← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:13474

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Alkmaar Zaaknummer : 11314132 \ WM VERZ 24-1400 CJIB-nummer : ['nummer'] Uitspraakdatum : 21 februari 2025 Uitspraak op een beroep tegen een boete op grond van de Wet administratief- rechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) in de zaak van naam : [betrokkene] adres : [betrokkene] woonplaats : [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene). De verkeersboete en het beroep Aan betrokkene is een boete opgelegd voor een verkeersovertreding (parkeerboete). Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de boete. Het beroep is behandeld op de zitting van 21 februari

  1. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ook verschenen. tezamen met zijn partner. Er is op de zitting uitspraak gedaan. De beoordeling De kantonrechter oordeelt dat de boete terecht is opgelegd. Betrokkene ontkent de gedraging dan ook niet, maar doet een beroep op de omstandigheden van het geval. Betrokkene heeft in het beroepschrift en op de zitting aangevoerd dat zij ter plaatse onbekend waren, het regenachtig weer was en dat zij op weg waren naar de B&B waar zij zouden overnachten. Betrokkene was iets te vroeg ter plaatse en moest even wachten in de auto om te kunnen inchecken. Een voorbijganger maakte duidelijk dat zij daar niet mochten staan, waarna zij op een parkeerplaats iets verderop hebben geparkeerd. Betrokkene stelt dat zij voor de B&B stonden te wachten en de auto niet uit zijn geweest. De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft zich op de zitting – naar aanleiding van het mondelinge verweer van betrokkene – op het standpunt gesteld dat betrokkene voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij in de auto zaten te wachten om te kunnen inchecken en dat zij niet de intentie hadden om in een vergunninghouder gebied te parkeren. De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft de kantonrechter verzocht de boete daarom te matigen tot nihil. De kantonrechter volgt de vertegenwoordiger van de officier van justitie. De gedraging kan wel worden vastgesteld, maar gelet op de omstandigheden die betrokkene naar voren heeft gebracht is aannemelijk geworden dat betrokkene korte tijd ter plaatse heeft geparkeerd en vervolgens heeft geparkeerd waar dit wel mocht. De boete zal daarom worden gematigd tot nihil. Het beroep is gelet op de matiging gegrond. De beslissing van de officier van justitie zal worden vernietigd en de boete zal worden gewijzigd. De uitspraak De kantonrechter: ‒ verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond en vernietigt die beslissing; ‒ verklaart het beroep tegen de beschikking waarbij de boete is opgelegd gegrond en matigt de boete tot nihil; ‒ bepaalt dat de officier van justitie het bedrag dat betrokkene te veel als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terugbetaalt. Deze uitspraak is gedaan door mr. F.J. Lourens, kantonrechter, bijgestaan door de griffier, en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Tegen deze uitspraak kan op grond van artikel 14 Wahv hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending. Hoger beroep is in beginsel alleen mogelijk als de boete in de uitspraak is bepaald op een bedrag van meer dan € 110,
  2. Het beroepschrift moet worden verzonden aan de afdeling Kanton van de rechtbank Noord-Holland, Postbus 251, 1800 BG Alkmaar. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk. Datum toezending:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.