RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11595665 \ CV EXPL 25-1771 Uitspraakdatum: 24 december 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de rechtspersoon naar het recht van de plaats van haar vestigingAmerican Airlines Inc. gevestigd te Wilmington, Verenigde Staten eiser in het verzet hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer (AKD N.V.) tegen de rechtspersoon naar het recht van de plaats van haar vestiging AirHelp Germany Gmbh gevestigd te Berlijn, Duitsland gedaagde in het verzet hierna te noemen: AirHelp gemachtigde: mr. D.E. Lof De zaak in het kort De vervoerder is in verzet gekomen tegen een verstekvonnis waarin hij is veroordeeld tot betaling van compensatie aan AirHelp vanwege een vertraagde vlucht. Hij voert aan dat de vlucht was geannuleerd en dat deze annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk slechte weersomstandigheden op een voorgaande vlucht. Het betoog van de vervoerder slaagt. Het verstekvonnis wordt vernietigd en de vordering van AirHelp wordt alsnog afgewezen. 1Het procesverloop 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de inleidende dagvaarding in de procedure met zaaknr./rolnr. 11403104 \ CV EXPL 24-8000; - het verstekvonnis van 8 januari 2025 in de procedure met zaaknr./rolnr. 11403104 \ CV EXPL 24-8000; - de verzetdagvaarding; - het bericht met aanvullende producties van de vervoerder van 19 maart 2025; - de conclusie van antwoord in het verzet; - de conclusie van repliek in het verzet. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- Gijs Overgoor (hierna: de passagier) heeft met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 1 juli 2024 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport naar Dallas, Verenigde Staten, met vlucht AA221 (hierna: de vlucht). 2.
- De passagier heeft zijn eventuele vorderingsrecht overgedragen aan AirHelp. 2.
- AirHelp heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd. 2.
- De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.
- Bij inleidende dagvaarding vordert AirHelp dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 600,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
- AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de vervoerder de vlucht vertraagd heeft uitgevoerd en de passagier met een vertraging van meer dan drie uur is aangekomen op de eindbestemming. Daarom moet de vervoerder AirHelp de compensatie voldoen van € 600,-. Deze vordering is in het verstekvonnis toegewezen. 3.
- De vervoerder is tegen dit verstekvonnis in verzet gekomen en verzoekt om de vordering van AirHelp alsnog af te wijzen. Op zijn betoog wordt ingegaan bij de beoordeling van het geschil. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om kennis te nemen van het geschil. 4.
- Voordat de kantonrechter aan de inhoudelijke behandeling van het geschil toekomt, moet worden vastgesteld of de vervoerder AirHelp correct in het verzet heeft opgeroepen. AirHelp bestrijdt dit. Zij voert aan dat de verzetdagvaarding is betekend bij Lawpoint Gerechtsdeurwaarders. Dit is echter niet het adres waar zij woonplaats heeft gekozen in de inleidende dagvaarding. 4.
- Het gevolg van een onjuiste oproeping is in beginsel dat de dagvaarding nietig is. De kantonrechter overweegt echter dat AirHelp in de verzetprocedure is verschenen en gelegenheid heeft gehad verweer te voeren. Weliswaar stelt zij zich op het standpunt dat zij niet tijdig kennis zou hebben kunnen nemen van de verzetdagvaarding, maar desondanks heeft zij tijdig en zonder verzoek om uitstel een conclusie van antwoord in het verzet genomen. Daarmee is niet gebleken dat zij door het gebrek in de oproeping is benadeeld en leidt dit gebrek er in dit geval niet toe dat de verzetdagvaarding nietig is. 4.
- De vervoerder stelt op zijn beurt dat de inleidende dagvaarding niet bij hem zou zijn betekend. Uit de bij de rechtbank bekende dagvaarding blijkt echter dat deze is betekend op het kantoor van de vervoerder op Schiphol. Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, heeft hij hiermee onvoldoende duidelijk gemaakt aan welk gebrek (de betekening van) de inleidende dagvaarding zou leiden. Daarnaast is hij in verzet gekomen tegen het verstekvonnis en heeft hij evenmin toegelicht in hoeverre hij door de kennelijk onjuiste betekening in zijn belangen zou zijn geschaad, zodat dit niet tot nietigheid van de inleidende dagvaarding leidt. 4.
- De vervoerder betwist dat de vlucht vertraagd is uitgevoerd en voert aan dat deze is geannuleerd. AirHelp heeft dit niet weersproken. Daarom moet de vervoerder in beginsel compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van (de doorwerking van) buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. 4.
- De vervoerder heeft een beroep op buitengewone omstandigheden gedaan. Volgens hem moest de vlucht geannuleerd worden vanwege een grote vertraging van een voorgaande vlucht vanwege slechte weersomstandigheden en het stilleggen van de afhandeling van vluchten. AirHelp heeft dit niet weersproken. Daarmee zijn de door de vervoerder gestelde omstandigheden vast komen te staan. Daarnaast heeft vervoerder voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat hij alle redelijke maatregelen heeft getroffen om (de vertraging vanwege) de annulering te voorkomen (en te beperken). Daarmee slaagt het betoog van de vervoerder. 4.
- AirHelp zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal zij worden veroordeeld in de kosten van het verzet, behalve dat de (betekenings)kosten van de verzetdagvaarding door de vervoerder zelf gedragen moeten worden. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
- verklaart het verzet gegrond en vernietigt het verstekvonnis van 8 januari 2025 met zaaknr./rolnr. 11403104 \ CV EXPL 24-8000; 5.
- wijst de oorspronkelijke vordering van AirHelp alsnog af; 5.
- veroordeelt AirHelp tot terugbetaling van hetgeen de vervoerder ter uitvoering van het verstekvonnis aan haar heeft voldaan, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf de dag van betaling daarvan door de vervoerder tot de dag der algehele voldoening door AirHelp; 5.
- veroordeelt AirHelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 270,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder,en veroordeelt AirHelp tot betaling van € 67,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot aan de dag van de algehele voldoening; 5.
- verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter Artikel 7 van de Verordening. Artikel 122 Rv. Artikel 122 Rv. Artikel 5 lid 3 van de Verordening.