proceskosten zullen verrekenen met de voorstand op de huurbetalingen. 3De beslissing De kantonrechter 3.
  10. wijst de vorderingen van Heimstaden af, 3.
  11. veroordeelt [onderbewindgestelde] in de proceskosten van € 1.051,72, 3.
  12. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad, 3.
  13. wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. F.J. Lourens en in het openbaar uitgesproken op 15 oktober 2025.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.