RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11833855 \ CV FORM 25-5217 Uitspraakdatum: 26 november 2025 Beschikking van de kantonrechter in de zaak van: 1 [verzoeker 1]
- [verzoeker 2] allen wonende te [plaats] verzoekende partij verder te noemen: de passagiers gemachtigde: [gemachtigde] (ProBe-ASP B.V., handelend onder de naam Aviclaim) tegen de vennootschap naar buitenlands recht EasyJet Europe Airline GmbH gevestigd te Wenen (Oostenrijk) verwerende partij verder te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. B. Koolhaas (BK Legal) 1Het procesverloop Dit verloop blijkt uit: het vorderingsformulier (formulier A); het verweerschrift. 2De feiten 2.
- De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan de vervoerder hen op 14 augustus 2023 moest vervoeren van Marco Polo Airport (Italië) naar Amsterdam-Schiphol Airport, met vlucht EJU4071 (hierna: de vlucht). 2.
- De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd. 2.
- De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder verzocht. 2.
- De vervoerder heeft niet uitbetaald. 2.
- De passagiers hebben het vermeende vorderingsrecht van hun minderjarige kind [minderjarige] aan zichzelf gecedeerd. 3Het geschil 3.
- De passagiers verzoeken de vervoerder te veroordelen tot betaling van: - € 750,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 augustus 2023 tot aan de dag der algehele voldoening; - € 112,50 aan buitengerechtelijke incassokosten;- de proceskosten. 3.
- De passagiers baseren hun verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 per passagier. 3.
- De vervoerder voert verweer. Op zijn verweer wordt ingegaan bij de beoordeling. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen. 4.
- De kantonrechter moet ook ambtshalve beoordelen of de passagiers in hun verzoek kunnen worden ontvangen. Vast staat dat [minderjarige] op het moment van het indienen van het verzoek niet bekwaam was om zelfstandig in rechte op te treden, omdat zij minderjarig was. De kantonrechter is echter, mede gelet op de deformaliseringstendens in de rechtspraak van de Hoge Raad, in de gegeven omstandigheden van oordeel dat dit niet tot niet-ontvankelijkheid leidt. De passagiers sub 1 en sub 2 hebben het vermeende vorderingsrecht van hun minderjarige kind namelijk rechtsgeldig aan zichzelf overgedragen. Het formulier A zal daarom als verbeterd worden gelezen, in die zin dat het uitsluitend is ingediend door de meerderjarige passagiers, hetgeen al in de kop van deze beschikking is verwerkt. 4.
- Niet in geschil is dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als hij kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. 4.
- De kantonrechter oordeelt dat de vervoerder, met de door hem overgelegde stukken en zijn toelichting daarop, voldoende heeft onderbouwd dat de voorgaande vluchten vertraagd werden uitgevoerd door besluiten van de luchtverkeersleiding. Daarnaast heeft hij voldoende onderbouwd dat deze (vertrek)vertraging ertoe heeft geleid dat de vlucht pas na het ingaan van de Amsterdamse avondklok zou arriveren. Omdat instructies van de luchtverkeersleiding altijd moeten worden opgevolgd, kon het toestel niet toch eerder vertrekken. Ook de avondklok is een omstandigheid die niet inherent is aan de uitoefening van de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en deze heeft daar ook geen invloed op. Daarom is de annulering van de vlucht het gevolg van (doorwerking van) buitengewone omstandigheden. 4.
- Bovendien oordeelt de kantonrechter dat de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging op de eindbestemming te beperken. Vast staat namelijk dat hij de passagiers heeft omgeboekt op een alternatief naar Amsterdam. De enkele omstandigheid dat de passagiers zelf op een link moesten klikken om stoelen te boeken betekent niet dat de vervoerder niet aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Niet valt in te zien welke maatregelen de vervoerder nog meer of anders had kunnen nemen. De passagiers hebben in dit verband ook niets anders aangevoerd. Het verzoek van de passagiers zal daarom worden afgewezen. 4.
- De passagiers worden, gelet op het doel en het karakter van de EPGV-procedure, niet meer in de gelegenheid gesteld om op het verweer van de vervoerder te reageren. 4.
- De proceskosten komen voor rekening van de passagiers omdat deze in het ongelijk worden gesteld. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. De verzochte rente wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking.
- De beslissing De kantonrechter: 5.
- wijst het verzochte af; 5.
- veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de vervoerder tot en met vandaag worden begroot op € 135,00 aan salaris gemachtigde;en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 67,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van deze beschikking tot aan de dag van de algehele voldoening; 5.
- verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en op bovengenoemde datumin het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open Artikel 7 van de Verordening. Zie ECLI:NL:HR:2004:AP1435 en ECLI:NL:HR:2013:
- Artikel 5 lid 3 van de Verordening.