← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:13466

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknummer : 11314087 \ WM VERZ 24-1387 CJIB-nummer : ['nummer'] Uitspraakdatum : 21 februari 2025 Uitspraak op een beroep als bedoeld in artikel 9 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [betrokkene] woonplaats : [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene). De verkeersboete en het beroep Aan betrokkene is een boete opgelegd voor een verkeersovertreding (parkeerboete). Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de boete. Het beroep is behandeld op de zitting van 21 februari

  1. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan. De beoordeling Betrokkene heeft aangevoerd dat zij op zoek waren naar een parkeerplek. Om het verkeer niet op te houden is betrokkene even aan de kant gegaan en op de parkeerplek gaan staan om te bekijken waar zij mochten parkeren. Vervolgens hebben zij een paar meter verderop geparkeerd en netjes betaald. Betrokkene stelt dat op de foto te zien is dat de auto nog aan staat en de bestuurder nog achter het stuur zit. De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft zich op de zitting – naar aanleiding van het verweer van betrokkene – op het standpunt gesteld dat op de foto van de gedraging te zien is dat er iemand achter het stuur zit en het licht van de auto aan staat. Het verhaal van betrokkene is aannemelijk. Betrokkene krijgt het voordeel van de twijfel, zodat de gedraging niet vaststaat en ten onrechte een boete is opgelegd. De kantonrechter volgt de vertegenwoordiger van de officier van justitie en bepaalt daarom dat het beroep gegrond is en de beslissing van officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd zullen worden vernietigd. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep gegrond; ‒ vernietigt de beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd; ‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt. Deze uitspraak is gedaan door mr. F.J. Lourens, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 WAHV hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,
  2. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.