RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling Privaatrecht Locatie Heerenveen zaak-/rolnummer: 425450 \ CV EXPL 13-1042 vonnis van de kantonrechter ex art. 254 lid 4 Rv d.d. 24 april 2013 inzake de stichting STICHTING ACCOLADE, gevestigd te Heerenveen, eiseres, gemachtigde: mr. J.A.M. Deckers, tegen [GEDAAGDE], wonende te [woonplaats], gedaagde, procederende in persoon. Partijen zullen hierna "Accolade" en "[gedaagde]" worden genoemd. Procesverloop 1.1. Accolade heeft [gedaagde] in kort geding doen dagvaarden tegen de openbare terechtzitting van 10 april 2013. 1.2. Accolade heeft toen op de bij dagvaarding vermelde gronden gevorderd dat de kantonrechter, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad: I. [gedaagde] veroordeelt om de betreffende onderhoudswerkzaamheden toe te laten en te gedogen en zo nodig zijn medewerking te verlenen, waaronder het verschaffen van toegang tot het gehuurde aan medewerkers van Accolade en/of derden die van Accolade opdracht hebben gekregen om de werkzaamheden uit te voeren; II. [gedaagde] veroordeelt om aan Accolade te betalen een bedrag van € 50,00 per dag voor elke dag dat [gedaagde] nalaat - op eerste verzoek van Accolade daartoe - om gevolg te geven aan het te wijzen vonnis, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag dat het bedrag opeisbaar is geworden tot aan de dag der algehele voldoening; III. [gedaagde] veroordeelt in de kosten van de procedure. 1.3. [gedaagde] heeft op voorhand een brief d.d. 5 april 2013 aan de kantonrechter gestuurd, waarbij hij verweer voert. Ter terechtzitting hebben partijen hun standpunten toegelicht, waarbij de gemachtigde van Accolade gebruik heeft gemaakt van pleitnotities. [gedaagde] heeft verweer gevoerd tegen het gevorderde. Van het verhandelde ter zitting is aantekening gehouden door de griffier. 1.4. Accolade heeft producties overgelegd. 1.5 Ten slotte is vonnis bepaald op heden. Motivering De feiten 2. In deze procedure zal van de volgende vaststaande feiten worden uitgegaan. 2.1. Tussen Accolade als verhuurder en [gedaagde] als huurder bestaat sinds 18 augustus 2011 een huurovereenkomst met betrekking tot de (flat)woning aan het [adres] te [plaats], tegen een huurprijs van laatstelijk € 504,06 (inclusief bijkomende kosten) per maand. De woning maakt deel uit van een flat met in totaal 56 huurwoningen. 2.2. Op de huurovereenkomst zijn van toepassing de door Accolade gehanteerde algemene huurvoorwaarden. In artikel 10.2. van deze huurvoorwaarden is bepaald: Dringende werkzaamheden 10.2. Indien gedurende de huurtijd dringende werkzaamheden aan het gehuurde moeten worden uitgevoerd of de verhuurder (op grond van artikel 5:56 BW) iets moet toestaan ten behoeve van een naburig erf, geeft de huurder verhuurder daartoe de gelegenheid, zonder dat de huurder aanspraak heeft op vermindering van de huurprijs, op ontbinding van de huurovereenkomst en/of schadevergoeding, onverminderd hetgeen is geregeld in artikel 4.7. van deze algemene voorwaarden. 2.3. Accolade heeft voor de onderhavige flat een onderhoudsplan opgesteld en aan de huurders voorgelegd. Het gaat onder andere om vervanging van de buitenkozijnen, het coaten van de bovenzijde van galerij- en balkonvloeren, het aanbrengen van spouwmuur-isolatie, het aanbrengen van individuele centrale verwarming ter vervanging van de huidige blokverwarming, asbestverwijdering en het aanbrengen van nieuwe keukenblokken. 2.4. Op 5 maart 2013 heeft een door Accolade georganiseerde bewonersavond plaatsgevonden. Aan de huurders is een antwoordformulier verstrekt, waarop aangegeven kon worden of men akkoord ging met de aangekondigde werkzaamheden en met de verhoging van de huur met een bedrag van € 5,00 per maand voor het installeren van een centrale verwarmingsinstallatie met een HR-combiketel. Daartegenover vervalt de huurdersbijdrage voor de geiser ad € 7,06 per maand. Uiteindelijk hebben 49 huurders zich met een en ander akkoord verklaard. Van vijf huurders - waaronder [gedaagde] - heeft Accolade het antwoordformulier nog niet retour ontvangen. 2.5. [gedaagde] heeft - in een uitgebreide correspondentie van zijn kant met Accolade - zich op het standpunt gesteld dat hij alleen akkoord gaat met de onderhoudswerkzaamheden indien hem vooraf een bedrag van € 1.500,- wordt betaald als schadevergoeding. Accolade heeft dit voorstel van [gedaagde] van de hand gewezen. Tot op heden ligt er dan ook nog geen akkoordverklaring van de kant van [gedaagde] voor de onderhoudswerkzaamheden aan zijn woning. De standpunten van partijen 3. Accolade legt aan haar vorderingen het volgende ten grondslag. Voor het jaar 2013 heeft de overheid een gunstiger tarief omzetbelasting (6% in plaats van 21%) van toepassing verklaard voor het verrichten van groot onderhoud. Accolade heeft er ten behoeve van de onderhoudswerkzaamheden aan de flat - die zij als dringende werkzaamheden in de zin van artikel 7:220 BW benoemt - belang bij dat zij dit fiscale voordeel in 2013 kan benutten. Deze werkzaamheden zullen volgens de planning op 15 april 2013 starten. Daarin ligt tevens het spoedeisend belang bij de gevraagde voorlopige voorziening, aldus Accolade. Dringende werkzaamheden dienen door [gedaagde] als huurder te worden gedoogd krachtens de wet en de algemene huurvoorwaarden. Indien er bij deze werkzaamheden schade voor [gedaagde] ontstaat, dan zal Accolade die, mits redelijk, vergoeden. Accolade wil echter niet vooraf - terwijl niet eens vast staat dat er schade is of zal zijn - al een schadevergoeding met [gedaagde] afspreken. Accolade eist tevens dat [gedaagde] een bedrag van € 50,00 per dag aan Accolade moet voldoen indien hij nalaat om op eerste verzoek van Accolade gevolg te geven aan het te wijzen vonnis. 4. [gedaagde] voert verweer. Hij wenst niet akkoord te gaan met de door Accolade aangekondigde onderhoudswerkzaamheden, tenzij Accolade vooraf een bedrag van € 1.500,00 aan schadevergoeding aan hem betaalt. [gedaagde] heeft er naar eigen zeggen geen enkel vertrouwen in dat de kwestie van de schade ná de onderhoudswerkzaamheden met Accolade naar behoren kan worden geregeld. [gedaagde] heeft de vloerbedekking - die volgens hem beschadigd zal raken bij de onderhoudswerkzaamheden - op voorhand al uit/van zijn woning verwijderd. Datzelfde geldt voor de door hem aangebrachte zonwering. De gevraagde schadevergoeding ziet op de kosten voor de vervanging van vloerbedekking, vitrage, gordijnen en zonwering, die noodzakelijk is als gevolg van de uit te voeren onderhoudswerkzaamheden, aldus [gedaagde]. [gedaagde] is overigens nog van mening dat aan alle huurders een bedrag van € 569,00 moet worden toegekend ter compensatie van hinder en ongemak. De beoordeling van het geschil 5. De kantonrechter zal eerst ingaan op het spoedeisend belang bij de door Accolade gevraagde voorzieningen. Ter zitting is gebleken dat voor wat betreft de spoedeisendheid "de soep niet zo heet wordt gegeten" als deze in de (aanvraag voor
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.