RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11134954 \ CV EXPL 24-3574 Uitspraakdatum: 2 juli 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: 1 [eiser 1], 2. [eiser 2], beiden wonende te [plaats], eisers hierna gezamenlijk te noemen: de passagiers gemachtigde: mr. F.M. Oudolf tegen de commanditaire vennootschap Transavia Airlines C.V. gevestigd te Schiphol gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. L. Kloot 1Het procesverloop 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2Feiten 2.1. De passagiers hebben met Corendon een pakketreisovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hen op 27 juli 2023 vervoeren van Amsterdam Schiphol naar Kos (Griekenland), met vlucht HV307 (hierna: de vlucht). 2.2. Op 6 juni 2023 hebben de passagiers aan Corendon gevraagd of het nierdialyse-apparaat van de passagier sub 1 mee mocht aan boord van het vliegtuig. Corendon heeft hier bevestigend op geantwoord: ‘Machine mag mee- ik laat het ook melden in de boeking.’ 2.3. Op de luchthaven bleek de machine (toch) niet aangemeld voor de vlucht. Daarover is vervolgens discussie ontstaan tussen de passagiers en het personeel bij de incheckbalie. Een medewerker van de vervoerder heeft daarover (onder meer) verklaard:“(…) Eindstand hebben de passagiers tegen X lopen schreeuwen en hebben of wouden ze foto’s maken van haar en wouden ze X der naam weten omdat ze het er totaal niet mee eens waren en uit hun plaat gingen bij de check in. Ook vertelde X dat de passagiers aan der keycord heeft getrokken om achter der naam te komen.X wou deze passagiers al weigeren bij de check in vanwege zijn gedrag en vanwege wat hij heeft gedaan mar de passagiers waren snel weggerend naar de gate toe waardoor X ze helaas niet meer konden weigeren bij de check in.Toen ik bij de gate stond heb ik het verhaal verteld aan de purser en aan de cockpit en de cockpit heeft toen besloten dat ze niet mee gaan op de vlucht. (…)” 2.4. De vervoerder heeft de passagiers bij de gate de toegang tot de vlucht geweigerd. 2.5. De passagiers hebben zelf tickets geboekt voor een alternatieve vlucht de volgende dag. 2.6. De passagiers hebben compensatie en schadevergoeding van de vervoerder gevorderd. 3Het geschil 3.1. De passagiers vorderen dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van € 2.426,00, te vermeerderen met de wettelijke rente. Daarnaast vorderen zij veroordeling van de vervoerder in de proceskosten. 3.2. De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de instapweigering moet compenseren met een bedrag van € 400,- per passagier (artikel 7 van de Verordening nr. 261/2004, hierna: de Verordening). Daarnaast hebben de passagiers als gevolg van de instapweigering extra kosten moeten maken voor bagageopslag op Schiphol (€ 18,00), vervoer van- en naar de luchthaven (€ 61,00) een vervangende vlucht (€ 595,00), een nieuwe transfer naar de accommodatie (€ 50,00) en vervanging van de tas van de passagier sub 2 (€ 60,00). De passagiers stellen dat de vervoerder deze kosten moet vergoeden op grond van artikel 8 en artikel 9 van de Verordening. Ten slotte maken de passagiers aanspraak op € 250,00 p.p. aan smartengeld (artikel 17 van het Verdrag van Montreal en/of artikel 6:162 BW) en € 242,00 aan buitengerechtelijke incassokosten. 3.3. De vervoerder voert betwist de vordering. Op de stellingen van partijen wordt hierna nader ingegaan. 4De beoordeling 4.1. De kern van dit geschil draait om de vraag of de vervoerder de passagiers mocht weigeren op vlucht HV307. Daarover wordt als volgt overwogen. 4.2. In de algemene voorwaarden van de vervoerder is bepaald dat de vervoerder het vervoer van een passagier mag weigeren als de passagier voorafgaand aan de vlucht de veiligheid, de goede orde en/of discipline in gevaar heeft gebracht en de vervoerder redenen heeft om te vermoeden dat dergelijk gedrag zich zou kunnen herhalen tijdens de vlucht. Het is voor de vliegveiligheid van cruciaal belang dat passagiers aanwijzingen van personeel opvolgen om zo de orde en veiligheid aan boord te kunnen bewaken. 4.3. Vaststaat dat tussen de passagiers en de grondmedewerker(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.