← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:13444

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknummer : 11293060 \ WM VERZ 24-1320 CJIB-nummer : ['nummer'] Uitspraakdatum : 28 februari 2025 Uitspraak op een beroep tegen een boete op grond van de Wet administratief- rechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [betrokkene] woonplaats : [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene). De verkeersboete en het beroep Aan betrokkene is een boete opgelegd voor een verkeersovertreding (parkeerboete). Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de boete. Het beroep is behandeld op de zitting van 14 februari

  1. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. Er is na de zitting uitspraak gedaan. De beoordeling Betrokkene voert aan dat het ter plaatse niet voldoende duidelijk is gemaakt waar het wel of niet is toegestaan te parkeren. Betrokkene en omstanders ter plaatse waren het er over eens dat er op de betreffende plek geparkeerd mocht worden. In de toelichting van het zaakoverzicht verklaart de verbalisant onder andere het volgende: “Ik zag dat op voorgenoemde datum en tijdstip en plaats het betrokken voertuig op een plaats voor elektrische voertuigen gepareerd stond. Het bord E04 met onderbord alleen voor opladen elektrische voertuigen. Ik zag geen kabels van het voertuig aangesloten zijn in de oplaadpaal. Ik zag voor 10 minuten geen laad en of losactiviteiten plaats vinden.“ De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft zich op de zitting op het standpunt gesteld dat de gedraging op basis van de stukken in het dossier, met name op basis van de foto van de gedraging, niet kan worden vastgesteld. Op de foto is namelijk geen bord of laadpaal zichtbaar. De vertegenwoordiger van de officier van justitie verzoekt de kantonrechter het beroep daarom gegrond te verklaren. De kantonrechter volgt de vertegenwoordiger van de officier van justitie. Betrokkene krijgt het voordeel van de twijfel, zodat het beroep gegrond is en de beslissing van officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd zullen worden vernietigd. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd; ‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt. Deze uitspraak is gedaan door mr. D.D.M. Hazeu, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 Wahv hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,
  2. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.