RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Bewind locatie Haarlem Zaaknummer: 11428966 BM VERZ 24-3044 MO Uitspraakdatum: 26 mei 2025 Beschikking van de kantonrechter op verzoek van: [betrokkene], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], van wie het adres bekend is bij deze rechtbank, hierna ook te noemen: betrokkene, [gemachtigde], van wie de bewindvoerder is: FHV Castricum B.V., gevestigd te Castricum, hierna ook te noemen: de bewindvoerder, procedure De kantonrechter heeft kennisgenomen van: het verzoek met bijlagen, ter griffie ingekomen op 28 november 2024; een reactie op het verzoek door de bewindvoerder, ontvangen op 13 februari 2025; de reactie van betrokkene, ontvangen op 24 februari 2025. Op 15 april 2025 heeft een mondelinge behandeling van het verzoek plaatsgevonden. verzoek en verweer Bij beschikking van de kantonrechter van 21 december 2016 is de bewindvoerder benoemd tot bewindvoerder over de goederen die (zullen) toebehoren aan betrokkene. Het verzoek strekt tot opheffing van dit bewind. Namens betrokkene is het verzoek als volgt toegelicht. Betrokkene heeft via Stichting Steunpunt, waar [gemachtigde] vrijwilliger is, een traject genaamd ‘Grip op Geld’ afgerond. Tijdens dit traject heeft betrokkene aangetoond dat hij zelfstandig financieel verantwoorde beslissingen kan maken. Zijn psychische weerbaarheid heeft geen negatieve gevolgen op het zelfstandig kunnen beheren van zijn administratie. De bewindvoerder heeft verweer gevoerd tegen het verzoek van betrokkene. Volgens de bewindvoerder heeft betrokkene geen concrete stappen gezet in het zelfredzaamheidstraject dat door de bewindvoerder is gestart. Betrokkene blijft financiële beslissingen nemen zonder overleg, de bewindvoerder is van mening dat dit wijst op een gebrek aan inzicht en verantwoordelijkheidsgevoel. Zo heeft betrokkene zelfstandig nieuwe bankrekeningen geopend en bestelt hij regelmatig spullen via Klarna. Er is door de bewindvoerder twee keer een zelfredzaamheidstraject opgestart, deze zijn allebei voortijdig geëindigd. Betrokkene kon niet aantonen dat hij zijn maandelijkse leefgeld kon spreiden over de hele maand, een week na ontvangst van het maandgeld vroeg betrokkene om extra geld. Daarnaast is er nog steeds sprake van verschillende CJIB-boetes. De bewindvoerder is van mening dat betrokkene zichzelf overschat en dat hij niet in staat is zelf zijn financiële belangen te behartigen. beoordeling De kantonrechter dient bij een verzoek tot opheffing van het bewind te toetsen of voortzetting van het bewind nog noodzakelijk is. De kantonrechter is van oordeel dat het bewind nog noodzakelijk is. Uit de stukken en hetgeen op de mondelinge behandeling is aangevoerd is gebleken dat betrokkene verzoeken doet om extra geld, geen inzicht heeft in de financiële situatie en dat er nog steeds sprake is van CJIB-boetes. [gemachtigde] voert aan dat betrokkene een traject heeft doorgelopen, maar tijdens dit traject heeft [gemachtigde] geen één keer contact opgenomen met de bewindvoerder. De bewindvoerder was niet op de hoogte van dit traject en ziet ook geen verandering in het gedrag van betrokkene. Daarnaast heeft [gemachtigde] een algemeen beeld geschetst over de situatie van betrokkene, maar heeft hij niks concreets aangeleverd wat zijn standpunt zou kunnen onderbouwen. De kantonrechter kan daarom onvoldoende beoordelen of betrokkene zich op de wijze heeft ontwikkeld zoals [gemachtigde] aangeeft. Voorts heeft betrokkene ter zitting aangegeven dat hij wenst over te stappen van bewindvoerder wanneer de kantonrechter van oordeel is dat de voortzetting van het bewind noodzakelijk is. De kantonrechter ziet op grond van hetgeen tijdens de mondelinge behandeling naar voren is gebracht en de inhoud van de stukken geen aanleiding om bewindvoerder te ontslaan en een opvolgend bewindvoerder te benoemen. Er zijn volgens de kantonrechter geen gewichtige redenen gebleken die het ontslag van bewindvoerder rechtvaardigen. beslissing De kantonrechter wijst het verzoek af. Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. van Rijn, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.