RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10891174 \ CV EXPL 24-623 Uitspraakdatum: 5 maart 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: [eiser] wonende te [plaats] eiser hierna te noemen: de passagier gemachtigde: mr. R. Bos (Aviclaim)rolgemachtigde: mr. A.Y. Lai tegen de rechtspersoon naar buitenlands recht American Airlines gevestigd te Wilmington (Verenigde Staten) gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer 1Het procesverloop 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. De passagier heeft met TIX.nl een vervoersovereenkomst gesloten ten behoeve van het vervoer van Amsterdam via Dallas naar Los Angeles, met vluchten BA1630 en BA4412 op 28 januari 2022. 2.2. De hiervoor genoemde vluchtcombinatie is geannuleerd. 2.3. De passagier is omgeboekt op de vluchten AA6505, AA107 en AA185 van 28 januari 2022 (van Amsterdam via Londen en New York naar Los Angeles). 2.4. De vervoerder heeft vlucht AA185 (van New York naar Los Angeles) geannuleerd. De passagier is omgeboekt naar vlucht B61523, waarmee hij op 23 januari 2022 om 02:37 uur (lokale tijd) in Los Angeles is gearriveerd. 2.5. De passagier heeft compensatie van de vervoerder gevorderd. 2.6. De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.1. De passagier vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 600,00, te vermeerderen met de wettelijke rente;- € 90,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente;- de nakosten. 3.2. De passagier baseert zijn vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagier stelt dat de vervoerder hem vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,- (artikel 7 van de Verordening). 3.3. De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan. 4De beoordeling 4.1. De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.2. De kantonrechter is van oordeel dat de door de passagier overgelegde factuur als een bevestigde boeking in de zin van de Verordening kan worden aangemerkt. De factuur is uitgegeven door TIX.nl en vermeldt de luchthaven van vertrek en aankomst, de datum van de vluchten en de vluchtnummers. De omstandigheid dat deze boekingsbevestiging onder voorbehoud van wijzigingen was, maakt dit niet anders. Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de passagier over een bevestigde boeking voor de vluchten BA1630 en BA4412 beschikte. 4.3. De kantonrechter overweegt dat uit het arrest van 4 juli 2018 in de zaak C-532/17 van het Hof volgt dat voor de vaststelling van het begrip ‘luchtvaartmaatschappij die de vlucht uitvoert’ in het kader van een mogelijke wet-lease constructie van belang is wie de operationele verantwoordelijkheid van de vlucht draagt. Het is in dit geval voldoende gebleken dat de vluchten BA1630 en BA4412 een codeshare met AA221 en AA163 hadden. De vervoerder heeft niet betwist dat hij gepland stond om in ieder geval één van deze vluchten uit te voeren. Het voorgaande leidt ertoe dat de vervoerder als uitvoerende luchtvaartmaatschappij kan worden aangemerkt en (dus) door de passagier kan worden aangesproken. 4.4. De vervoerder heeft aangevoerd dat de annulering van de vlucht AA221 meer dan twee weken voor de geplande vertrekdatum aan de (reisagent van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.