← Nederland

ECLI:NL:RBNHO:2025:7942

RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11021429 \ CV EXPL 24-2125 Uitspraakdatum: 25 juni 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de rechtspersoon naar buitenlands recht AirHelp Germany GmbH gevestigd te Berlijn (Duitsland) eiseres hierna te noemen: Airhelp gemachtigde: mr. D.E. Lof tegen de rechtspersoon naar buitenlands recht Egyptair Airlines Company kantoorhoudende te Amsterdam gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. T. Teke 1Het procesverloop 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek. 1.
  2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
  3. [betrokkene 1], [betrokkene 2] en [betrokkene 3] (hierna: de passagiers) hebben met de vervoerder een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 31 augustus 2023 vervoeren van Amsterdam naar Caïro met vlucht MS
  4. 2.
  5. De passagiers zijn met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming. 2.
  6. De passagiers hebben hun eventuele vorderingsrecht aan Airhelp overgedragen. 2.
  7. Airhelp heeft compensatie van de vervoerder gevorderd. De vervoerder heeft niet uitbetaald.
  8. Het geschil 3.
  9. Airhelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 1.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente; - de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
  10. Airhelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). Airhelp stelt dat de vervoerder vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,- per passagier (artikel 7 van de Verordening). 3.
  11. De vervoerder betwist de vordering. Op zijn verweer wordt bij de beoordeling van het geschil ingegaan. 4De beoordeling 4.
  12. De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.
  13. Vast staat dat de vlucht met 4 uur en 25 minuten vertraging in Caïro is aangekomen, zodat de vervoerder in beginsel een compensatieplicht heeft. Dit is anders indien de vervoerder kan aantonen dat de annulering het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden als bedoeld in artikel 5 lid 3 van de Verordening. 4.
  14. De vervoerder heeft in dit verband aangevoerd dat sprake was van een technisch defect aan de ‘brake accumulator’. Hoewel alle voorgeschreven technische inspecties en onderhoudswerkzaamheden waren uitgevoerd, trad er een fout op die de piloot als verdacht aanmerkte. Nadat de piloot de fout had gemeld bij de luchtverkeersleiding mocht het toestel niet zonder nadere inspectie en goedkeuring vertrekken. Dat heeft tot een vertraging van vier uur geleid. 4.
  15. De kantonrechter overweegt dat een technisch mankement, of een indicatie daarvan, in beginsel moet worden beschouwd als inherent aan de normale uitoefening van de activiteiten van een vervoerder en daarom geen buitengewone omstandigheid oplevert. Dit is slechts anders indien sprake is van een verborgen fabricagefout of schade door sabotage of terrorisme. Gesteld noch gebleken is dat daarvan sprake was. De kantonrechter is daarom van oordeel dat het defect aan het toestel geen buitengewone omstandigheid oplevert. Ten aanzien van de overige vertraging (25 minuten) heeft de vervoerder geen beroep op buitengewone omstandigheden gedaan. 4.
  16. De kantonrechter komt niet toe aan de vraag of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om vertraging te voorkomen dan wel te beperken. De vordering tot betaling van de hoofdsom zal worden toegewezen. 4.
  17. De vervoerder zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal hij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. De gevorderde rente over de proceskosten wordt toegewezen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
  18. veroordeelt de vervoerder tot betaling aan Airhelp van € 1.200,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 31 augustus 2023 tot de dag van de gehele betaling; 5.
  19. veroordeelt de vervoerder tot betaling van de proceskosten die aan de kant van Airhelp tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd: dagvaarding € 135,97;griffierecht € 328,00;salaris gemachtigde € 270,00; vermeerderd met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis; 5.
  20. verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad; Dit vonnis is gewezen door mr. S.N. Schipper, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter HvJEU 17 september 2015, C-257/14, ECLI:EU:C:2015:618.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.