RECHTBANK Noord-Holland Civiel recht Zittingsplaats Haarlem Zaaknummer: C/15/370813 / KG ZA 25-662 Vonnis in kort geding van 2 december 2025 in de zaak van [eiser] , te [plaats 2] , eisende partij, hierna te noemen: de vereniging, advocaat: mr. R.H. Steensma, tegen [gedaagde] , te [plaats 1] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , niet verschenen. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding met producties 1 t/m 3 de aanvullende producties 4 en 5 de mondelinge behandeling van 27 november
- 1.
- Ter gelegenheid van de mondelinge behandeling is verschenen namens de vereniging: [betrokkene] (bestuurslid), bijgestaan door mr. Steensma. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De beoordeling 2.
- Eiseres heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd. In de dagvaarding zijn de wettelijk voorgeschreven formaliteiten in acht genomen, zodat het gevraagde verstek zal worden verleend. 2.
- Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen. 2.
- [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van de vereniging worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 145,45 - griffierecht € 2.995,00 - salaris advocaat € 715,00 - nakosten € 178,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 4.033,45 2.
- De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing, 3De beslissing De voorzieningenrechter 3.
- verleent verstek tegen [gedaagde] , 3.
- veroordeelt [gedaagde] om aan de vereniging te betalen een bedrag van € 15.000,00 als voorschot op de terugbetaling door [gedaagde] van de zich onrechtmatig toegeëigende bedragen, 3.
- veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 4.033,45, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, 3.
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald, 3.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. A.H. Schotman en in het openbaar uitgesproken op 2 december
- 1589