RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11575302 \ CV EXPL 25-1500 Uitspraakdatum: 31 december 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de rechtspersoon naar buitenlands recht EasyJet Airlines Company Limited gevestigd te Londen Luton (Verenigd Koninkrijk) eiser in het verzet hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. B. Koolhaas tegen de rechtspersoon naar buitenlands recht AirHelp Germany GmbH gevestigd te Berlijn (Duitsland) gedaagde in het verzet hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. D.E. Lof 1Het procesverloop 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding; - het verstekvonnis van 8 januari 2025; - de verzetdagvaarding; - de conclusie van antwoord in oppositie; - de conclusie van repliek in oppositie. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2Feiten 2.
- [betrokkene] (hierna: de passagier) heeft met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder haar op 21 juni 2024 vervoeren van Amsterdam Schiphol naar Londen Luton, met vlucht U2 2522 (hierna: de vlucht). 2.
- De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd. 2.
- De passagier heeft haar eventuele vorderingsrecht aan Airhelp overgedragen. 2.
- Airhelp heeft compensatie van de vervoerder gevorderd. De vervoerder is door de kantonrechter bij verstek veroordeeld tot betaling van het gevorderde. 3Het geschil 3.
- Airhelp heeft bij inleidende dagvaarding gevorderd dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zou worden tot betaling van:- € 250,00, te vermeerderen met de wettelijke rente; - de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
- Airhelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). Airhelp stelt dat de vervoerder vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 (artikel 7 van de Verordening). 3.
- De vervoerder vordert, in de verzetdagvaarding, de vervoerder te ontheffen van de veroordeling die in het verstekvonnis 8 januari 2025 is uitgesproken, de vorderingen van Airhelp af te wijzen, met veroordeling van Airhelp, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, in de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente. 3.
- Op de stellingen van partijen wordt hieronder nader ingegaan. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.
- Niet in geschil is dat de vlucht is geannuleerd, zodat de vervoerder in beginsel een compensatieplicht heeft. Dit is anders indien de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden als bedoeld in artikel 5 lid 3 van de Verordening. 4.
- De kantonrechter is van oordeel dat de vervoerder met de door hem overgelegde producties en zijn toelichting daarop voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er op de vluchtdatum sprake was van bovengemiddelde drukte op de luchthaven Londen Luton, als gevolg van slechte weersomstandigheden en een tekort aan ATC-personeel op de luchthaven Londen Gatwick. Dit heeft ertoe geleid dat meerdere vluchten geannuleerd moesten worden (capaciteitsreductie). 4.
- Een capaciteitsreductie kan een buitengewone omstandigheid vormen indien de vervoerder aantoont dat hij, gelet op de duur en mate van de restricties, geen andere keuze had dan tot annulering van de vlucht over te gaan. De kantonrechter is van oordeel dat de vervoerder daar niet in is geslaagd. De vervoerder heeft onvoldoende onderbouwd waarom specifiek de onderhavige vlucht moest worden geannuleerd. De vervoerder heeft geen enkele toelichting gegeven op de factoren die bij de beslissing om specifiek de vlucht in kwestie te annuleren een rol hebben gespeeld. Dit had wel op zijn weg gelegen. Het beroep van de vervoerder op buitengewone omstandigheden slaagt dan ook niet. 4.
- De conclusie is dat het verzet ongegrond is en dat het verstekvonnis zal worden bevestigd. De vervoerder zal als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld worden in de kosten van de verzetprocedure. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
- verklaart het verzet ongegrond en bevestigt het verstekvonnis van 8 januari 2025 in de zaak met zaaknummer 11403200 \ CV EXPL 24-8008; 5.
- veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die tot en met vandaag voor Airhelp worden vastgesteld op een bedrag van € 40,00 aan salaris van de gemachtigde van Airhelp; 5.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter