RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling strafrecht Locatie Groningen rekestnummer 18/003801 parketnummer 18/820379-16 Beschikking van de enkelvoudige raadkamer d.d. 4 juni 2018 op het klaagschrift ex artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door: [Klager], geboren op [Geboortedatum] te [Geboorteplaats], wonende te [Postcode/Woonplaats] aan de [Straat/nummer]. advocaat mr. H.P. Eckert. Procesverloop Op 20 april 2018 is ter griffie van deze rechtbank namens voornoemde klager bezwaar ingediend, gericht tegen het uitblijven van een last tot teruggave met betrekking tot hetgeen onder hem inbeslaggenomen is. De behandeling heeft plaatsgevonden in raadkamer van 4 juni 2018. Daarbij waren de officier van justitie, klager en zijn raadsman aanwezig. Motivering Uit de stukken en de behandeling in raadkamer is de rechtbank het volgende gebleken. Op 26 maart 2018 is onder klager een Audi A4 Avant in beslag genomen. Op de kennisgeving van inbeslagneming staat dat dit op grond van klassiek beslag (94 Sv) is gedaan. Uit het dossier blijkt dat dit beslag op grond van een eerder op 28 maart 2017 door de rechter-commissaris afgegeven machtiging tot conservatoir beslag is gedaan. De raadsman heeft ter zitting aangevoerd dat het beslag inderdaad op grond van de machtiging tot conservatoir beslag is gedaan, maar dat op het moment van het afgeven van die machtiging de betreffende auto al meer dan een jaar op naam stond van klager. Daar komt bij dat een jaar eerder van de onderhavige auto op de nodige goederen beslag is gelegd op grond van diezelfde machtiging. De auto had dus direct na afgifte van de machtiging in beslag genomen kunnen worden en in overleg met klager waren er wellicht andere goederen waar beslag op had kunnen worden gelegd. Klager heeft de auto nodig in verband met zijn dialyse in het ziekenhuis en de zorg voor zijn zoon met epilepsie. De officier van justitie heeft gevorderd dat het klaagschrift ongegrond moet worden verklaard aangezien het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de zittingsrechter later oordelend een geldboete zal opleggen of een vordering tot wederrechtelijk verkregen voordeel toe zal wijzen. Van het register pand, dat het geschatte bedrag overschrijdt, is niet vooraf duidelijk op welk deel van de mogelijke opbrengst een hypotheek rust. Daar is nog geen berekening van gemaakt. De rechtbank overweegt als volgt. De inbeslagname heeft op de juiste gronden plaatsgevonden, namelijk gebaseerd op de afgegeven machtiging tot conservatoir beslag door de rechter-commissaris. Inmiddels ligt de zaak er al twee jaar en is er alleen nog maar de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel die ten grondslag heeft gelegen aan de machtiging tot conservatoir beslag. De officier van justitie kon desgevraagd geen antwoord geven over de stand van het onderzoek. Klager heeft een persoonlijk belang bij de inbeslaggenomen auto en deze auto is van geringe waarde ten opzichte van het totale bedrag van de inbeslaggenomen goederen. Nu het bovendien niet duidelijk is hoelang het onderzoek nog duurt voordat er een dagvaarding uitgebracht kan worden dient het klaagschrift gegrond te worden verklaard. Beslissing De rechtbank: - verklaart voormeld klaagschrift gegrond; - gelast de teruggave aan klager van de inbeslaggenomen personenauto, merk Audi A4 Avant, kleur grijs, kenteken [Kenteken]. Deze beschikking is gegeven door mr. A. Jongsma, rechter, bijgestaan door M. Smit-Colnot, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 4 juni 2018.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.