RECHTBANK NOORD-HOLLAND Familie- en Jeugdrecht Locatie Haarlem Zaaknummer: C/15/358814 / JU RK 24-1665 Datum uitspraak: 21 januari 2025 Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing in de zaak van de gecertificeerde instelling De Jeugd- & Gezinsbeschermers, gevestigd te Haarlem, hierna te noemen de GI, over [de minderjarige] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] , hierna te noemen [de minderjarige] . De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [de moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende in [plaats] , [de vader] , hierna te noemen de vader, wonende in [plaats] . 1Het verloop van de procedure 1.
- De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling: - het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 11 november
- 1.
- De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 21 januari
- Daarbij waren aanwezig: - de vader; - de moeder; - [vertegenwoordiger van de GI] als vertegenwoordiger van de GI. 1.
- De kinderrechter heeft [de minderjarige] naar haar mening gevraagd. [de minderjarige] heeft hierover een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [de minderjarige] heeft verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.
- De feiten 2.
- De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige] . 2.
- [de minderjarige] verblijft in een accommodatie jeugdhulpaanbieder in [plaats] . 2.
- De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 24 januari 2024 [de minderjarige] onder toezicht gesteld van de gecertificeerde instelling De Jeugd- en Gezinsbeschermers te [plaats] tot 24 januari
- Ook heeft de kinderrechter bij diezelfde beschikking een machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verleend tot 24 januari
- 3Het verzoek 3.
- De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [de minderjarige] te verlengen voor de duur van een jaar. Ook verzoekt de GI de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 3.
- De GI motiveert de verzoeken als volgt. [de minderjarige] wordt nog steeds ernstig in haar ontwikkeling bedreigd. [de minderjarige] verblijft op een groep in [plaats] . Dit noemt ze haar thuis. [de minderjarige] kan niet bij de vader of bij de moeder wonen. De ouders zijn nog onvoldoende in staat om samen beslissingen in het belang van [de minderjarige] te nemen. De GI is nog nodig om het belang van [de minderjarige] centraal te zetten. De doelen die afgelopen jaar tijdens de ondertoezichtstelling zijn gesteld, zijn niet behaald. [de minderjarige] heeft onvoldoende stappen kunnen zetten. De ontwikkeling van [de minderjarige] stagneert en gaat zelfs achteruit. [de minderjarige] gaat niet structureel naar school en komt niet tot behandeling. [de minderjarige] durft haar behandeling niet aan te gaan en laat steeds meer externaliserend gedrag zien op de groep. Haar verblijf op de groep verloopt grillig, omdat [de minderjarige] niet kan deelnemen aan onderwijs. [de minderjarige] voelt zich te onveilig om deel te nemen aan onderwijs. Daardoor laat [de minderjarige] opstandig en onhandelbaar gedrag zien. [de minderjarige] is inmiddels aangemeld voor voortgezet speciaal onderwijs. De komende periode zal moeten worden gewerkt aan het vinden van een manier om diagnostiek en behandeling van [de minderjarige] van de grond te krijgen, zodat [de minderjarige] grip krijgt op haar persoonlijke problematiek. Daarnaast zal moeten worden gekeken naar hulpverlening voor de ouders, gericht op een vorm van solo parallel ouderschap. De ouders kunnen dan, zolang systemisch werken met [de minderjarige] en haar ouders nog niet haalbaar is, individueel aan de slag met hun eigen stuk van ouderschap. [de minderjarige] zou kunnen profiteren van de ontwikkeling en de gedragsverandering van de ouders. Omdat [de minderjarige] niet bij de vader of bij de moeder kan wonen, is een machtiging uithuisplaatsing ook nog nodig. Namens de GI is op de zitting aanvullend het volgende naar voren gebracht. [de minderjarige] heeft haar plek goed gevonden op de groep in [plaats] en wil daar blijven wonen. Het gedrag van [de minderjarige] op de groep is de laatste tijd redelijk positief, enkele uitschieters daargelaten. Vorige week heeft [de minderjarige] een intakegesprek gehad bij een psychiater van Accare in verband met haar insomnia. In februari 2025 heeft zij een vervolgafspraak waarbij een screening wordt gedaan om te kijken wat er allemaal speelt. [de minderjarige] blowt minder. Er wordt gekeken naar een schoolaanmelding. Meerdere TLV-aanvragen voor voortgezet speciaal onderwijs zijn afgewezen. Er zal ook gekeken worden naar de mogelijkheid van een MBO-2 opleiding (regulier onderwijs). Eerder was [de minderjarige] niet gemotiveerd voor school, maar nu wel. De voorkeur van [de minderjarige] gaat uit naar een MBO-2 opleiding. Op de voorgrond staat het welzijn van [de minderjarige] . Er zal minder worden ingezet op hulpverlening (gericht op solo parallel ouderschap) aan de ouders omdat een thuisplaatsing niet meer aan de orde is. Er zal wel worden gekeken naar een vervolgplek voor [de minderjarige] . 4De standpunten 4.
- De moeder is het, gelet op het welzijn van [de minderjarige] , eens met de verzoeken. Er is goed contact met [de minderjarige] en de moeder wil dat graag zo houden. De moeder ziet dat [de minderjarige] zich op de groep in [plaats] goed ontwikkelt. 4.
- De vader is het ook eens met de verzoeken. De vader denkt dat [de minderjarige] op een goede plek zit. De vader heeft niet zo heel veel contact met [de minderjarige] . 5De mening van de minderjarige 5.
- [de minderjarige] wil graag in [plaats] blijven wonen. Ze weet dat dat betekent dat zij niet meer zo snel boos kan worden. Het gaat veel beter met [de minderjarige] dan een jaar geleden. [de minderjarige] heeft het blowen afgebouwd naar één keer per week. Ze gaat inmiddels één dag per week naar school. [de minderjarige] wil graag een MBO-opleiding gaan doen. Het contact met haar moeder is goed. [de minderjarige] zou willen dat haar vader iets meer zijn best doet en meer contact met haar zoekt. 6De beoordeling 6.
- Uit de overgelegde stukken en de behandeling op de zitting blijkt dat [de minderjarige] nog steeds zodanig opgroeit dat zij ernstig in haar ontwikkeling wordt bedreigd. De concrete ontwikkelingsbedreigingen zoals vermeld in de beschikking van 24 januari 2024 zijn nog steeds aanwezig. De doelen die afgelopen jaar tijdens de ondertoezichtstelling zijn gesteld, zijn nog niet behaald. Er zijn in de afgelopen periode wel goede en belangrijke stappen door [de minderjarige] gezet. [de minderjarige] heeft de frequentie van het blowen afgebouwd. Daarnaast gaat [de minderjarige] inmiddels één dag per week naar school en is zij hier gemotiveerd voor. In de komende periode zal naar een passende school voor [de minderjarige] worden gezocht. De verlenging van de ondertoezichtstelling is nodig om dit te kunnen blijven monitoren. Daarnaast is de verlenging van de ondertoezichtstelling nodig omdat nog diagnostiek en behandeling moet plaatsvinden voor de problematiek van [de minderjarige] . [de minderjarige] heeft dit nodig om hier grip op te krijgen. In het afgelopen jaar is dit nog niet goed van de grond gekomen. Inmiddels heeft [de minderjarige] wel een intakegesprek gehad bij een psychiater van Accare en staat de volgende afspraak ook gepland. De kinderrechter heeft er vertrouwen in dat [de minderjarige] de positieve lijn die zij heeft ingezet de komende periode zal voortzetten. 6.
- Tevens blijkt dat de zorg die in verband met het wegnemen van de bedreiging noodzakelijk is niet of onvoldoende wordt geaccepteerd, omdat hulp in het vrijwillige kader niet van de grond is gekomen. De ouders zijn het eens met de verlenging van de ondertoezichtstelling en hebben baat bij de regievoering door de GI. Als het kader van de ondertoezichtstelling zou wegvallen, is de verwachting dat de hulpverlening zal stagneren. 6.
- Er lijkt niet meer verwacht te kunnen worden dat de ouders binnen een aanvaardbare termijn in staat zijn zelf de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding te dragen. De ouders zijn het eens dat [de minderjarige] tot aan haar meerderjarigheid in de accommodatie jeugdhulpaanbieder opgroeit. De kinderrechter acht het in het belang van [de minderjarige] om de ingezette hulpverlening te borgen. Daarom zal de ondertoezichtstelling worden verlengd, omdat voor het overige wordt voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek. Gelet op de aanwezige problematiek, de in te zetten hulpverlening en de gestelde doelen, acht de kinderrechter de verzochte verlenging van de ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar passend. 6.
- Ook is de kinderrechter van oordeel dat de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding (artikel 1:265b, eerste lid, BW jo. artikel 1:265c, tweede lid, BW). De vader en de moeder zijn op dit moment niet in staat de zorg en de opvoeding van [de minderjarige] te dragen. [de minderjarige] wil zelf ook graag in [plaats] blijven wonen. De kinderrechter zal de machtiging tot uithuisplaatsing daarom ook verlengen met een jaar. De komende periode zal ook bekeken worden welke vervolgplek passend is voor [de minderjarige] wanneer zij achttien jaar wordt. 6.
- De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat. 7De beslissing De kinderrechter: 7.
- verlengt de ondertoezichtstelling van [de minderjarige] tot 24 januari 2026; 7.
- verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [de minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 24 januari
- 7.
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. J. van Beek, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 21 januari 2025, in aanwezigheid van mr. E.C.W. Coesel als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld en getekend op 7 februari 2025.