RECHTBANK NOORD-HOLLAND Handel, Kanton en Insolventie locatie Haarlem Zaaknr./rolnr.: 11213763 \ CV EXPL 24-5055 Uitspraakdatum: 30 juli 2025 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van: de vennootschap naar het recht harer vestiging AirHelp Germany GmbH gevestigd te Berlijn (Duitsland) eiseres hierna te noemen: AirHelp gemachtigde: mr. D.E. Lof (Lof Legal Services) tegen de buitenlandse vennootschap Turk Havayollari A.O. gevestigd te Ankara (Turkije) gedaagde hierna te noemen: de vervoerder gemachtigde: mr. L. Kloot (LVH advocaten) De zaak in het kort AirHelp heeft van de vervoerder compensatie gevraagd voor een meer dan drie uur vertraagde vlucht. De vervoerder voert aan dat de vertraging het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk vertraging in de ‘start-up/push-back clearance’. Het betoog van de vervoerder slaagt. De vordering van AirHelp wordt afgewezen. 1Het procesverloop 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding: - de conclusie van antwoord; - de conclusie van repliek; - de conclusie van dupliek. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.
- [betrokkene] (hierna: de passagier) heeft een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 19 juni 2023 vervoeren van Amsterdam-Schiphol Airport naar Istanboel Sabiha Gokcen (Turkije), met vlucht TK7769 (hierna: de vlucht) 2.
- De passagier heeft zijn eventuele vorderingsrecht overgedragen aan AirHelp. 2.
- AirHelp heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd. 2.
- De vervoerder heeft niet uitbetaald. 3Het geschil 3.
- AirHelp vordert dat de vervoerder, bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis, veroordeeld zal worden tot betaling van:- € 400,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf de datum van de vlucht tot aan de dag der algehele voldoening;- de proceskosten, te vermeerderen met wettelijke rente. 3.
- AirHelp baseert haar vordering op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). AirHelp stelt dat de vervoerder haar vanwege de vertraging van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 400,00 (artikel 7 van de Verordening). 3.
- De vervoerder voert verweer. Hij voert aan dat de vertraging van de vlucht gevolg was van een buitengewone omstandigheid. Dit kon ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen worden (artikel 5 lid 3 van de Verordening). 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat zij bevoegd is om van de vordering kennis te nemen. 4.
- Vast staat dat de passagier met een vertraging van meer dan drie uur op de eindbestemming is aangekomen. In beginsel moet de vervoerder dan compenseren. Dit is anders als de vervoerder kan aantonen dat de vertraging het gevolg is geweest van een buitengewone omstandigheid die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. 4.
- De vervoerder voert aan dat er sprake was van een buitengewone omstandigheid, namelijk restricties van de luchtverkeersleiding. De vlucht is vertraagd vertrokken door twee oorzaken, namelijk de late aankomst van de voorgaande vlucht (190 minuten vertraging) en restricties van de luchtverkeersleiding (13 minuten vertraging). De uiteindelijke aankomstvertraging van de vlucht was 3 uur en 7 minuten. De vervoerder doet alleen voor 13 minuten een beroep op buitengewone omstandigheden. Deze vertraging is ontstaan door een vertraging in de ‘start-up/push back clearance’. De vervoerder dient zich te houden aan de besluiten van de luchtverkeersleiding. Daarom is er sprake van een buitengewone omstandigheid. Als dit wordt afgetrokken van de algehele aankomstvertraging van 3 uur en 7 minuten, betekent dat de passagier met minder dan drie uur vertraging op de eindbestemming was aangekomen, aldus de vervoerder. 4.
- AirHelp betwist dit. Een vertraging in de ‘start-up/push back clearance’ is geen buitengewone omstandigheid. Deze vertraging is het directe gevolg van de late aankomst voorgaande vlucht. Het toestel stond namelijk niet klaar voor vertrek op de geplande tijd, waardoor de vervoerder een nieuwe vertrektijd moest aanvragen. Als de voorgaande vlucht niet vertraagd aankwam, dan was er ook geen vertraging in de ‘start-up/push back clearance’. Dit is daarom te wijten aan het handelen van de vervoerder en is daarom geen buitengewone omstandigheid. Daarnaast is 190 minuten vertraging veroorzaakt door een niet-buitengewone omstandigheid, dus ook zonder de vertraging in de ‘start-up/push back clearance’ zou de passagier met meer dan drie uur vertraging aangekomen zijn. Tot slot heeft de vervoerder ook geen besluiten van de luchtverkeersleiding overgelegd, aldus AirHelp. 4.
- De vervoerder brengt hier tegen in dat de vertraging op de voorgaande vlucht niet heeft geleid tot de vertraging in de ‘start-up/push back’. De stelling van AirHelp blijkt nergens uit. Er zijn geen slotberichten afgegeven door de luchtverkeersleiding en dat betekent dat de vervoerder gewoon kon vertrekken. Er was immers al toestemming verleend voor vertrek. Vervolgens kreeg de vervoerder via het radioverkeer te horen dat hij moest wachten op de ‘push-back’, dat heeft dus niks te maken met de vertraging van de voorgaande vlucht. 4.
- De kantonrechter oordeelt als volgt. De vervoerder heeft met de overgelegde stukken en zijn toelichting daarop voldoende aangetoond dat de vlucht voor 13 minuten werd vertraagd door buitengewone omstandigheden, namelijk een vertraging in de ‘start-up/push back clearance’. De vervoerder dient altijd de besluiten van de luchtverkeersleiding op te volgen. Dit is niet inherent aan de normale bedrijfsuitoefening en ligt buiten de macht van een luchtvaartmaatschappij. Wanneer de luchtverkeersleiding de vereiste toestemming niet afgeeft op het geplande moment van vertrek, heeft een vlucht niet de mogelijkheid om toch eerder te vertrekken. Nu vertraging van de vlucht deels door buitengewone omstandigheden en deels door andere omstandigheden is veroorzaakt, dient te worden vastgesteld of de passagier zijn aansluitende vlucht zou hebben gehaald zonder de buitengewone omstandigheden. Vast staat dat de passagier met een vertraging van 3 uur en 7 minuten om 20:02 uur (lokale tijd) zijn aangekomen in Istanboel. Zonder de buitengewone omstandigheden van 13 minuten zou de vlucht in kwestie dus om 19:49 uur (met een vertraging van 2 uur en 54 minuten) in Istanboel zijn gearriveerd. Het betoog van de vervoerder slaagt. 4.
- Vervolgens dient de vraag beantwoord te worden of de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft getroffen om de vertraging van de passagier te voorkomen dan wel te beperken. De vervoerder kon de besluiten van de luchtverkeersleiding niet voorkomen en heeft hier ook geen invloed op. De vervoerder heeft de vertraging zo beperkt mogelijk gehouden. Het toestel stond gereed voor vertrek en is zodra toestemming was verleend, vertrokken. Gelet op de relatieve korte vertragingsduur was het inzetten van een ander toestel of het annuleren en omboeken van de passagier niet economisch aanvaardbaar. Er waren geen andere maatregelen die de vervoerder kon nemen. De beste en snelste manier om de passagier op de eindbestemming te krijgen, was wachten op de ‘push back clearance’, aldus de vervoerder. Het betoog van de vervoerder slaagt. Niet valt in te zien wat er onder deze omstandigheden meer of anders van de vervoerder kon worden verwacht. AirHelp heeft hierover ook niets aangevoerd. Dit betekent dat de vordering van AirHelp zal worden afgewezen. 4.
- AirHelp zal in het ongelijk worden gesteld. Daarom zal zij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Ook de nakosten worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt. 5De beslissing De kantonrechter: 5.
- wijst de vordering af; 5.
- veroordeelt AirHelp tot betaling van de proceskosten, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 164,00 aan salaris van de gemachtigde van de vervoerder en veroordeelt de passagier tot betaling van € 41,00 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt; 5.
- verklaart dit vonnis – voor wat de proceskostenveroordeling betreft – uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S. Kleij, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier. De griffier De kantonrechter