vonnis RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling privaatrecht Locatie Leeuwarden zaaknummer / rolnummer: C/17/176579 / KG ZA 20-280 Vonnis in kort geding van 25 februari 2021 in de zaak van [A] , handelend onder de naam [Taxi B] en Taxicentrale Leeuwarden , wonende te [woonplaats] , eiser in conventie, verweerder in reconventie, hierna te noemen [A] , advocaat mr. J.W. de Vries, kantoorhoudende te Leeuwarden, tegen 1 [D] , wonende te [woonplaats] , 2. [E], wonende te [woonplaats] , gedaagden in conventie, eisers in reconventie, hierna te noemen [D] respectievelijk [E] en tezamen te noemen [F] , advocaat mr. H.J. Reyneveld, kantoorhoudende te Huizen. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding de brief van de zijde van [F] waarin een eis in reconventie wordt aangekondigd de mondelinge behandeling en de ten behoeve daarvan op voorhand overgelegde producties de eis in reconventie de pleitnota van [A] de pleitnota van [F] 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. [A] exploiteert sinds 2003 in de vorm van een eenmanszaak een taxibedrijf. Hij voert dit bedrijf vanaf het begin onder de handelsnaam [Taxi B] . Hij heeft op enig moment in het handelsregister ook de handelsnaam Taxicentrale Leeuwarden (en [G] ) ingeschreven. [A] exploiteert onder meer de websites www. [Taxi B] .nl en www. taxicentraleleeuwarden .nl en heeft meerdere Facebookpagina's, waaronder een Facebookpagina met de naam Taxicentrale Leeuwarden . 2.2. [A] richt zich specifiek op vervoer in en rond Leeuwarden, maar verzorgt ook taxiritten ver daarbuiten, zoals taxiritten naar Schiphol. Het wagenpark bestaat uit 16 personenauto's, 4 taxibusjes, 4 minitouringcars en een stadsbus. 2.3. Het wagenpark van [A] kenmerkt zich door een hagelwitte kleur met daarop aan de zijkanten in het zwart groot de tekst ' [Taxi B] '. Daaronder staat in de kleur oranje en met kleinere letters de tekst ' Taxicentrale Leeuwarden '. In de periode 2015-2018 heeft [A] ook een aantal auto's gebruikt met daarop enkel de tekst ' Taxicentrale Leeuwarden '. 2.4. Op 15 februari 2013 heeft [A] het woordmerk [Taxi B] ingeschreven bij het Benelux Merkenbureau. 2.5. [E] exploiteert sinds 1 februari 2017 ook een taxibedrijf in de vorm van een eenmanszaak (hierna ook te noemen: Taxi Station ), dat zich richt op vervoer in en rond Leeuwarden. In het handelsregister is de volgende handelsnaam van dit taxibedrijf ingeschreven: Taxi Station . 2.6. In reactie op de concept-tekst van een interview met [A] dat zou verschijnen in het stadsblad Liwwadders, heeft [A] per e-mail van 6 oktober 2019 aan de redacteur van het artikel bericht dat hij zich niet kan vinden in het geschetste profiel en veel negatieve reacties verwacht omtrent uitingen als "taxioorlog", etcetera. Volgens hem waren zijn opmerkingen anders neergezet dan bedoeld en hij wilde het artikel daarom annuleren. De redacteur heeft hem de volgende dag bericht dat het stadsblad al was gedrukt en verspreid. 2.7. In het betreffende artikel in de Liwwadders van oktober 2019 staat - voor zover van belang - het volgende vermeld: De taxibedrijven die in Leeuwarden rijden zijn in vier categorieën in te delen. Dat zijn het WMO-vervoer, de busjes van [I] , [J] en [K] die via gemeentelijke aanbestedingen een fors deel van de markt in handen hebben; de ‘Mercedesgroep’, een aantal zzp’ers die voor eigen rekening rijden; de wat [voornaam A] [ [A] ; toevoeging voorzieningenrechter] noemt ‘de Ali’s’, veelal ondernemers van Turkse afkomst die hun klanten vervoeren in Opels en Fords, en [Taxi B] . (…) In de klandizie van de Mercedesgroep en de Ali’s ben ik ook niet geïnteresseerd. Zij wachten op hun klanten bij het station of op het Wilhelminaplein, dat noem ik geen ondernemen. Als je bij het station staat, dan ben je een bedelaar. 2.8. Op 13 januari 2020 heeft [Taxi B] de domeinnaam www. taxistationleeuwarden .nl geregistreerd. Op de website met die domeinnaam wordt reclame gemaakt voor [Taxi B] . 2.9. [D] , de zoon van [E] , exploiteert sinds 1 juni 2020 ook een taxibedrijf in de vorm van een eenmanszaak (hierna ook te noemen: TaxiStation Leeuwarden ), dat zich richt op vervoer in en rond Leeuwarden. Hij heeft onder meer de volgende handelsnamen van dit taxibedrijf in het handelsregister van de Kamer van Koophandel ingeschreven: TaxiStation Leeuwarden , Taxi Station Leeuwarden en Elektric Vervoer Leeuwarden . 2.10. De auto's van TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station zijn wit en hebben een blauw taxidaklicht. Zij zijn niet voorzien van een naamsvermelding. Zij beschikken in totaal over 2 auto's. 2.11. [E] is houder van de domeinnaam www. taxistation .nl. [D] exploiteert de website op deze domeinnaam. Op deze website wordt reclame gemaakt voor zowel Taxi Station als TaxiStation Leeuwarden en er staat een telefoonnummer op vermeld waarop klanten zowel Taxi Station als TaxiStation Leeuwarden kunnen bereiken. [D] heeft daarnaast diverse sociale media-accounts met de naam Taxi Station , waarop de namen Taxi Station en Taxi Station Leeuwarden afwisselend worden gebruikt. Hij beschikt ook over een Google Ad-account. 3Het geschil in conventie 3.1. [A] vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad: 1. [F] hoofdelijk zal gebieden, binnen 2 dagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, iedere inbreuk op de handelsnaamrechten van [A] , te weten [Taxi B] en Taxicentrale Leeuwarden , alsmede elk gebruik van een naam die in geringe mate daarvan afwijkt, te staken en gestaakt te houden, en [F] aldus zal verbieden om dc naam TaxiStation Leeuwarden , Taxi Station Leeuwarden en Taxi Leeuwarden te gebruiken, waarbij onder gebruik mede, maar niet uitsluitend verstaan wordt het (zichtbaar of onzichtbaar) gebruik op enige zoekmachineadvertentiedienst, waaronder Google, 2. [F] hoofdelijk zal gebieden met onmiddellijke ingang na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, iedere inbreuk op het merk [Taxi B] te staken en gestaakt te houden, waaronder, doch niet beperkt tot, ieder gebruik van het merk als advertising keywords (zichtbaar en onzichtbaar) bij enige zoekmachineadvertentiedienst, waaronder Google, 3. [F] hoofdelijk zal gebieden binnen 2 dagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, te staken de in de dagvaarding omschreven en onder randnummer 38 [de voorzieningenrechter leest: 40] van de dagvaarding samengevatte onrechtmatige handelingen, te weten de oneerlijke handelspraktijken, misleidende reclame en onrechtmatige daden, waaronder, doch niet beperkt tot: - het gebruiken van taxi’s zonder duidelijke vermelding van de bedrijfsnaam of ander herkenningsteken behorend bij het bedrijf van [F] , - het op zodanige wijze adverteren bij enige zoekmachineadvertentiedienst, waaronder doch niet beperkt tot Google, waardoor gebruikers van deze zoekmachineadvertentie-diensten op het verkeerde been worden gezet en worden misleid door onduidelijk te zijn over de herkomst van de advertentie en de eigen identiteit, - het via het internet of enig ander openbaar medium en rechtstreeks richting derden op onrechtmatige wijze uitlaten over [A] , - het op enigerlei wijze, anders dan nodig is ter uitvoering van taxidiensten, rechtstreeks of indirect, contact opnemen met werknemers van [Taxi B] , - het op agressieve wijze en met dreigende toon benaderen of aanspreken van personeel en klanten van [A] , 4. [F] , ieder afzonderlijk, zal veroordelen tot betaling van een onmiddellijk opeisbare dwangsom van € 500,00 per dag (een dagdeel daaronder begrepen), indien [F] in strijd handelt met het onder sub 1, 2 en 3 gevorderde gebod, zulks met een maximum van € 50.000,00 dan wel een in goede justitie nader te bepalen bedrag per dag en maximum; 5. [F] hoofdelijk zal veroordelen in de volledige proceskosten van dit geding overeenkomstig artikel 1019h Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) dan wel een in goede justitie nader te betalen bedrag en te vermeerderen met nakosten. 3.2. [F] voeren verweer met conclusie tot afwijzing van de vordering met veroordeling van [A] in de kosten van het geding, voor wat betreft de vorderingen sub 1, 2 en 4 ex artikel 1019h Rv. 3.3. Op de stellingen en verweren van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4Het geschil in reconventie 4.1. [D] vordert dat de voorzieningenrechter, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, [A] zal bevelen om binnen 24 uur na betekening van het ten deze te wijzen vonnis het gebruik van de uitlatingen 'Ali' en 'Ali's' op welke wijze ook gebezigd, te staken en gestaakt te houden, onder verbeurte van een dwangsom van € 250,00 per uitlating met een maximum van € 25.000,00, onder veroordeling van [A] in de proceskosten. 4.2. [E] vordert - na aanpassing van de tekst van de eis ter zitting, voordat deze werd ingediend - dat de voorzieningenrechter, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, [A] zal bevelen om binnen 24 uur na betekening van het ten deze te wijzen vonnis het gebruik van de website taxistationleeuwarden.nl te staken en gestaakt te houden, onder verbeurte van een dwangsom van € 250,00 per uitlating met een maximum van € 25.000,00, onder veroordeling van [A] in de proceskosten. 4.3. [A] voert verweer met conclusie tot afwijzing van de vordering met veroordeling van [F] in de proceskosten. 4.4. Op de stellingen en verweren van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 5De beoordeling in conventie 5.1. Het spoedeisend belang van [A] vloeit voldoende voort uit de aard van de vorderingen. Inbreuk op de handelsnamen van [A] ? 5.2. Aan zijn vordering tot het staken en gestaakt houden van inbreuken op zijn rechten op de handelsnamen [Taxi B] en Taxicentrale Leeuwarden heeft [A] - zakelijk weergegeven - het volgende ten grondslag gelegd. De handelsnamen die door [F] worden gebruikt voor hun taxibedrijven, te weten TaxiStation Leeuwarden , Taxi Station Leeuwarden en Taxi Station , wijken slechts in geringe mate af van de handelsnaam Taxicentrale Leeuwarden die door [A] voor zijn taxibedrijf wordt gebruikt en vertonen, in hun geheel beschouwd, zo'n grote gelijkenis met deze handelsnaam van [A] dat verwarringsgevaar te duchten is. Ook als geoordeeld zou moeten worden dat de handelsnaam Taxicentrale Leeuwarden louter beschrijvend is, wat [A] betwist, is sprake van een handelsnaaminbreuk, gelet op de volgende omstandigheden: a. [Taxi B] , TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station worden allerdrie gedreven in Leeuwarden en bedienen hetzelfde publiek. Zij staan aldus in directe concurrentie tot elkaar, b. TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station maken net als [Taxi B] gebruik van hagelwitte taxi’s, echter zonder duidelijke vermelding van naam of andere herkenningstekens, c. TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station adverteren via de zoekmachineadvertentiedienst van Google zonder zichzelf daarbij in de advertentietekst duidelijk te identificeren, d. TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station gebruiken in hun advertentietekst het woord Taxicentrale op zodanige wijze dat inbreuk wordt gemaakt op de handelsnaam Taxicentrale Leeuwarden , althans op zodanige wijze dat gebruikers van de zoekdienst op het verkeerde been worden gezet en worden misleid (oneerlijke en misleidende handelspraktijken), e. verwarring doet zich voor nu (vaste) klanten van [Taxi B] op basis van de misleidende advertenties van TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station een taxi bestelden bij TaxiStation Leeuwarden of Taxi Station , terwijl ze dachten zaken te doen met [Taxi B] , f. TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station hebben zich richting klanten meermaals voorgedaan als ware zij [Taxi B] of werkten zij daarmee samen, g. als gevolg van het handelen van TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station , als beschreven onder e en f, heeft [Taxi B] meerdere klachten ontvangen over de dienstverlening en de ritprijs, terwijl deze personen door TaxiStation Leeuwarden of Taxi Station zijn vervoerd, h. [F] hebben de verwarring bewust opgezocht en uitgelokt, zodat sprake is van kwade wil, i. [F] handelen daarnaast op agressieve wijze richting personeel en klanten van [Taxi B] , j. [F] plaatsen zelf, al dan niet onder pseudoniem negatieve reviews over [Taxi B] op internet of laten deze door familieleden plaatsen, k. TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station schrijven derden aan (zoals MijnDomein en 404 Webdesign), waarbij zij hun handelsnamen en de door het gebruik daarvan ontstane verwarring misbruiken om domeinnamen van [Taxi B] op oneigenlijke gronden toe te eigenen. 5.3. Wat betreft de gestelde inbreuk op de handelsnaam Taxicentrale Leeuwarden hebben [F] allereerst als verweer aangevoerd dat dit niet de naam is waaronder het taxibedrijf van [A] wordt gedreven, zodat dit geen handelsnaam is als bedoeld in artikel 1 Handelsnaamwet (Hnw). Zij hebben gewezen op de verschillende manieren waarop [A] met zijn onderneming naar buiten treedt (opdruk op auto's en kleding, inhoud websites, reclameborden, en dergelijke). Aan [F] kan naar het oordeel van de voorzieningenrechter worden toegegeven dat [A] in de uitingen naar buiten toe zoals die uit de gedingstukken blijken, de woorden ' taxicentrale leeuwarden ' slechts als onderschrift bij de naam ' [Taxi B] ' gebruikt. [A] heeft hierover tijdens de zitting gezegd dat hij in Leeuwarden voor de particuliere dienstverlening sinds een aantal jaren inderdaad alleen naar buiten treedt onder naam [Taxi B] , omdat hij onder die naam het meest bekend is, maar dat hij de (zelfstandige) naam Taxicentrale Leeuwarden voor de zakelijke klanten en voor klanten buiten Leeuwarden wel degelijk gebruikt. De voorzieningenrechter gaat er daarom voorlopig vanuit dat [A] (naast [Taxi B] ) ook deze naam als handelsnaam gebruikt en wel vanaf 2015. Het staat vast dat de in geding zijnde handelsnamen van [F] van latere datum zijn. 5.4. Op grond van artikel 5 Hnw is het verboden een handelsnaam te voeren, die, vóórdat de onderneming onder die naam werd gedreven, reeds door een ander rechtmatig gevoerd werd, of die van diens handelsnaam slechts in geringe mate afwijkt, een en ander voor zover dientengevolge, in verband met de aard der beide ondernemingen en de plaats, waar zij gevestigd zijn, bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen te duchten is. 5.5. De handelsnaam Taxicentrale Leeuwarden is, zoals [F] op goede gronden hebben betoogd, in oorsprong louter beschrijvend voor de door het taxibedrijf van [A] aangeboden diensten. Het woord taxicentrale betekent volgens Van Dale Groot Woordenboek der Nederlandse taal (digitale uitgave) 'zaak die taxi's exploiteert' en het woord centrale staat volgens diezelfde uitgave voor 'hoofdkantoor, hoofdpost'. De toevoeging 'Leeuwarden' geeft enkel de locatie aan waar de onderneming is gevestigd. De voorzieningenrechter volgt [A] niet in zijn stelling dat de toevoeging 'centrale' aan de handelsnaam een zekere mate van onderscheidend vermogen geeft. Daarvoor is ook dit woord veel te algemeen van aard. [A] heeft bovendien niet aannemelijk gemaakt dat deze louter beschrijvende handelsnaam door (intensief) gebruik toch een onderscheidend vermogen heeft verkregen, in die zin dat deze handelsnaam in de loop der jaren zodanig intensief is gebruikt dat het daadwerkelijk bekendheid bij het publiek heeft verworven en dat het publiek daardoor die naam niet langer als louter beschrijvend waarneemt, maar als de naam van het taxibedrijf van [A] . Bij de verdere beoordeling van de vraag of sprake is van een inbreuk op het handelsnaamrecht van [A] door [F] wordt daarom als vertrekpunt genomen dat de oudste handelsnaam een louter beschrijvende handelsnaam betreft. Onder omstandigheden kan ook in zo'n situatie sprake zijn van (enige) bescherming van de oudere handelsnaam, maar de lat om dat aan te nemen ligt wel hoog. 5.6. In de literatuur is de afgelopen tijd discussie geweest over de vraag of in het geval de oudste handelsnaam een beschrijvende handelsnaam is, verwarringsgevaar zoals bedoeld in artikel 5 Hnw naast een noodzakelijke ook een voldoende voorwaarde is om die handelsnaam op grond van de Hnw te beschermen, of dat daarnaast bijkomende omstandigheden zijn vereist. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest van 4 oktober 2019 aan de Hoge Raad hierover prejudiciële vragen gesteld (ECLI:NL:GHARL:2019:8167). In zijn conclusie van 4 december 2020 met betrekking tot deze prejudiciële vragen heeft procureur-generaal B.J. Drijber voormelde vraag ontkennend beantwoord (ECLI:NL:PHR:2020:1215). Omdat de Hnw een specifiek normatief kader bevat voor de bescherming van handelsnamen, ligt het volgens hem voor de hand de beschermingsomvang van (geldige) handelsnamen zo veel mogelijk aan de hand van díe wet te bepalen en niet aan de hand van artikel 6:162 van het Burgerlijk Wetboek (BW), zoals bij domeinnamen gebeurt. Hij heeft er daarbij op gewezen dat artikel 5 (en 6) Hnw kunnen worden beschouwd als bijzondere, op handelsnaamgeschillen toegespitste uitwerkingen van de algemene regeling van de onrechtmatige daad. Bovendien, zo stelt hij, is het vereiste van verwarringsgevaar, zoals neergelegd in artikel 5 Hnw een betrekkelijk open maatstaf, die normatief kan worden ingevuld. De rechter komt daarbij een ruime beoordelingsvrijheid toe, wat hem in staat stelt rekening te houden met alle omstandigheden van het geval, waaronder de mate van bekendheid van de ingeroepen handelsnaam bij het relevante publiek. Zo kan de rechter de lat voor het aannemen van verwarringsgevaar gevaar (betrekkelijk) hoog leggen, door een bepaalde mate van onderscheidend vermogen van de ingeroepen handelsnaam te vereisen. Niet-onderscheidende namen zullen het dan met een beperkte (of mogelijk geen enkele) beschermingsomvang moeten doen. Ook kan de rechter tot het oordeel komen dat er in een bepaald geval verwarringsgevaar te duchten is, maar dat dit niet het gevolg is van het voeren van een overeenstemmende, jongere handelsnaam maar door het feit dat de oorspronkelijke handelsnaam beschrijvend is. De voorzieningenrechter kan zich vinden in deze visie van de procureur-generaal en maakt deze tot de hare. 5.7. Bij de beoordeling van het verwarringsgevaar gaat het er dus om of het relevante publiek de ondernemingen met elkaar dreigt te verwarren of te associëren als gevolg van het gebruik door [F] van met Taxicentrale Leeuwarden overeenstemmende handelsnamen. Dit is niet aannemelijk geworden. De omstandigheden die [A] heeft gesteld ter onderbouwing van de inbreuk, zoals weergegeven onder 5.2., doen hier niet aan af. Voor zover deze omstandigheden betrekking hebben op verwarringsgevaar in de zin van artikel 5 Hnw, kan niet geoordeeld worden dat het gebruik van de handelsnamen Taxi Station , TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station Leeuwarden in onderling verband en samenhang beschouwd met deze omstandigheden, verwarringsgevaar creëert. Hiervoor is het volgende redengevend. 5.8. In de eerste plaats is van belang dat [A] zich binnen Leeuwarden e.o. vooral van zijn andere handelsnaam ( [Taxi B] ) bedient en [F] alleen of in ieder geval hoofdzakelijk in deze regio werkzaam zijn. [A] - die over een veel groter wagenpark beschikt dan [F] met daarop zeer duidelijke vermelding van zijn andere handelsnaam - staat bij het relevante publiek in de voor deze zaak van belang zijnde regio dus vooral bekend onder de handelsnaam [Taxi B] en niet onder Taxicentrale Leeuwarden . Deze omstandigheid maakt op zich al dat niet snel sprake zal zijn van (te duchten) verwarringsgevaar bij het publiek. 5.9. Verder valt niet in te zien waarom de omstandigheid dat TaxiStation Leeuwarden en Taxi Station net als [A] gebruik maken van witte taxi’s, maar dan zonder vermelding van de naam of andere herkenningstekens, ertoe zou bijdragen dat door het gebruik van de handelsnamen Taxi Station , TaxiStation Leeuwarden of Taxi Station Leeuwarden verwarringsgevaar ontstaat met de handelsnaam Taxicentrale Leeuwarden van [A] . [A] heeft immers duidelijk op zijn auto's die in Leeuwarden e.o. rijden de naam ' [Taxi B] ' staan, met daaronder in kleinere letters ' Taxicentrale Leeuwarden '. [A] rijdt niet meer in auto's waarop uitsluitend ' Taxicentrale Leeuwarden ' is vermeld en zoals hij tijdens de zitting heeft gezegd, kent het relevante publiek in Leeuwarden e.o. hem ook vooral onder de naam [Taxi B] . Gelet hierop is de kwestie van het uiterlijk van de auto's niet van belang voor het verwarringsgevaar. 5.10. Hetzelfde geldt voor de gestelde omstandigheid dat Taxi Station en TaxiStation Leeuwarden adverteren via de betaalde zoekmachineadvertentiedienst van Google (hierna: Google Ads) zonder zich daarbij in de advertentietekst duidelijk te identificeren. Als [F] zich niet met hun onderneming(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.