← Nederland

ECLI:NL:RBNNE:2017:3716

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling strafrecht Locatie Groningen parketnummer 18/730225-15 Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 28 september 2017 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1984 te [geboorteplaats] , wonende te [straatnaam] , [woonplaats] . Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 14 september 2017. Verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. A. Speksnijder, advocaat te Akkrum. Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. H.J. Mous. Tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: hij in of omstreeks de periode van 1 april 2014 tot en met 24 juni 2014 te Drachten, althans in het arrondissement Noord-Nederland, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer natuurlijke persoon/personen en/of rechtspersoon/personen, althans alleen, al dan niet in het kader van een beroep of bedrijf, in een pand aan of nabij [straatnaam] te Drachten, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, 851 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, althans een grote hoeveelheid hennep, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet; althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat [medeverdachte] tezamen en in vereniging met een of meer andere natuurlijke persoon/personen en/of rechtspersoon/personen, althans alleen, in of omstreeks de periode van 1 april 2014 tot en met 24 juni 2014 te Drachten en/of [pleegplaats] , althans in het arrondissement Noord-Nederland, in elk geval in Nederland, al dan niet in het kader van een beroep of bedrijf, in een pand aan of naij [straatnaam] te Drachten, opzettelijk heeft/hebben geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, 851 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten en/of delen daarvan, althans een grote hoeveelheid hennep, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van die wet, tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen daar opzettelijk meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gelegenheid en/of middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest, door die [medeverdachte] en/of die (andere) persoon/personen (telkens) opzettelijk te helpen - bij het oprichten en/of bouwen en/of onderhouden en/of inrichten van een hennepteeltruimte in dat pand, en/of - door werkzaamheden te verrichten aan een schakelbord en/of de electriciteitsvoorziening ten behoeve van die hennepteeltruimte en/of (in) dat pand, en/of - het verzorgen van (een deel van) die hennepplanten, en/of - het verrichten van (andere) werkzaamheden ten behoeve van de kweek en/of de verwerking en/of het vervoer van de gekweekte hennep; althans, indien terzake van het vorenstaande geen veroordeling mocht volgen, dat hij op of omstreeks 24 juni 2014 te Drachten, althans in het arrondissement Noord-Nederland, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen natuurlijke persoon/personen en/of rechtspersoon/personen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad in een pand aan [straatnaam] te Drachten, resten en/of delen van 851 hennepplanten, althans een groot aantal hennepplanten, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet. Beoordeling van het bewijs Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft vrijspraak gevorderd van het ten laste gelegde. Standpunt van de verdediging De raadsman heeft eveneens betoogd dat verdachte moet worden vrijgesproken van het ten laste gelegde. Oordeel van de rechtbank De rechtbank acht het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen. Verdachte zal daarom hiervan worden vrijgesproken. Uitspraak De rechtbank Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte is ten laste gelegd en spreekt verdachte daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mr. M. Haisma, voorzitter, mr. M.W. de Jonge en mr. P.H.M. Tapper-Wessels, rechters, bijgestaan door mr. K.A. de Groot, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 28 september 2017.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.