RECHTBANK NOORD-HOLLAND Zittingsplaats Haarlem zaaknummer : NL:TZ:0000423383:B001 ZK dossiernummer : BM69599 datum : 5 februari 2026 beschikking op een verzoek tot opheffing van bewind op verzoek van: [betrokkene],geboren te [geboorteplaats], op [geboortedatum],wonende te [adres],hierna te noemen: betrokkene, van wie de bewindvoerder is: Kronenbrug B.V.,postbus 408, 1900 AK Castricum,Kamer van Koophandel-nummer 63958422, hierna te noemen: bewindvoerder. procedure De kantonrechter heeft kennisgenomen van:- het verzoek met bijlagen, ontvangen op 25 november 2025; - de akkoordverklaring van de bewindvoerder; - het verweer van William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, ontvangen op 21 november 2025; - de aanvulling van William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering op het verweer, ontvangen op 15 januari
- Het verzoek is mondeling behandeld op 22 januari
- Daarbij waren aanwezig betrokkene en de bewindvoerder en een begeleider van Cofiducia. De betrokken jeugdreclasseerder van William Schrikker Jeugdbescherming en Jeugdreclassering (hierna ook te noemen: William Schrikker) heeft zich afgemeld en was niet aanwezig. beoordeling Betrokkene en de bewindvoerder vragen om opheffing van het bewind. Aan het verzoek wordt, samengevat, het volgende ten grondslag gelegd. Betrokkene wil graag zijn financiën weer zelf gaan beheren en hij heeft de afgelopen maanden aangetoond dat hij hiertoe in staat is. De bewindvoerder is het eens met het verzoek tot opheffing van het bewind. Betrokkene heeft een positieve houding gehad gedurende het bewind; hij heeft hard gewerkt en hij heeft zich aan de afspraken gehouden. De bewindvoerder heeft er alle vertrouwen in dat betrokkene zijn geld weer zelf kan beheren. William Schrikker voert verweer. Zij zouden graag zien dat het bewind nog wat langer doorloopt omdat zij onvoldoende waarborgen zien voor stabiliteit in de financiën zonder hulp. Omdat William Schrikker ter zitting niet aanwezig was hebben zij hun standpunten niet nader kunnen toelichten. Uit de stukken en de behandeling op zitting is naar het oordeel van de kantonrechter aannemelijk geworden dat de noodzaak voor het bewind niet meer aanwezig is. Het gaat goed met betrokkene: hij heeft laten zien dat hij hard aan zichzelf heeft gewerkt, hij heeft gespaard en hij komt zijn afspraken na. De kantonrechter heeft er vertrouwen in dat betrokkene waar nodig om hulp zal vragen. Het verzoek tot opheffing van het bewind zal worden toegewezen. beslissing De kantonrechter: heft het bewind ten behoeve van [betrokkene] op met ingang van twee weken na de datum van deze beschikking; bepaalt dat de bewindvoerder voor de (aanvangs)werkzaamheden en voor de met het bewind gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven, ten laste van het vermogen van betrokkene mag brengen. Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. van Rijn, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken. Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam: door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak; door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.