RECHTBANK Noord-Holland Civiel recht Zittingsplaats Alkmaar Zaaknummer / rekestnummer: C/15/372656 / HA RK 25-188 Beschikking van 15 januari 2026 (bij vervroeging) in de zaak van [verzoeker] , te [woonplaats] , verzoekende partij, hierna te noemen: [verzoeker] , advocaat: mr. J.P. Groen. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift, - de e-mail namens [verzoeker] van 16 december 2025, - de e-mail, met bijlagen, namens [verzoeker] van 13 januari
- 1.
- De beschikking is bepaald op vandaag. 2De feiten 2.
- [verzoeker] is samen met de heer [naam] (hierna: [naam] ) in oktober 2019 een hypothecaire geldlening (hierna: de geldlening) aangegaan met Roe Holding B.V. (hierna: Roe). [verzoeker] en [naam] hebben een bedrag geleend van € 160.000,- voor de aankoop van een recreatiewoning. Ter zekerheid voor terugbetaling van het geleende bedrag is ten behoeve van Roe een hypotheek gevestigd op de recreatiewoning. 2.
- De vorderingsrechten van Roe, waaronder die uit hoofde van de geldlening op [verzoeker] en [naam] , zijn op 31 december 2019 overgedragen aan het open fonds voor gemene rekening [OFGR] (hierna: het OFGR). Stichting [de stichting] (hierna: [de stichting] ) was op dat moment beheerder en bewaarder van het OFGR. 2.
- Uit een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel blijkt dat op 31 december 2019 is geregistreerd dat Roe is opgehouden te bestaan omdat geen bekende baten meer aanwezig zijn met ingang van 30 december
- 2.
- [verzoeker] en [naam] hebben vanaf januari 2020 de over de geldlening maandelijks verschuldigde rente aan het OFGR voldaan. Zij hebben aan het OFGR ook aflossingen voldaan van in totaal € 160.000,-. 2.
- Bij brief van 2 februari 2022 is door het OFGR aan [verzoeker] bevestigd dat de geldlening volledig is afgelost. 2.
- De aan de geldlening verbonden hypothecaire inschrijving op de recreatiewoning is niet doorgehaald. 2.
- Uit een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel blijkt dat op 30 april 2025 is geregistreerd dat [de stichting] is opgehouden te bestaan omdat geen bekende baten meer aanwezig zijn met ingang van 16 april
- 2.
- [verzoeker] en [naam] willen de recreatiewoning verkopen. Er is een conceptovereenkomst opgesteld en de beoogde leveringsdatum is 30 januari
- 3Het verzoek 3.
- In het verzoekschrift verzoekt [verzoeker] heropening van de vereffening van Roe en [de stichting] en benoeming van een vereffenaar als bedoeld in artikel 2:23c van het Burgerlijk Wetboek (BW). In de e-mail van 13 januari 2026 heeft [verzoeker] dit verzoek beperkt tot enkel heropening van de vereffening van [de stichting] en benoeming van een vereffenaar. 3.
- Aan het verzoek legt [verzoeker] het volgende ten grondslag. [verzoeker] heeft er recht en belang bij dat de hypothecaire inschrijving op de recreatiewoning wordt doorgehaald. De geldlening is volledig afbetaald en de hypothecaire inschrijving is daardoor waardeloos geworden. Door de hypothecaire inschrijving kan de recreatiewoning niet worden geleverd. De vereffening van [de stichting] moeten worden heropend omdat zij de partij is op wie, in haar hoedanigheid van beheerder en bewaarder van het OFGR, de geldlening op grond van artikel 6:143 BW is overgegaan. Bij toewijzing van het verzoek kan vanuit [de stichting] een verklaring van waardeloosheid worden afgegeven en verder het nodige worden gedaan om de hypothecaire inschrijving door te halen. [verzoeker] verzoekt mevrouw C. van Westen-Pool (hierna Pool) tot vereffenaar van [de stichting] te benoemen. Zij is als voormalig bestuurder van [de stichting] en als bewaarder van de boeken en bescheiden van [de stichting] de meest aangewezen persoon. 4De beoordeling 4.
- [verzoeker] kan als belanghebbende bij het verzoek worden beschouwd omdat hij samen met [naam] eigenaar in van de recreatiewoning die hij heeft verkocht en wenst te leveren aan een derde. 4.
- Indien na het tijdstip waarop de rechtspersoon is opgehouden te bestaan nog een schuldeiser of een gerechtigde tot het saldo opkomt of van het bestaan van een bate blijkt, kan de rechtbank op verzoek van een belanghebbende de vereffening heropenen en indien nodig een vereffenaar benoemen (artikel 2:23c lid 1 BW). De heropening van de vereffening kan naar het oordeel van de rechtbank met een analoge toepassing van artikel 2:23c lid 1 BW ook worden bevolen in het geval de heropening vereist is om de uitvoering van een bepaalde rechtshandeling mogelijk te maken. 4.
- [verzoeker] heeft stukken overgelegd waaruit blijkt dat geldlening, die aan hem door Roe is verstrekt en is overgedragen aan het OFGR, volledig is voldaan. Uit de uitdraai van het kadaster van de recreatiewoning blijkt dat de hypothecaire inschrijving ten behoeve van de recreatiewoning op naam van Roe staat. Om doorhaling van de hypotheek alsnog te kunnen realiseren is heropening van de vereffening van [de stichting] als beheerder en bewaarder van het OFGR noodzakelijk. 4.
- [verzoeker] heeft de noodzaak om de vereffening van [de stichting] te heropenen voldoende onderbouwd. Ook is gebleken van de noodzaak tot het benoemen van een vereffenaar. De rechtbank zal het verzoek ook toewijzen en zoals verzocht Pool tot vereffenaar benoemen. 5De beslissing De rechtbank 5.
- heropent de vereffening van het vermogen van Stichting [de stichting] , laatstelijk gevestigd te Hoorn, 5.
- benoemt tot vereffenaar mevrouw C van Westen-Pool, [adres] , [postcode] Hoorn, 5.
- verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. D.D.M. Hazeu en bij vervroeging in het openbaar uitgesproken op 15 januari
- MKG/DH