RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 10994720 \ CV EXPL 24-1831 Uitspraakdatum: 28 mei 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de vennootschap naar het recht harer vestiging AirHelp Germany GmbH gevestigd te Berlijn eiseres hierna te noemen: AirHelp gemachtigde: mr. D.E. Lof (Lof Legal Services) tegen de buitenlandse vennootschap British Airways Plc, gevestigd te Harmondsworth (Verenigd Koninkrijk) gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. J.J.O. Zandt (Ploum Rotterdam Law Firm) De zaak in het kort AirHelp heeft van de vervoerder compensatie gevraagd voor een meer dan drie uur vertraagde vlucht. De vervoerder heeft geen verweer gevoerd tegen de door AirHelp gevorderde hoofdsom. Deze wordt daarom toegewezen. De kantonrechter ziet echter aanleiding om AirHelp te veroordelen in de proceskosten, omdat sprake is van rauwelijks dagvaarden. 1Het procesverloop 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- [betrokkene] (hierna: de passagier) heeft een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 26 juni 2023 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport naar Gatwick Airport, Londen (Verenigd Koninkrijk) met vlucht BA2825 (hierna: de vlucht). 2.
- De vervoerder heeft de vlucht vertraagd uitgevoerd. De passagier is hierdoor met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming. 2.
- De passagier heeft zijn eventuele vorderingsrecht overgedragen aan AirHelp. 2.
- AirHelp heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd. 2.
- De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.
- AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- €250,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
- AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de vervoerder haar vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 (artikel 7 van de Verordening). 3.
- De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt, voor zover relevant, ingegaan bij de beoordeling. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.
- De vervoerder heeft erkend de door AirHelp gevorderde hoofdsom verschuldigd te zijn, zodat dit vaststaat. De door AirHelp gevorderde hoofdsom zal daarom worden toegewezen. 4.
- De vervoerder voert verweer tegen de proceskosten. In beginsel wordt de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten. Dit kan anders zijn als vast komt te staan dat deze kosten nodeloos zijn aangewend of veroorzaakt. 4.
- Niet weersproken is dat de vervoerder de ‘letter before action’ van 31 juli 2023 niet voor de dagvaarding heeft ontvangen. AirHelp stelt dat vorderingen die door haar wordt ingesteld via het online portaal van de vervoerder, automatisch worden afgewezen en dat het daarom zinloos is om de compensatie op die manier aan te vragen. Daarom heeft AirHelp de aanmaning per mail verstuurd. De vervoerder betwist dit. Indien AirHelp het webformulier wel had ingediend, dan had de vervoerder niet kunnen stellen dat hij rauwelijks gedagvaard is, aldus de vervoerder. De kantonrechter gaat mee in het verweer van de vervoerder. Het had op de weg van AirHelp gelegen om aan te tonen dat zij de aanmaning heeft verstuurd en dat de aanmaning de vervoerder heeft bereikt. De kantonrechter oordeelt dat AirHelp daar niet in is geslaagd. Daarom heeft AirHelp met haar werkwijze en proceshouding, waarbij zij op geen enkele wijze heeft getracht om eerst op een minnelijke wijze tot beëindiging van het geschil te komen, de vervoerder niet in de gelegenheid gesteld om de zaak (eventueel) buiten rechte te kunnen afdoen. 4.
- De kantonrechter ziet daarom aanleiding om niet de vervoerder maar AirHelp conform het liquidatietarief te veroordelen in de proceskosten, nu zij deze kosten nodeloos heeft veroorzaakt. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
- veroordeelt de vervoerder tot betaling aan AirHelp van € 250,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 juni 2023, tot aan de dag van voldoening van dit bedrag; 5.
- veroordeelt AirHelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 164,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder en veroordeelt AirHelp tot betaling van € 41,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis tot aan de dag van de algehele voldoening. 5.
- verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. M.W. Koenis, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter