RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling Privaatrecht Locatie Leeuwarden zaak-/rolnummer: 8716635 \ CV EXPL 20-5415 vonnis van de kantonrechter d.d. 29 maart 2022 inzake ARVATO FINANCE.NL, handelend onder de naam AFTERPAY, gevestigd te Heerenveen, eiseres, gemachtigde: Bosveld Incasso, tegen [gedaagde] , wonende te [adres] , gedaagde, die niet is verschenen. Partijen zullen hierna eiseres en gedaagde worden genoemd. 1Procesverloop 1.1 Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 1 maart 2022; - de akte uitlating prejudiciële vragen in de zin van artikel 392 lid 2 Rv van eiseres van 15 maart 2022. 1.2. Vervolgens is wederom vonnis bepaald. 2De verdere beoordeling 2.1. De kantonrechter heeft in het hierboven genoemde tussenvonnis van 1 maart 2022 het voornemen uitgesproken om aan de Hoge Raad nog een aantal aanvullende prejudiciële vragen voor te leggen over de gevolgen die de rechter in een verstekzaak ambtshalve moet verbinden aan de constatering dat één of meer essentiële informatieplichten van artikel 6:230m lid 1 BW niet op de juiste wijze zijn nageleefd. De kantonrechter heeft geformuleerd welke vragen zij, mede naar aanleiding van de door de rechtbanken vastgestelde landelijke Richtlijn sanctiemodel essentiële informatieplichten en de EU-Richtlijn 2019/2161 inzake modernisering en handhaving consumentenbescherming die vanaf 28 mei 2022 moet worden toegepast, nog heeft en daarop een toelichting gegeven. De inhoud van het tussenvonnis dient als hier herhaald en ingelast te worden beschouwd. 2.2. Eiseres is conform artikel 392 lid 2 Rv in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over het voornemen van de kantonrechter om de aanvullende vragen voor te leggen, alsmede over de inhoud van de stellen vragen. Bij akte ter gelegenheid van de rol van 15 maart 2022 heeft eiseres aangegeven dat zij in dat voornemen meegaat, geen opmerkingen heeft over de geformuleerde vragen en evenmin aanvullende vragen wenst toe te voegen. 2.3. De kantonrechter zal daarom de na te melden aanvullende prejudiciële vragen aan de Hoge Raad stellen. De griffier zal worden opgedragen om het procesdossier aan de Hoge Raad te zenden, gelijktijdig met dit vonnis. 2.4. Nadat de antwoorden van de Hoge Raad zijn ontvangen, zal eiseres in de gelegenheid worden gesteld zich uit te laten. In afwachting hiervan zal iedere verdere beslissing worden aangehouden. 3Beslissing De kantonrechter: 3.1. stelt de Hoge Raad de volgende aanvullende vragen: 1. Moet (gedeeltelijke) vernietiging van een (koop)overeenkomst wegens niet-naleving van de essentiële informatieplichten van 6:230m lid 1 BW op de wijze zoals in artikel 6:230v BW is voorgeschreven voortaan, net als bij andere oneerlijke handelspraktijken, plaatsvinden met toepassing van artikel 6:193j lid 3 BW? Indien het antwoord deze vraag bevestigend is, betekent dat dan:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.