RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11008125 \ CV EXPL 24-2006 Uitspraakdatum: 12 maart 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de rechtspersoon naar buitenlands recht AirHelp Germany GmbH gevestigd te Berlijn (Duitsland) eiseres hierna te noemen: Airhelp gemachtigde: mr. D.E. Lof tegen de rechtspersoon naar buitenlands recht Cathay Pacific Airways Limited gevestigd te Schiphol gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. M. de Wijs 1Het procesverloop 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- [betrokkene 1] en [betrokkene 2] (hierna: de passagiers) hebben met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 16 maart 2023 vervoeren van Amsterdam Schiphol Airport via Hong Kong naar Phuket (Thailand). 2.
- Vlucht CX270 van Amsterdam naar Hong Kong (hierna: de vlucht) is vertraagd uitgevoerd. De passagiers hebben de aansluitende vlucht naar Phuket gemist. De passagiers zijn omgeboekt naar een alternatieve vlucht en met meer dan drie uur vertraging op de eindbestemming aangekomen. 2.
- Airhelp heeft compensatie van de vervoerder gevorderd. 2.
- De vervoerder heeft niet uitbetaald.
- Het geschil 3.
- Airhelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 1.200,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de vluchtdatum tot aan de dag der algehele voldoening;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
- Airhelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). Airhelp stelt dat de vervoerder vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 600,- per passagier (artikel 7 van de Verordening). 3.
- De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. Verzoek weigering gemachtigde 4.
- De vervoerder heeft bezwaar gemaakt tegen het optreden van mr. Lof als gemachtigde van Airhelp. De vervoerder verzoekt de kantonrechter daarom om met toepassing van artikel 81 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) de vertegenwoordiging door mr. Lof voor de duur van 24 maanden te weigeren. 4.
- De kantonrechter stelt voorop dat procespartijen in beginsel vrij zijn om zelf de eigen gemachtigde te kiezen. De voorziening van artikel 81 Rv is bedoeld om evidente misstanden in de procesvoering te voorkomen. De kantonrechter dient zich daarbij uiterst terughoudend op te stellen. Van een dergelijke ‘evidente misstand’ is in dit geval geen sprake. De kantonrechter ziet dan ook geen aanleiding om mr. Lof als gemachtigde van Airhelp te weigeren. Rechtsgeldigheid cessie 4.
- Ten aanzien van de cessie overweegt de kantonrechter als volgt. Een rechtsgeldige cessie moet op grond van artikel 3:94 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) aan twee constitutieve vereisten voldoen, te weten een akte van cessie en een mededeling daarvan aan de debiteur. Aan het mededelingsvereiste is voldaan toen de cessie in deze procedure, zo niet bij dagvaarding dan wel bij repliek, ter kennis van de vervoerder is gebracht. Niet vereist is dat een cessie al voltooid is op het moment van de dagvaarding. 4.
- De kantonrechter is van oordeel dat Airhelp met de overlegging van de aktes van cessie en een kopie van de paspoorten van de passagiers voldoende heeft onderbouwd dat de passagiers hebben ingestemd met het overdragen van hun (vermeende) vorderingsrecht aan Airhelp. 4.
- De vervoerder betwist dat de overdrachtsdocumenten voldoende bepaald zijn. Hij heeft in dit verband aangevoerd dat de boekingsreferentie die in de akte van cessie wordt genoemd niet voldoende specifiek en niet uniek is, omdat deze referentie in de loop van de tijd opnieuw wordt gebruikt door de vervoerder (en andere luchtvaartmaatschappijen). Het voorgaande is door Airhelp niet weersproken, zodat de kantonrechter van de juistheid van de stellingen van de vervoerder uitgaat. De conclusie is dan ook dat de cessieakte in te algemene bewoordingen is opgesteld, zodat onvoldoende uit het formulier is gebleken dat de passagiers hun vordering ten aanzien van de vlucht van Amsterdam naar Hong Kong op 16 maart 2023 hebben overgedragen aan Airhelp. Gelet op het voorgaande is niet aan de vereisten voor geldige overdracht van de vordering voldaan, zodat Airhelp niet-ontvankelijk is in haar vordering. De overige verweren behoeven derhalve geen bespreking meer. De proceskosten komen voor rekening van Airhelp, omdat zij ongelijk krijgt. Daarbij wordt Airhelp ook veroordeeld tot betaling van nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de vervoerder worden gemaakt. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
- wijst de vordering af; 5.
- veroordeelt Airhelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 270,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder en veroordeelt Airhelp tot betaling van € 67,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot aan de dag van de algehele voldoening. 5.
- verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter