RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknummer : 11322923 \ WM VERZ 24-1432 CJIB-nummer : ['nummer'] Uitspraakdatum : 3 maart 2025 Uitspraak op een beroep tegen een boete op grond van de Wet administratief- rechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [betrokkene] woonplaats : [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene). De verkeersboete en het beroep Aan betrokkene is een boete opgelegd voor een verkeersovertreding. Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de boete. Het beroep is behandeld op de zitting van 5 februari
- Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen, tezamen met zijn moeder. Er is na de zitting uitspraak gedaan. De beoordeling Betrokkene heeft in zijn beroepschrift en op de zitting aangevoerd dat het bandje van zijn helm wel goed vast zat, zoals hij dat altijd doet. Betrokkene stelt op de zitting dat de door de verbalisant genoteerde verklaring bij staandehouding, opgenomen in het zaakoverzicht, niet klopt. De verbalisant had iemand anders staande gehouden toen betrokkene langs reed. De verbalisant begon toen te schreeuwen en zei, nadat betrokkene was gestopt, dat de kinband van de helm te los zat. Betrokkene stelt dat hij direct aangaf dat hij zijn vinger er nog tussen kon doen en het altijd zo doet. Betrokkene geeft verder aan dat hij op dat moment van zijn werk kwam en onderweg was naar huis en dus helemaal niet heeft gezegd dat hij even snel heen en weer reed. In de toelichting van het zaakoverzicht verklaart de verbalisant onder andere het volgende: “…Ik zag dat de bestuurder wel een helm droeg, maar deze helm niet deugdelijk op zijn hoofd bevestigd had. Ik zag dat de kinband niet gesloten was. (…) verklaring betrokkene: even snel heen en weer.“ De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft op de zitting aangegeven dat zij op voorhand geen twijfel had aan de verklaring van de verbalisant, maar naar aanleiding van de verklaring van de betrokkene op de zitting, een aanvullende verklaring zou willen opvragen bij de verbalisant. De vertegenwoordiger van de officier van justitie verzoekt de kantonrechter daarom de zaak aan te houden om haar die gelegenheid te bieden. De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Gelet op het van meet af aan gevoerde verweer van betrokkene en de stellige onderbouwing hiervan op de zitting, was een nadere toelichting van de verbalisant op zijn plaats geweest. Nu deze niet voorhanden is, kan naar het oordeel van de kantonrechter niet met zekerheid worden gesteld dat de gedraging is begaan. De kantonrechter ziet thans geen reden om de officier van justitie nog in de gelegenheid te stellen om een nader proces-verbaal te overleggen, omdat de officier die gelegenheid al voldoende heeft gehad. Betrokkene krijgt het voordeel van de twijfel. Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd; ‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt. Deze uitspraak is gedaan door mr. I.H. Lips, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 Wahv hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,
- Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending: