← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:7337

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11586461 \ CV FORM 25-1622 Uitspraakdatum: 18 juni 2025 Beschikking van de kantonrechter in de zaak van: 1 [verzoeker 1]

  1. [verzoeker 2]beiden wonende te [plaats 1]
  2. [verzoeker 3]
  3. [verzoeker 4] beiden wonende te [plaats 2]
  4. [verzoeker 5]wonende te [plaats 3]
  5. [verzoeker 6]
  6. [verzoeker 7] beiden wonende te [plaats 4] verzoekende partij verder te noemen: de passagiers gemachtigde: mr. C.E. Dupain (ProBe-ASP B.V., handelende onder de naam Aviclaim) tegen de rechtspersoon naar buitenlands recht Ryanair DAC gevestigd te Dublin, Ierland verwerende partij verder te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. J.J. Croon (Croon Aviation Lawyers) De zaak in het kort De passagiers hebben compensatie van de vervoerder verzocht vanwege een geannuleerde vlucht. De vervoerder stelt dat de annulering van de vlucht het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk het uit de uren lopen van de bemanning door vertraging van voorgaande vluchten. Deze vertraging werd veroorzaakt door beperkingen van de luchtverkeersleiding. Het verweer van de vervoerder slaagt en het verzoek van de passagiers wordt afgewezen. 1Het procesverloop Dit verloop blijkt uit: het vorderingsformulier (formulier A); het verweerschrift. 2De feiten 2.
  7. De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 4 november 2023 vervoeren van Malaga, Spanje, naar Amsterdam-Schiphol Airport, met vlucht FR2334 (hierna: de vlucht). 2.
  8. De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd. 2.
  9. De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder verzocht. 2.
  10. De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.
  11. De passagiers verzoeken de vervoerder te veroordelen tot betaling van: - € 2.800,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 november 2023 tot aan de dag der algehele voldoening; - € 405,00 aan buitengerechtelijke incassokosten;- de proceskosten. 3.
  12. De passagiers baseren het verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,- per persoon. 3.
  13. De vervoerder voert verweer. Hij stelt dat de annulering van de vlucht het gevolg was van buitengewone omstandigheden. Deze konden ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden. 4De beoordeling 4.
  14. De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen. 4.
  15. Vast staat dat de vlucht is geannuleerd. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder aantoont dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. Volgens vaste rechtspraak van het Hof is een omstandigheid buitengewoon als deze niet inherent is aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en hij daar ook geen invloed op kon uitoefenen. 4.
  16. Volgens de vervoerder moest het toestel en dat de vlucht in kwestie zou uitvoeren voorafgaand aan de vlucht in kwestie eerst de rotatievluchten Malaga – Santander – Malaga (vluchtnummers FR2593 en FR2594) en Malaga – Nador – Malaga (vluchtnummers FR3148 en FR3149) uitvoeren. Vlucht FR2593 van Malaga naar Santander kreeg een latere vertrektijd opgelegd door de luchtverkeersleiding. Deze vertraging werkte gedeeltelijk door op vlucht FR2594 van Santander naar Malaga. Wel kon vlucht FR2594 nog enige vertraging inlopen, waardoor deze is teruggelopen naar 23 minuten. Daarna werd vlucht FR2594 met nog 14 minuten vertraagd, maar voor deze vertraging doet de vervoerder geen beroep op buitengewone omstandigheden. 4.
  17. Deze vertraging werkte door op vlucht FR3148 van Malaga naar Nador en op vlucht FR3149 van Nador naar Malaga. Vervolgens kreeg ook vlucht FR3149 van Nador naar Malaga een latere vertrektijd opgelegd door de luchtverkeersleiding. Dit heeft een aanvullende 2 uur en 7 minuten vertraging opgeleverd. Uiteindelijk is vlucht FR3149 met 3 uur 2 minuten uitgevoerd. Daardoor is de beoogde bemanning van de vlucht in kwestie ‘uit de uren gelopen’ en mocht deze niet verder vliegen. Er was geen reservebemanning in Malaga beschikbaar. Daarom heeft de vervoerder de vlucht geannuleerd, aldus de vervoerder. 4.
  18. Het verweer van de vervoerder slaagt. De kantonrechter stelt voorop dat het uit de uren lopen van de bemanning in beginsel een operationeel probleem is. Door bijkomende omstandigheden kan dit echter wel als een buitengewone omstandigheid worden beschouwd. De vervoerder heeft in dit geval voldoende onderbouwd dat het uit de uren lopen van de bemanning – en daarmee de annulering van de vlucht in kwestie – het gevolg was van de doorwerking van de vertraging van de voorgaande vluchten. Hij heeft ook voldoende onderbouwd dat deze vertraging grotendeels het gevolg was van beslissingen door de luchtverkeersleiding. Als de luchtverkeersleiding een toestel een latere vertrektijd oplegt, heeft deze niet de mogelijkheid om toch eerder te vertrekken. De instructies van de luchtverkeersleiding moeten namelijk altijd worden opgevolgd. Dergelijke beperkingen zijn niet inherent aan de normale bedrijfsuitoefening van de vervoerder en hij heeft daar ook geen invloed op. Daarom was de annulering van de vlucht het gevolg van buitengewone omstandigheden. 4.
  19. Resteert de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging vanwege de annulering te voorkomen of te beperken. De vervoerder stelt in dit verband dat hij geen invloed kon uitoefenen op de beslissingen van de luchtverkeersleiding. Weliswaar heeft hij een aantal reservebemanningen paraat staan op de luchthaven van Malaga, maar deze waren al ingezet op eerdere verstoorde vluchten. Na de annulering heeft hij de passagiers omgeboekt naar een alternatieve vlucht naar de eindbestemming. 4.
  20. Het betoog van de vervoerder slaagt. Niet valt in te zien wat er in deze omstandigheden meer of anders van hem kon worden verwacht. De passagiers hebben in dit verband ook niets aangevoerd. Daarom heeft de vervoerder alle redelijke maatregelen getroffen. Dit betekent dat het verzoek van de passagiers zal worden afgewezen. 4.
  21. De proceskosten komen voor rekening van de passagiers omdat zij ongelijk krijgen. Ook de nakosten komen voor rekening van de passagiers, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, als betekening plaatsvindt, met de kosten van de betekening van deze beschikking. 5De beslissingDe kantonrechter: 5.
  22. wijst het verzochte af; 5.
  23. veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de vervoerder tot en met vandaag worden begroot op € 238,00 aan salaris gemachtigde en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 119,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt te vermeerderen, als betekening plaatsvindt, met de kosten van de betekening van deze beschikking; 5.
  24. verklaart deze beschikking – wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. S.N. Schipper, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open Artikel 7 van de Verordening. Artikel 5 lid 3 van de Verordening. Zie onder meer HvJEU 22 december 2008, C-549/07, ECLI:EU:C:2008:771.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.