RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling Privaatrecht Locatie Groningen zaak-/rekestnummer: C/18/181584 / FA RK 17-3936 beschikking voornaamswijziging (1:4 BW) van de enkelvoudige kamer d.d. 27 februari 2018 inzake [verzoeker] , wonende te [woonplaats] , hierna te noemen verzoeker, advocaat mr. R.H.L. van de Laar, kantoorhoudende te Kerkrade. Procesverloop Verzoeker heeft zich tot de rechtbank, locatie Assen, gewend met het verzoek tot voornaamswijziging van " [naam] " in " [naam] August". Bij de stukken bevindt zich onder meer een afschrift van een geboorteakte van verzoeker. Door de locatie Assen is het verzoekschrift doorgezonden naar de locatie Groningen, aangezien de locatie Groningen bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen nu verzoeker is geboren in de gemeente [geboorteplaats] op [woonplaats] , als zoon van [vader] en [moeder] . Beoordeling In het verzoek wordt gesteld dat het in de familie van verzoeker generaties lang gebruikelijk is om de oudste zoon August te noemen, dan wel de naam August als tweede naam toe te voegen. Verzoeker betreurt het dat zijn ouders deze traditie niet hebben voortgezet terwijl het wijzigen c.q. aanvullen van de voornaam een positief effect heeft op de identiteit van verzoeker. De aanvulling is van belang voor zijn afkomst en identiteit die hij (o.a.) ontleent aan zijn voorouders. Verzoeker vindt het ook een hele mooie naam. Geen enkele stelling van verzoeker is gemotiveerd en/of gestaafd met bewijzen. Zo is niet gebleken dat de naam August in de familie voorkomt, noch dat deze naam al generaties lang voorkomt, noch dat aan de oudste zonen al generaties lang deze naam wordt gegeven. Ook wordt niet gemotiveerd waarom van de uitdrukkelijke wens van ouders zou moeten worden afgeweken noch waarom voor de identiteit van verzoeker de wijziging noodzakelijk zou zijn. Nu niet is gebleken dat er sprake is van een voldoende zwaarwichtig belang bij het verzoek tot wijziging van de voornaam, zoals dat op grond van artikel 1:4, lid 4 Burgerlijk Wetboek is vereist, zal het verzoek worden afgewezen. Beslissing De rechtbank: wijst het verzoek af. Deze beschikking is gegeven door mr. K.R. Bosker, lid van de kamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 februari 2018 in tegenwoordigheid van de griffier. (fn: 641) Van deze beschikking kan binnen 3 maanden hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden. Indien u in deze procedure bent verschenen start deze termijn op de dag van de uitspraak. Als u niet in de procedure bent verschenen kan de termijn op een latere datum beginnen. Volgens de wet bent u verplicht om voor het instellen van hoger beroep een advocaat in te schakelen. In verband met de beperkte termijn dient u zo spoedig mogelijk contact met uw/een advocaat op te nemen! De griffier.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.