← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:13432

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknummer : 11322891 \ WM VERZ 24-1424 CJIB-nummer : ['nummer'] Uitspraakdatum : 5 februari 2025 Uitspraak op een beroep tegen een boete op grond van de Wet administratief- rechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam [betrokkene] adres : [betrokkene] woonplaats : [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene). De verkeersboete en het beroep Aan betrokkene is een boete opgelegd voor een verkeersovertreding (negeren geslotenverklaring). Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de boete. Het beroep is behandeld op de zitting van 5 februari

  1. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen. Er is op de zitting uitspraak gedaan. De beoordeling Betrokkene heeft in het beroepsschrift aangevoerd dat het op dat moment, vanwege Bevrijdingsdag, enorm druk was in de stad. De Marktstraat en Luttik Oudorp waren geblokkeerd, waardoor betrokkene zijn garage niet op een andere manier kon bereiken. Op de zitting legt betrokkene een plattegrond over van de situatie ter plaatse en stelt aanvullend dat de politie hem op dat moment zelfs heeft geholpen om verder te kunnen rijden en hem dus niet heeft aangehouden omdat het zo verschrikkelijk druk was. De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft een aanvullend proces-verbaal laten opmaken door de verbalisant en heeft dit op de zitting aan de betrokkene en de kantonrechter overgelegd. De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft vervolgens meegedeeld de beslissing en het standpunt te handhaven en heeft de kantonrechter verzocht om het beroep ongegrond te verklaren. De kantonrechter oordeelt dat de boete terecht is opgelegd. Uit de verklaring van de verbalisant blijkt voldoende dat de overtreding waarvoor de boete is opgelegd, is begaan. De kantonrechter ziet echter wel aanleiding om de boete te matigen, gelet op de door betrokkene, met name ter zitting, aangevoerde bijzondere omstandigheden. De boete zal worden gematigd tot nihil. Het beroep is gelet op de matiging gegrond. De beslissing van de officier van justitie zal worden gewijzigd. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ wijzigt de beslissing van de officier van justitie, in die zin dat de boete wordt gematigd tot nihil; ‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt. Deze uitspraak is gedaan door mr. I.H. Lips, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 Wahv hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,
  2. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.