RECHTBANK Noord-Holland Civiel recht Zittingsplaats Alkmaar Zaaknummer: C/15/366443 / KG ZA 25-392 Vonnis in kort geding van 13 augustus 2025 in de zaak van 1 [eiseres sub 1] , te [woonplaats] ,
- [eiseres sub 2], te [woonplaats] , eisende partijen, hierna samen te noemen: [eiseressen] , advocaat: mr. M.J.P. Schipper en mr. L. Bond, tegen [gedaagde] , te [woonplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , niet verschenen. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 23 juni 2025 met producties 1 tot en met 5; - de ontvangstbevestiging van Amtsgericht Borken van 30 juni 2025; - het certificaat van aflevering van Amtsgericht Borken van 21 juli 2025;- de mondelinge behandeling van 6 augustus 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;- het tijdens de behandeling tegen [gedaagde] verleende verstek. 2De beoordeling 2.
- Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en ligt voor toewijzing gereed. 2.
- [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiseressen] worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 144,47 - griffierecht € 331,00 - salaris advocaat € 715,00 - nakosten € 178,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 2.074,94 2.
- De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing. 3De beslissing De voorzieningenrechter 3.
- veroordeelt [gedaagde] om op grond van artikel 4:78 BW de door [eiseressen] in randnummer 2.4 van de dagvaarding opgevraagde stukken aan [eiseressen] te verstrekken binnen veertien dagen na datum van dit vonnis, op straffe van een dwangsom van € 500,- per dag met een maximum van € 25.000,- voor ieder dagdeel of iedere dag dat [gedaagde] verzuimt geheel of gedeeltelijk aan het vonnis te voldoen, 3.
- veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 2.074,94, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, 3.
- veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald, 3.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad, 3.
- wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen door mr. A.E. Merkus en in het openbaar uitgesproken op 13 augustus 2025.