RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling Privaatrecht Locatie Assen zaak-/rolnummer: 4465247 \ CV EXPL 15-7283 vonnis van de kantonrechter van 8 maart 2016 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [opposante], hierna te noemen: [opposante] , gevestigd te [postcode opposante] [vestigingsplaats opposante] , [adres opposante] , opposante, gemachtigde: mr. J.T. Schlepers, tegen De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Drieweg Advies B.V., hierna te noemen: Drieweg, gevestigd te 5469 EX Erp, Kampweg 10, geopposeerde, gemachtigde: L.C.G. van Seggelen &Partners. Het verloop van de procedure 1.1 De partijen hebben de volgende stukken in het geding gebracht c.q. proceshandelingen verricht: - de inleidende dagvaarding en het verstekvonnis; - de dagvaarding in oppositie van 16 september 2015 met producties; - de conclusie van antwoord in oppositie met producties; - de aanvullende akte bij conclusie van antwoord in oppositie; - de conclusie van repliek in oppositie. 1.2 Ten slotte is bepaald dat de kantonrechter vonnis zal wijzen, waarvan de datum nader is vastgesteld op vandaag. De vaststaande feiten 2.1 De kantonrechter gaat uit van de volgende feiten, die vaststaan omdat ze niet of niet voldoende zijn betwist en/of blijken uit de in zoverre onweersproken gelaten inhoud van de overgelegde producties. 2.2 Drieweg is een adviesbureau voor het midden- en kleinbedrijf binnen (met name) de agrarische sector. Zij adviseert, begeleidt en ondersteunt bedrijven en ondernemers in deze sector op het gebied van onder andere technische en bedrijfseconomische begeleiding, mest wet- en regelgeving, ruimtelijke ordening en vergunningen. 2.3 Op of omstreeks 31 januari 2013 heeft SCM Adviesgroep voor [opposante] bij de gemeente Hardenberg een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een project op het adres Kalkwijk in De Krim ingediend Dit project omvat blijkens de bevestiging van de aanvraag de volgende activiteiten: "inrichting of mijnbouwwerk oprichten of veranderen (Milieu)". 2.4 Omstreeks juli 2013 is [opposante] via de heer Karel [A] bij Drieweg terecht gekomen. Op 11 juli 2013 heeft ten kantore van Drieweg een gesprek plaatsgevonden waarbij, naast de heer [A] , van de zijde van [opposante] de heer [directeur opposante] aanwezig was. Drieweg werd vertegenwoordigd door de heer [medewerker Drieweg 1] . Partijen hebben afspraken gemaakt met betrekking tot de door Drieweg te verrichten werkzaamheden voor [opposante] . [opposante] heeft de facturen van Drieweg over de periode van augustus 2013 tot december 2014, welke facturen zien op "mogelijkheden onderzoeken" en "bestemmingsplan wijzigen" in het kader van de in opdracht verrichte werkzaamheden, zonder enig protest en zonder enig voorbehoud voldaan. 2.5 Op 6 maart 2014 heeft [opposante] aan Drieweg, in de persoon van ing. [medewerker Drieweg 2] , machtiging gegeven tot het instellen van een verzoek bij de gemeente Hardenberg om een planologische principe-uitspraak. Op 1 mei 2014 heeft [directeur opposante] namens [opposante] een ondertekende machtiging aan Drieweg verleend: "Om als gemachtigde op te treden. Hiermee wordt tevens de machtiging aan SCM Milieu B.V. ingetrokken.". 2.6 Op 15 december 2014 heeft een gesprek plaatsgevonden bij Staatsbosbeheer in het kantoor in de boswachterij Hardenberg inzake [project] ". Daarbij waren aanwezig [directeur opposante] , Staatsbosbeheer, en de heren [medewerker Drieweg 2] en [medewerker Drieweg 1] van Drieweg. 2.7 Drieweg heeft [opposante] vervolgens de navolgende facturen gestuurd: Factuur d.d. factuurnummer ad. € 08-01-2015 15700073 € 5.009,40 08-01-2015 15700074 € 6.860,70 05-02-2015 15700088 € 1.887,60 05-02-2015 15700087 € 680,63 05-03-2015 15700173 € 81,68 2.7 Bij brief van de toenmalige gemachtigde van [opposante] - Administratie Belasting en Advieskantoor Nieboer - van 6 februari 2015 schrijft deze aan Drieweg: "In deze is het zo dat de exploitatie van de locatie te De Krim waarop uw facturen betrekking hebben, onder overname van uw kosten is overgedragen aan Groenrecycling Rouveen B.V., Oude Rijksweg 335, 7954 EL Rouveen. Wij verzoeken u dan ook deze facturen te richten aan Groen Recycling Rouveen B.V.". 2.8 Bij onder meer een brief van 12 maart 2015 is [opposante] aangemaand en gesommeerd om een viertal in die brief aangeduide facturen te voldoen, bij gebreke waaraan aanspraak wordt gemaakt op buitengerechtelijke incassokosten. 2.9 Bij verstekvonnis van 22 juli 2015 (zaak-/rolnummer: 424426 CV EXPL 15-4842), waarvan verzet, is [opposante] veroordeeld om aan Drieweg tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen de verschuldigde som van € 16.049.4 vermeerderd met de overeengekomen, althans de wettelijke handelsrente over € 14.520,01 vanaf de dag der dagvaarding tot die der voldoening, één en ander een bedrag ad € 25.000,00 niet te boven gaande en met veroordeling van [opposante] in de kosten van de procedure. De vordering en het verweer, samengevat en zakelijk weergegeven 3.1 [opposante] vordert dat de kantonrechter, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, [opposante] zal ontheffen van de veroordeling uitgesproken bij het verstekvonnis van de rechtbank Noord-Nederland, afdeling privaatrecht, locatie Assen, van 22 juli 2015 tussen Drieweg als eiseres en [opposante] als gedaagde gewezen, met het alsnog niet-ontvankelijk verklaren van Drieweg in haar vorderingen, althans haar deze te ontzeggen met veroordeling van Drieweg in de kosten van zowel de verstekprocedure als de onderhavige verzetprocedure. 3.2 [opposante] voert daartoe het navolgende verweer. [opposante] betwist de gestelde overeenkomst van opdracht. Het feit dat [opposante] bij een tweetal gesprekken aanwezig is geweest, betekent uiteraard niet dat er een opdracht tot stand zou zijn gekomen. Het had op de weg van Drieweg gelegen, als professionele marktpartij, om een eventuele opdracht schriftelijk te bevestigen. Bij conclusie van repliek stelt [opposante] dat Drieweg haar heeft voorgespiegeld dat zij via Drieweg een vergunning zou krijgen met daarbij een subsidie voor een biovergister. Uit deze subsidie zouden de kosten van Drieweg worden voldaan. Ofwel, [opposante] zou niet hoeven te betalen. Drieweg zou dus werkzaamheden gaan verrichten die zouden worden bekostigd uit de te verkrijgen subsidies. [opposante] heeft de eerdere nota's betaald omdat Drieweg stelde dat dat voor het verkrijgen van de subsidies nodig was. Hetzelfde geldt voor de getekende machtiging. Bij gebrek aan wetenschap betwist [opposante] ook dat de gestelde werkzaamheden zijn uitgevoerd. [opposante] kreeg argwaan toen hij geen stukken kreeg. Voor zover een opdracht wordt aangenomen, heeft [opposante] met Drieweg nooit gesproken over de uurtarieven. De gehanteerde tarieven zijn bovendien niet gebruikelijk in de branche. De facturen zijn ook om die reden onterecht. Voorts zijn de gestelde algemene voorwaarden niet van toepassing; deze zijn nooit ter sprake gekomen. 3.3 Drieweg heeft verweer gevoerd en geconcludeerd tot bekrachtiging van het verstekvonnis van 22 juli 2015, met veroordeling van [opposante] in de kosten van beide instanties. Drieweg beroept zich op de vaststaande feiten en heeft daartoe nog het navolgende aangevoerd. 3.4 Tussen partijen is een (mondelinge) overeenkomst van opdracht in de zin van artikel 7:400 BW tot stand gekomen. Tijdens het gesprek op 11 juli 2013 is door [opposante] uitdrukkelijk aan Drieweg (mondeling) de opdracht gegeven haar verder bij te staan en te begeleiden in het proces rondom de aanvraag omgevingsvergunning en alle daarbij voorkomende werkzaamheden (zoals bijvoorbeeld herziening bestemmingsplan) uit te voeren. Deze opdracht is door Drieweg (mondeling) aanvaard. Dat Drieweg van [opposante] opdracht heeft gekregen, volgt uit het gegeven dat [opposante] de facturen van Drieweg over de periode van augustus 2013 tot december 2014, welke facturen zien op de door Drieweg in het kader van de opdracht verrichte werkzaamheden, zonder enig protest en zonder enig voorbehoud heeft voldaan. De opdracht moge voorts blijken uit een door [opposante] op 6 maart 2014 ondertekend verzoek om een planologische principe uitspraak, waarin [opposante] als aanvrager Drieweg als gemachtigde aanstelt. Drieweg wijst tot slot op een door de heer [directeur opposante] getekende machtiging van 1 mei 2014 waarmee (nogmaals) geformaliseerd wordt dat Drieweg als gemachtigde van [opposante] zal optreden. Conform de opdracht van [opposante] heeft Drieweg na het bezoek aan Staatsbosbeheer op 15 december 2014 de nodige werkzaamheden verricht om een herziening van het bestemmingsplan te realiseren. De facturen voor deze werkzaamheden heeft [opposante] evenwel onbetaald gelaten. [opposante] heeft (stilzwijgend) ingestemd met het door Drieweg gehanteerde (uur-)tarief. Zij heeft immers in de periode van augustus 2013 tot december 2014 de facturen van Drieweg zonder enig protest voldaan en daarbij nooit de factuurbedragen c.q. de gehanteerde tarieven betwist. Uit artikel 7:405 lid 2 BW volgt overigens dat bij gebrek aan een afspraak over de hoogte van het loon, het loon op de gebruikelijke wijze berekend dient te worden. Is er geen gebruikelijke wijze om het loon te berekenen, dan dient opdrachtgever een redelijk loon te betalen. Drieweg stelt dat haar tarieven algemeen gangbare tarieven zijn in de branche waarin zij werkzaam is. De facturen tot in ieder gevat december 2014 zijn door [opposante] ontvangen en (zonder protest) voldaan. Op alle facturen, zo ook op de eerste factuur van 5 september 2013, staan de algemene voorwaarden op de achterzijde van het briefpapier afgedrukt. [opposante] heeft nooit een opmerking gemaakt over deze algemene voorwaarden, laat staan daartegen geprotesteerd. Daaruit heeft Drieweg mogen begrijpen dat [opposante] de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden heeft aanvaard. De beoordeling
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.