RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling privaatrecht Locatie Groningen Zaak\rolnummer: 578548 \ CV EXPL 13-2176 Vonnis d.d. 30 oktober 2013 inzake [naam] , wonende te [woonplaats], eiser, hierna [eiser] te noemen, gemachtigde mw. mr. S. de Jong, Stichting Univé Rechtshulp, tegen de besloten vennootschap JOB4LIFE B.V., gevestigd te Kropswolde, gemeente Hoogezand Sappemeer, en kantoorhoudende te W.A. Scholtenlaan 17 (9615 TG) Kolham, gedaagde, hierna Job4Life te noemen, gemachtigde mr. E.J.Luursema, advocaat te Hoogezand. PROCESGANG [eiser] heeft bij dagvaarding, op de daarin geformuleerde gronden, gevorderd bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad JOB4LIFE te veroordelen tot betaling van een aanvulling van de ziektewetuitkering over de periode 14 juni 2012 tot 20 december 2012 te vermeerderen met de wettelijke rente over het totale bedrag ingaande de vervaldag van die betalingen en tevens JOB4LIFE te veroordelen tot afgifte van specificaties van de uitbetaalde bedragen, en tot betaling van een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten ad € 700,00 te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag, met veroordeling van JOB4LIFE in de kosten van de procedure. JOB4LIFE heeft de vorderingen betwist. Partijen hebben vervolgens over en weer hun standpunten nader toegelicht. [eiser] heeft bij repliek zijn vordering gewijzigd waarbij hij als aanvulling op de ziektewetuitkering over de periode 18 juni tot 20 december 2012 een bedrag vordert van € 2.948,00 alsmede een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten van € 425,00 te vermeerderen met de wettelijke rente over die bedragen. Bij vonnis van 4 september 2013 is [eiser] in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de bij dupliek overgelegde productie. Voorts is JOB4LIFE in de gelegenheid gesteld alsnog een exemplaar van de NVUB cao over te leggen. [eiser] heeft zich bij akte over de overgelegde productie uitgelaten, JOB4LIFE heeft bij akte een exemplaar van de betreffende cao in het geding gebracht waarna vonnis is bepaald op heden. OVERWEGINGEN 1De feiten 1.1 Tussen partijen staat als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet, althans onvoldoende gemotiveerd weersproken het volgende vast. 1.2 [eiser] is op 30 maart 2012 bij JOB4LIFE in dienst getreden op grond van een uitzendovereenkomst Fase 1 en 2. In de uitzendovereenkomst is, onder meer, bepaald dat op die overeenkomst de NVUB cao voor Uitzendkrachten (verder: de cao) van toepassing is. [eiser] is per 2 april 2012 als scheepslasser tewerkgesteld bij [naam] Shipyards te Hoogezand tegen een salaris van € 489,61 bruto per week. 1.3 Bij schrijven van 20 juni 2012 heeft het UWV [eiser] onder meer aangegeven dat zijn dienstverband op 14 juni 2012 is beëindigd. Voorts is medegedeeld: "Omdat u op die datum ziek was, heeft u recht op Ziektewetuitkering... .. De eerste twee dagen van ziekte gelden als wachtdagen....... U krijgt daarom per 18 juni 2012 een Ziektewetuitkering. " . 1.4 ( De raadsvrouwe van) [eiser] heeft tegenover JOB4LIFE op grond van het bepaalde in artikel 29, lid 5 van de cao aanspraak gemaakt op aanvulling van de ziektewetuitkering tot 90%, uitmakend een brutobedrag van € 22,00 per dag. 1.5 Bij e-mail van 18 december 2012 heeft JOB4LIFE onder meer aangegeven: "De eerste dag van arbeidsongeschiktheid betreft 14-06-2012, aldus de heer [eiser]. Per 22-06-2012 meldt de heer [eiser] zich weer hersteld. Vervolgens vernemen wij daarna niets meer van de heer [eiser] en/of zijn partner. Niet schriftelijk en niet telefonisch. Voorafgaand aan uw brief van 01 november 2012 heeft de heer [eiser] en/of zijn partner ons nooit benaderd met het verzoek tot aanvulling. Van ziekte was immers ook geen sprake meer. Bij brief van d.d. 01 november 2012 vernemen wij voor het eerst weer een reactie van u in opdracht van de heer [eiser] met een schriftelijk verzoek waarmee u een aanvullende betaling tot 90% instelt. De CAO voor Uitzendkrachten is niet algemeen verbindend verklaard. Dat houdt kort gezegd in dat wij op grond hiervan geen aanvulling tot 90% verschuldigd zijn. " 1.6 Bij schrijven van 21 januari 2013 heeft (de raadsvrouwe van) [eiser] aanspraak gemaakt op aanvulling van de ziektewetuitkering over de periode 14 juni tot 20 december 2012. 2Het standpunt van [eiser] 2.1 De arbeidsovereenkomst is geëindigd door ziekte van [eiser]. Het UWV heeft hem met ingang van 14 juni 2012 een ziektewetuitkering toegekend. [eiser] betwist dat hij zich per 22 juni 2012 hersteld heeft gemeld. Hij heeft vanaf 14 juni 2012 ook steeds een ziektewetuitkering gekregen. Uit de uitzendovereenkomst blijkt ook dat de cao van toepassing is. Op zijn salaris werd ook een ziektewetpremie ingehouden. 2.2 Bij repliek heeft hij zijn vordering gewijzigd. [eiser] vordert een bedrag van € 2.948,00. Het verschil tussen de ziektewetuitkering en 90% van het dagloon bedraagt € 22,00 bruto per dag of wel € 462,00 per maand. 2.3 De eerste ziektedag was 14 juni. De ziektewetuitkering is per 18 juni 2012 ingegaan in verband met wachtdagen. JOB4LIFE had [eiser] per 14 juni moeten ziek melden maar heeft dat niet gedaan. Zij heeft hem ten onrechte op 22 juni 2012 beter gemeld. 2.4 Op grond van het bepaalde in artikel 13, sub 3a van de cao eindigt de uitzendovereenkomst onder meer ingeval van ziekte. De arbeidsovereenkomst is dan ook geëindigd per 14 juni 2012. 2.5 [eiser] betwist dat de cao niet langer van toepassing is door de beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Dit strookt ook niet met het bepaalde in artikel 29, vijfde lid van de cao. 2.6 [eiser] heeft, aldus akte uitlating productie, zich volgens de regels ziekgemeld. Ook het UWV is uitgegaan van een ziekmelding per 14 juni 2012. In haar e-mail van 18 december 2012 heeft JOB4LIFE ten onrechte aangegeven dat [eiser] zich per 22 juni 2012 weer hersteld heeft verklaard. 3Het standpunt van JOB4LIFE 3.1 JOB4LIFE heeft bij antwoord (alsnog) bevestigd dat [eiser] per 30 maart 2012 bij haar in dienst is getreden en dat de cao, zoals vermeld in de uitzendovereenkomst, van toepassing is. 3.2 De arbeidsovereenkomst is per 14 juni 2012 geëindigd en wel op verzoek van de inlener [naam] Shipyards. Met het einde van de arbeidsovereenkomst is ook de toepasselijkheid van de cao geëindigd. [eiser] heeft zich op 14 juni 2012 bij het UWV gemeld. De aanvulling wordt gevraagd vanaf de eerste dag waarop de arbeidsovereenkomst en de cao niet meer gelden. 3.3 De aanvullingsbepaling van de cao is geschreven om de zieke werknemer te beschermen gedurende het bestaan van de arbeidsovereenkomst. Een zieke werknemer loopt het risico dat de inlener wegens kortstondige of langdurige ziekte de tewerkstelling beëindigt en dat daarmee de uitzendovereenkomst wordt beëindigd. De ziekte en de uitkeringsaanvraag van [eiser] vonden echter plaats na de laatste dag van de arbeidsovereenkomst. Voor de inlener was niet de ziekte van [eiser] de reden om de tewerkstelling te beëindigen. Aanleiding was dat [eiser] meerdere malen een aanvaring heeft gehad met de leiding en diverse malen zonder opgave van reden niet op de werkplek is verschenen. De beëindiging heeft dan ook niets te van doen met de ziekte van [eiser]. 3.4 JOB4LIFE betwist dat [eiser] aanspraak heeft op vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. 3.5 Bij dupliek is een e-mail bericht overgelegd van de inlener van 14 juni 2012 verzonden 8:40 uur. De inlening wordt opgezegd omdat [eiser] die dag niet op zijn werk is verschenen, hij eerder een aanvaring heeft gehad met groepsleider en zonder opgave van reden vaker niet op zijn werkplek is verschenen. In die e-mail wordt niet gesproken van ziekte of een ziekmelding. Vanwege het uitzendbeding in de uitzendovereenkomst is de uitzendovereenkomst geëindigd doordat de inlener de inlening wegens disfunctioneren heeft opgezegd. 3.6 [eiser] is door eigen toedoen per 14 juni 2012 werkloos geraakt en kan vanaf die datum niet meer gelden als werknemer van JOB4LIFE. Bij die datum kan hij dan ook geen rechten meer ontlenen aan de op de arbeidsovereenkomst van toepassing zijnde cao. 4Beoordeling 4.1 Partijen zijn met het in de uitzendovereenkomst opgenomen incorporatiebeding overeengekomen dat op de uitzendovereenkomst de bepalingen van de cao van toepassing zijn. Niet gesteld of gebleken is dat partijen ten aanzien van de toepasselijkheid van die cao een beperking zijn overeengekomen. 4.2 In artikel 29, vijfde lid van de cao is ter zake van een uitzendovereenkomst als de onderhavige, met een uitzendbeding in fase 1 en fase 2, voor zover van belang bepaald: de uitzendonderneming zal, "inzake de aanvulling van het verschil tussen de Ziektewetuitkering en het uitkeringsdagloon, er zorg voor dragen dat deze wettelijke uitkering gedurende de eerste 52 aaneengesloten weken wordt aangevuld tot 90%. Voor deze aanvulling dient de uitzendonderneming een verzekering af te sluiten. " 4.3 In artikel 13, derde lid van de cao is bepaald: "
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.