Uitspraak RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling strafrecht Locatie Leeuwarden Parketnummer 18.015859.23 Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 26 januari 2024 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte [verdachte] , geboren op [geboorte datum] 1998 te [geboorte plaats] , wonende te [adres] . Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 12 januari 2024. De strafzaak tegen de verdachte is aangevangen op de zitting van 27 november 2023. Verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. R.S. Boonstra, advocaat te Rotterdam. Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. L. Lübbers. Tenlastelegging Aan verdachte is ten laste gelegd dat: 1. hij (op verschillende tijdstippen) in of omstreeks de periode van 6 juli 2021 tot en met 5 oktober 2021 te Leeuwarden, in de gemeente Leeuwarden en/of te [plaats] , in de gemeente Tytsjerksteradiel en/of te [plaats] en/of te [plaats] , in de gemeente Waadhoeke en/of te [plaats] , in de gemeente [plaats] en/of te [plaats] , in de gemeente De Fryske Marren, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (onder meer) (zaak 1, zie aangifte pagina 97) [slachtoffer] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en/of het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een bankpas van de Rabobank en/of het ter beschikking stellen van de bij die bankpas behorende pincode, althans van enig goed, hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
(5000)euro opgenomen van mijn rekening [rekeningnummer] bij een Geldmaat met apparaatcode 812250 aan de [adres] te Leeuwarden. 10. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 30 juli 2022, opgenomen op pagina 265 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant [verbalisant] : Op de beelden zag ik dat de tweede verdachte, man 2, de pintransactie doet in ZAAK 4 Leeuwarden. Dit vanwege het tijdstip 10 juli 19:08 uur. Signalement van man 2: - Getinte man, zwart krullend haar, 25-35 jaar oud en een blauw mondkapje. Op de camerabeelden zag ik, verbalisant [verbalisant] , dat man 2, naast het hierboven beschreven signalement, een grijze trui met capuchon (hoodie) onder zijn jas draagt en dat hij de capuchon over zijn hoofd getrokken heeft. De capuchon is voorzien van twee stiknaden, waardoor de capuchon in drie gelijke vlakken verdeeld is. Ik zie dat man 2 donkergekleurd langer haar heeft met kleine krulletjes, wat van onder de capuchon vandaan komt. Tevens zie ik dat man 2 een zwarte dan wel donkerblauw gekleurde jas aan heeft met horizontaal geplaatste, reflecterende stukken aan de onderzijde van de mouwen, verticaal geplaatst reflecterend stuk op de capuchon en een horizontale reflecterende baan halverwege de rug. Op recente foto's van verdachte [verdachte] , die door politiemedewerkers zijn gemaakt, is duidelijk te zien dat [verdachte] drie moedervlekken op zijn voorhoofd heeft. Tijdens het afspelen van de camerabeelden van ZAAK 3 en 4 zie ik moedervlekken op het voorhoofd van man 2. 11. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 1 september 2021,opgenomen op pagina 174 van voornoemd dossier, inhoudend de verklaring van [slachtoffer 4] : Plaats delict: [plaats] . Op woensdag 25 augustus 2021 omstreeks 15:00 uur zag ik dat ik gebeld werd met een anoniem nummer op mijn mobiele telefoon. Ik nam op en ik hoorde een vrouw zeggen dat er geprobeerd was om 2400 euro van mijn bankrekening over te schrijven. Men zou 2400 euro geprobeerd hebben naar Frankrijk over te schrijven. Deze man hoorde ik zeggen dat hij van de Rabobank was. Ik hoorde de vrouw zeggen dat mijn bankpas opgehaald zou worden om deze te blokkeren. Terwijl ik deze vrouw nog aan de telefoon had ging de deurbel en ik zag een jongeman van ongeveer 20 jaar voor de deur staan. Deze man heeft een getint uiterlijk en heeft een smal gezicht en is 1.80 lang ongeveer. Ik gaf mijn bankpas aan deze man. Ik had mijn bankpas wel doorgeknipt, maar helaas niet door de chip. Ik zag daarna dat om 16:47 uur mijn paslimiet was gewijzigd. Ik zag daarna op mijn bank app dat er een bedrag van 5000 euro gepind was met mijn bankpas zonder mijn toestemming. Dit is gebeurd bij de betaalautomaat aan de [adres] in [plaats] . Mijn bankrekeningnummer is [rekeningnummer] . 12. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 11 oktober 2021,opgenomen op pagina 191 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant [verbalisant] : De verdachte kwam voorts op 11 oktober 2021 zich melden op het politiebureau te Leeuwarden. Ik hoorde dat hij zei dat hij [verdachte] is. Ik bekeek de beelden van de oplichting. Dit betreft een pintransactie. Ik zie op de beelden een man bij een pinautomaat. Ik zie dat deze man bij de automaat staat te 16.53 uur. Ik zie op de beelden dat de man er als volgt uitziet: blauwe jas spijkerbroek leeftijd tussen de 18 en 30 jaar mondkapje voor Cappouchon op zijn hoofd Getinte tot donkere huidskleur volle donkere wenkbrauwen 3 moedervlekken op zijn voorhoofd donkere ogen. Ik herken deze man als zijnde eerder genoemde verdachte [verdachte] . Ik heb zijn bvib er bij bekeken en zie dat dit dezelfde man is als de man die bij aan de balie verscheen. Ik herken de man aan: donkere volle wenkbrauwen huidskleur opvallende drie moedervlekken op zijn voorhoofd, op dezelfde plaats, dezelfde vorm en dikte - donkere ogen Derhalve kan ik zeggen dat de verdachte, de man die de pintransactie uitvoert is: [verdachte] , [geboorte datum] 1998 Leeuwarden. 13. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 januari 2022, opgenomen op pagina 195 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant [verbalisant] : Ik zie op het tijdslot van de beelden dat deze zijn gemaakt op 25 augustus 2021 om 16:52 uur. De beelden zijn gemaakt in de winkel gevestigd aan de [adres] te [plaats] . Op de eerste opname zie ik het tijdslot meelopen en zie ik dat de verdachte om 16.52.34 uur in beeld verschijnt van de geldmaat. Ik zie dat de verdachte een wit mondkapje over zijn mond neus draagt. Tevens draagt de verdachte een capuchon over zijn hoofd. Het kledingstuk wat de verdachte draagt, is donker grijs/blauwachtig van kleur. Ook zie ik dat de verdachte een licht getinte huidskleur, donkere, volle wenkbrauwen en drie moedervlekken op zijn voorhoofd heeft. Ik zie dat deze moedervlekken vlak onder elkaar zitten, waarbij de bovenste moedervlek iets uit de lijn van de onderste twee moedervlekken zit. De onderste moedervlek bevindt zich tussen de wenkbrauwen in. Op de tweede opname zie ik dat het tijdslot overeenkomt met het tijdslot van de eerste opname. Ik zie dat de verdachte gekleed is in een soort van trainingsjasje van het merk Nike. Ik zie dat het jasje twee kleuren heeft, donkergrijs/blauwachtig en lichtgrijs. Tot borsthoogte is het jasje donkergrijs van kleur, vanaf borsthoogte tot en met de schouders is het lichtgrijs van kleur. De capuchon is dan weer donkergrijs van kleur. Tevens draagt de verdachte een blauwe spijkerbroek, welke aan de achterzijde ruimvallend is. Ik zie dat verdachte een slank postuur heeft. De verdachte draagt verder grijze sportschoenen, Ik heb de camerabeelden vergeleken met twee recente foto's van verdachte [verdachte] , geboren op [geboorte datum] 1998. Op de foto zie ik dat [verdachte] donkere, volle wenkbrauwen, een getinte huidskleur, donkere ogen en donker, krullend haar heeft. Tevens zie ik dat [verdachte] drie opvallende moedervlekken op zijn voorhoofd heeft, waarbij de onderste moedervlek zich tussen de twee wenkbrauwen bevindt. Ongeveer 1 a 1.5 cm daarboven zie ik nog een moedervlek, iets groter van vorm. Op ongeveer 1 a 1.5 cm daar weer boven, afwijkend naar links, zie ik de derde moedervlek, van ongeveer hetzelfde formaat als de onderste moedervlek. De drie moedervlekken op het voorhoofd van de verdachte op de camerabeelden en op de foto van [verdachte] komen met elkaar overeen. Aan deze uiterlijke kenmerken herken ik de verdachte als zijnde [verdachte] , geboren op [geboorte datum] 1998. 14. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 18 oktober 2022,opgenomen op pagina 272 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant [verbalisant] : Bij het binnentreden in genoemde woning sprak ik met de hoofdbewoner, [naam] , geboren op [geboorte datum] 1991, broer van verdachte [verdachte] . Door mij werd aan [naam] gevraagd welke slaapkamer van verdachte [verdachte] was. [naam] wees naar een slaapkamer achter mij. In die slaapkamer zag ik een groot aantal kledingstukken op de grond liggen. Ik zag op de grond een grijs Nike vest liggen. Door de kleurstelling van het vest, twee verschillende tinten grijs, herkende ik het vest van de camerabeelden behorende bij ZAAK 5, helpdeskfraude, te [plaats] . 15. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 27 september 2021,opgenomen op pagina 201 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend de verklaring van [slachtoffer 5] : Plaats delict: [plaats] . Op 20 september 2021 omstreeks 16:00 uur werd ik gebeld door iemand die zich voorstelde als medewerkster van de fraudehelpdesk van de ABN AMRO bank. Zij gaf aan dat er op dat moment gerommeld werd in onze bankrekeningen: [rekeningnummer] en dat het verstandig was om ons geld veilig te stellen. Ik moest inloggen in mijn internetbankieren op de computer. Vervolgens moest ik de pincodes die bij de twee bankpassen van mij en mijn man horen doorgeven aan de medewerkster. Daarna zou een medewerker van de bank de bankpassen bij ons thuis ophalen. Op 20 september 2021 omstreeks 18:30 uur kwam een getinte jongeman in een Post NL jas en een donkere broek en een zwart mondkapje voor de passen ophalen. Om 19:33 en 19:34 is er op de locatie [adres] te [plaats] bij de geldmaat met onze passen een bedrag van 1000,- van onze rekeningen gepind. Om 20:00 uur is 2.012,- van onze rekening gepind. 16. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 24 maart 2022,opgenomen op pagina 221 van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant: Ik, verbalisant, had een aanvraag vordering historische financiële gegevens ingediend voor de bankgegevens van aangever Van der Molen, van 20 september 2021 t/m 27 september 2021, van bankrekening [rekeningnummer] . Op 20 september 2021 om 19:33 uur is er een bedrag van 500 euro opgenomen bij de geldmaat aan [adres] te [plaats] . Om 19:34 uur is er nogmaals een bedrag van 500 euro opgenomen bij deze geldmaat. Om 20:00 uur is er een bedrag van 2.012,00 euro opgenomen op de locatie [adres] perceel 3, te weten bij de [bedrijf] aan de [adres] te Heerenveen. 17. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 januari 2022,opgenomen op pagina 203 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant: Ik hoorde dat aangeefster [slachtoffer 5] het volgende verklaarde: De koerier heeft bij de deur ook nog iets tegen me gezegd, wat ik ook herkende dat de vrouw aan de telefoon tegen me gezegd had. Iets van een wachtwoord. Ik weet niet zeker of dit een aantal cijfers waren of dat het een woord was, maar hetgeen kwam inderdaad overeen. 18. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 5 november 2021,opgenomen op pagina 218 van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant: Er zijn camerabeelden opgevraagd bij de pinautomaat aan [adres] te [plaats] en de beelden daarvan heb ik in dit proces verbaal beschreven. Op de aangeleverde camerabeelden zag ik, verbalisant [verbalisant] , dat er op maandag 20 september 2021 om 19:33 uur een man aan kwam lopen naar de pinautomaat. Ik zag dat de man een donkere huidskleur had, halflang gekruld kroeshaar had wat hij in een staartje droeg, een donkergrijze/vaal zwarte spijkerbroek droeg, een grof geruite zwarte blouse met grove witte lijnen, onder de blouse stak een wit/lichtblauw shirt uit en ik zag dat de man lichtblauwe/grijze sportschoenen droeg met daarin de kleuren wit en groen. 19. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 7 december 2021,opgenomen op pagina 211 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van getuige [naam] : Ik ben bekend met de oplichtingszaak in [plaats] en wil een verklaring afleggen. Ik zag daar rond een of 19.00 een getinte man met lang haar in een knot. De man had een slank postuur en was denk ik tussen de 18 en 25 jaar oud. De man zal tussen de 180 en 185 cm lang zijn geweest, niet zo groot. Hij had een wat swingend loopje. Ik zag dat de man bij de familie Schaap vandaan kwam en zijn jas uit deed. Ik zag dat hij in een auto stapte, een Renault Scenic. Het kenteken hebben wij toen doorgegeven aan de politie. 20. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 18 december 2021,opgenomen op pagina 213 van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant [naam] : [naam] geeft in deze melding een gedeelte van een kenteken door, [kenteken] . Vervolgens komt door een zoekslag in open RDW, een mogelijk kenteken naar voren, [kenteken] . Bovenstaand voertuig werd in het verleden gebruikt door de zoon van tenaamgestelde. De zoon betreft [verdachte] , geboren [geboorte datum] 1998. 21. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 31 oktober 2021,opgenomen op pagina 42 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van verdachte: Ik had een Renault Scenic. Die stond eerst op naam van mijn vader. Ik heb een tijdje in die auto gereden. 22. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 7 oktober 2021, opgenomenop pagina 224 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van [slachtoffer 6] : Op dinsdag 5 oktober omstreeks 13:15 uur werd ik gebeld op mijn huistelefoon. Ik sprak met een man die zich voorstelde als [naam] . Hij vertelde mij dat hij medewerker was bij de ING bank en dat er net geprobeerd was om 4000 euro van mijn rekening af te halen. Hij vertelde mij dat er op dat moment geprobeerd werd om 16.000 van de rekening af te halen. Dit kon voorkomen worden maar mijn telefoon waarop ik internetbankieren heb staan zou een virus hebben. Omdat hij bezorgd was en mij wilde helpen zal er een koerier gestuurd worden zodat deze mijn telefoon en pinpas mee kon nemen ter onderzoek. Ik moest mijn pinpas met pincode en telefoon met de code voor het ontgrendelen in een envelop stoppen. Ik kreeg een code die ik aan de koerier moest geven bij de afgifte: 48992 en de koerier zou rond 15:00 uur per mij de stoep staan. Omstreeks 15:15 uur werd er aangebeld. Op dat moment had ik de oplichter nog aan de lijn. Ik deed de deur open en zag een jongeman staan. Hij zei dat hij gestuurd was door de bank en ik gaf de envelop met hierin mijn betaalpas en telefoon. Ik omschrijf de man als volgt: Donkere jongen Rond de 20 a 22 jaar oud 1,8 meter lang slank postuur Ovaal gezicht dikke lippen zwarte krulletjes op zijn hoofd helemaal in het zwart gekleed. zwart jasje Er was 4900 van mijn bankrekening afgehaald. 23. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 5 oktober 2021,opgenomen op pagina 229 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant(en): Op dinsdag 5 oktober 2021 waren wij verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant] belast met de incidentafhandeling in het gebied Noordwest Fryslán. Omstreeks 19:50 uur kregen wij de melding om te gaan naar [plaats] . Eenmaal ter plaatse werden we binnen gelaten door de aangeefster ( ) Hierop liet ik, verbalisant [verbalisant] , op mijn dienst telefoon meerdere foto's zien van personen die enigszins overeenkwamen met het signalement van de verdachte. Deze personen had ik via google opgezocht en hadden geen enkele link met de zaak. Op het moment dat de aangeefster de foto van de briefing zag riep ze: "Die jongen lijkt er wel heel erg op, ja dat moet hem zijn. Ik weet zeker dat hij het geweest is." 24. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 14 juli 2021, opgenomen oppagina 249 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als verklaring van [slachtoffer 7] : Op dinsdag 6 juli 2021 werd ik omstreeks 17:00 uur werd ik gebeld op mijn huistelefoon. Ik nam op en ik hoorde een vrouw tegen mij zeggen dat zij [naam] was en dat zij een medewerker van de Rabobank was. Deze mevrouw vertelde mij dat mijn bankrekening gehackt was. Er zou iemand langs komen om mijn pinpas op te halen. De vrouw zei tegen mij dat wanneer ik dat niet zou doen ik al mijn geld kwijt zou raken. Dit ze meerdere keren herhaald, ze bleef maar zeggen dat er voorzorgsmaatregelen getroffen moesten worden in verband met het hacken van mijn bankrekening. Na ongeveer een kwartier werd er aangebeld bij mijn woning te Leeuwarden. Ik deed de deur open en ik zag dat er een jongen bij mij voor de deur stond. Ik hoorde dat deze jongen tegen mij zei dat hij mijn pinpas op kwam halen. De jongen zag er als volgt uit: blanke jongen, zon gebruind ongeveer 19 of 20 jaar oud; rond de 1.70 m lang; geen bril of baard/snor; half lang krullend haar, bruin, soort Ruud Gullit kapsel in zijn jongere jaren. Wij zagen dat er op dinsdag 6 juli 2021 om 17:53 uur vanaf mijn spaarrekening 4000 euro was overgeboekt naar mijn lopende rekening [rekeningnummer] ten name van [slachtoffer 7] . Hierna is er op dinsdag 6 juli 2021 om 17:58 uur 5000 euro vanaf mijn lopende rekening gepind bij Geldmaat aan het [adres] te Leeuwarden. Ik ben dus voor 5000 euro opgelicht. 25. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 15 augustus 2022, opgenomen op pagina 254 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend het relaas van verbalisant: Op woensdag 14 juli 2021 om 15:15 uur werd er aangifte gedaan ter zake overige horizontale fraude /helpdeskfraude door aangever [slachtoffer 7] . Op dinsdag 6 juli 2021 werd om 17:58 uur 5000 euro van genoemde lopende rekening gepind bij de Geldmaat aan het [adres] te Leeuwarden. Van die pintransactie werden camerabeelden veiliggesteld. Door mij zijn die camerabeelden bekeken. Op het eerste door mij bekeken bestand, 02 02 OV GEA, zie ik dat op 6 juli 2021 om 17:57:09 uur de verdachte het beeld in komt lopen, lk zie dat de verdachte een zwarte dan wel donkerblauw gekleurde jas aan heeft met horizontaal geplaatste, reflecterende stukken aan de onderzijde van de mouwen. Onder deze jas draagt de verdachte een grijze trui met capuchon (hoodie) en ik zie dat hij de capuchon over zijn hoofd trekt en stevig aan snoert. De persoon draagt een blauwe spijkerbroek. De spijkerbroek is ruimvallend bij de verdachte. De persoon draagt licht grijze sneakers. Om 17:57:22 uur staat de verdachte voor de geldmaat. Te zien is dat op de jas van de verdachte, op de rug, een verticaal geplaatst reflecterend stuk op de capuchon zit en een horizontale reflecterende baan halverwege de rug. Op de rug is tevens een vervaagde V-vorm te zien. Om 17:57:28 uur stopt de verdachte nogmaals de pinpas in de geldmaat. Om 17:58:03 uur pakt de verdachte de pinpas uit de geldmaat. Op het scherm van de geldmaat is een zandloper te zien welke om draait. Om 17:58:33 uur zie ik dat de verdachte iets voorover staat. Op het scherm van de geldmaat is het "geld uit nemen" symbool te zien. lk zie dat de verdachte iets, zeer aannemelijk het geld, in zijn linkerhand heeft en dit in zijn linker jaszak stopt. Hierna is te zien dat de verdachte de ruimte verlaat. Op het tweede door mij bekeken bestand, 01 01 G EA, komt de verdachte om 17:57:20 in beeld. De verdachte staat met zijn hoofd voorovergebogen waardoor alleen de bovenkant van zijn capuchon is te zien. Zo nu en dan zijn de zeer donkere ogen van de verdachte in beeld. Aan de lichaamsbewegingen van de verdachte is te zien dat deze diverse handelingen verricht op de geldmaat. lk zie dat de verdachte om 17:58:34 uur het beeld uit loopt. Tevens zie ik op de beelden dat de kleding van de verdachte overeen komt met de kleding welke de verdachte draagt in ZAAK 1, 3 en 4. De rechtbank acht de feiten 1 en 2 wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat: 1. hij op verschillende tijdstippen in de periode van 6 juli 2021 tot en met 5 oktober 2021 te Leeuwarden en te [plaats] en te [plaats] en te [plaats] en te [plaats] , tezamen en in vereniging met een of meer anderen, meermalen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen en door een samenweefsel van verdichtsels, [slachtoffer] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een bankpas van de Rabobank en het ter beschikking stellen van de bij die bankpas behorende pincode, hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
- s)zich met voor omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven- valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid telefonisch voorgedaan als [naam] , medewerkster van de Rabobank en in die hoedanigheid die [slachtoffer] - zakelijk weergegeven - er op gewezen dat er iemand probeerdeeen bedrag van 1600 euro van haar rekening te halen en dat de Rabobank dit had voorkomen en dat zij iemand langs zou sturen om de bankpas op te halen en in die hoedanigheid die [slachtoffer] - zakelijk weergegeven - de verificatiecode 095GD, gegeven enaangegeven dat degene die de bankpas kwam ophalen deze code zou noemen ter verificatie dat dit een medewerker van de Rabobank was en in die hoedanigheid er bij die [slachtoffer] op aangedrongen dat zij haar bankpas moest afgeven anderszou er 1600 euro van haar rekening worden afgeschreven en zich bij het woonadres van die [slachtoffer] gemeld en voornoemde verificatiecode genoemd en vervolgens de bankpas en bijbehorende pincode van die [slachtoffer] in ontvangst genomen en dezebankpas heeft doorgeknipt en meegenomen waardoor die [slachtoffer] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte en [slachtoffer 2] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een bankpas van de Rabobank en/ het ter beschikking stellen van de bij die bankpas behorende pincode, hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
- s)zich met voor omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven- valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid telefonisch voorgedaan als [naam] , medewerkster van de Rabobank en in die hoedanigheid die [slachtoffer 2] - zakelijk weergegeven- er op gewezen dat er was geprobeerd eengeldbedrag van 18.000 euro van de rekening van die [slachtoffer 2] af te halen en dat de Rabobank dit wilde voorkomen door de rekening te blokkeren en in die hoedanigheid die [slachtoffer 2] - zakelijk weergegeven gevraagd naar haar pas en/of pincode endie [slachtoffer 2] erop gewezen dat iemand de bankpas kwam ophalen en in die hoedanigheid die [slachtoffer 2] - zakelijk weergegeven - de verificatiecode ZX582, gegeven enaangegeven dat degene die de bankpas kwam ophalen deze code zou noemen ter verificatie dat dit een medewerker van de Rabobank was en zich bij het woonadres van die [slachtoffer 2] gemeld en voornoemde verificatiecode genoemd en vervolgens de bankpas in ontvangst genomen, waardoor die [slachtoffer 2] werd bewogen totbovengenoemde afgifte en [slachtoffer 3] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een bankpas van de Rabobank en het ter beschikking stellen van de bij die bankpas behorende pincode, hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
- s)zich met voor omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven- valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid telefonisch voorgedaan als [naam] , medewerkster van de Rabobank en in die hoedanigheid die [slachtoffer 3] - zakelijk weergegeven- er op gewezen dat er met een buitenlandsbanknummer was geprobeerd een geldbedrag van 1502 euro van de rekening van die [slachtoffer 3] af te halen en in die hoedanigheid die [slachtoffer 3] - zakelijk weergegeven - er op gewezen dat iemand de bankpaskwam halen en de verificatiecode ZX582, gegeven en aangegeven dat degene die de bankpas kwam ophalen deze code zou noemen ter verificatie dat dit een medewerker van de Rabobank was en vervolgens de pincode van de bankpas gevraagd welke via de telefoon, met een codering, kon worden doorgegeven en zich bij het woonadres van die [slachtoffer 3] gemeld en voornoemde verificatiecode genoemd en dedoor die [slachtoffer 3] doorgeknipte bankpas in ontvangst genomen en van de spaarrekening van die [slachtoffer 3] een overboeking van 600 euro gedaan naar de lopenderekening van die [slachtoffer 3] , waardoor die [slachtoffer 3] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte en [slachtoffer 4] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een bankpas van de Rabobank en het ter beschikking stellen van de bij die bankpas behorende pincode, hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
- s)zich met voor omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven- valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid telefonisch voorgedaan als een medewerkster van de Rabobank en in die hoedanigheid die [slachtoffer 4] - zakelijk weergegeven - er op gewezen dat er was geprobeerd om2400 euro van de rekening van die [slachtoffer 4] naar Frankrijk over te schrijven en dat ze dat wilde doen stoppen en dat daartoe de bankpas opgehaald zou worden om de rekening te blokkeren en zich bij het woonadres van die [slachtoffer 4] gemeld en de door die [slachtoffer 4] doorgekniptebankpas in ontvangst genomen, waardoor die [slachtoffer 4] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte en [slachtoffer 5] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een of meer bankpas(sen) van de ABN AMRObank en het ter beschikking stellen van de bij die bankpas(sen) behorende pincode(s), hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
- s)zich met voor omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven- valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid telefonisch voorgedaan als een medewerkster van de fraudehelpdesk van de ABN AMRObank en in die hoedanigheid die [slachtoffer 5] - zakelijk weergegeven- er op gewezen dat er werd gerommeld intwee van haar bankrekeningen en dat het verstandig was om het geld veilig te stellen en die [slachtoffer 5] heeft verzocht op haar computer in te loggen op haar internetbankieren en die [slachtoffer 5] gevraagd naar de bij de betreffende bankpas (sen) behorende pincode(
- s)en -in die hoedanigheid die [slachtoffer 5] - zakelijk weergegeven - er op gewezen dat een koerier van Post.nl de bankpas(sen) kwam halen en die [slachtoffer 5] een wachtwoord gegeven en - zich bij het woonadres van die [slachtoffer 5] gemeld en de twee bankpassen in ontvangst genomen,waardoor die [slachtoffer 5] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte en [slachtoffer 6] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een bankpas van de ING bank en een mobiele telefoon en het ter beschikking stellen van de bij die bankpas behorende pincode, hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
- s)zich met voor omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid telefonisch voorgedaan als [naam] , medewerker van de ING bank en in die hoedanigheid die [slachtoffer 6] - zakelijk weergegeven- er op gewezen dat er was geprobeerd om 4000 van haar rekening af te schrijven en dat er vervolgens werd geprobeerd om 16000 euro van haar rekening af te schrijven en dat er mogelijk een virus op haar telefoon aanwezig zou zijn en in die hoedanigheid die [slachtoffer 6] - zakelijk weergegeven- er op gewezen dat een koerier haarbankpas en telefoon, ter onderzoek, kwam halen en haar code 48992 gegeven welke zij aan de koerier moest geven bij de afgifte van haar bankpas en telefoon en zich bij het woonadres van die [slachtoffer 6] gemeld en de bankpas en mobiele telefoon in ontvangstgenomen en/of van de spaarrekening van die [slachtoffer 6] in meerdere transacties in totaal een overboeking van16.700 euro gedaan naar de lopende rekening van die [slachtoffer 6] , waardoor die [slachtoffer 7] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte en [slachtoffer 7] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten de afgifte van een bankpas van de Rabobank en het ter beschikking stellen van de bij die bankpas behorende pincode, hebbende verdachte en/of verdachtes mededader(
- s)zich met voor omschreven oogmerk - zakelijk weergegeven- valselijk en listiglijk en bedrieglijk en in strijd met de waarheid telefonisch voorgedaan als [naam] , medewerkster van de Rabobank en in die hoedanigheid die [slachtoffer 7] - zakelijk weergegeven- er op gewezen dat haar bankrekening wasgehackt en er iemand langs zou komen om haar pinpas op te halen en indien zij haar pinpas niet wilde afgegeven zij haar geld kwijt zou raken en dat er voorzorgsmaatregelen dienden te worden genomen in verband met het hacken van haar bankrekening en zich bij het woonadres van die [slachtoffer 7] gemeld en de bankpas in ontvangst genomen en van de spaarrekening van die [slachtoffer 7] een overboeking van 4000 euro gedaan naar de lopenderekening van die [slachtoffer 7] , waardoor die [slachtoffer 7] werd bewogen tot bovengenoemde afgifte; 2. hij op verschillende tijdstippen in de periode van 6 juli 2021 tot en met 5 oktober 2021 op na te noemen plaatsen, tezamen en in vereniging met anderen, meermalen, telkens geldbedragen die aan anderen toebehoorden, te weten aan [slachtoffer] en [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4] en [slachtoffer 5] en [slachtoffer 7] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(
- s)die weg te nemen geldbedragen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, door zonder toestemming van die genoemde personen haar/zijn/hun bankpassen te gebruiken, met het gebruik van de bij die bankpassen bijbehorende pincodes geldopnames heeft verricht, middels een bankpas, ten name van [slachtoffer] , te weten: 6 juli 2021 bij de [bedrijf] aan de [adres] te Leeuwarden een geldbedrag van 1100 euro;en middels een bankpas, ten name van [slachtoffer 2] , te weten: 10 juli 2021 bij de Geldmaat in [bedrijf] aan de [adres] te Leeuwarden een geldbedrag van 1250 euro enbij de [bedrijf] aan de [adres] te Leeuwarden een bedrag van 1800 euro; en middels een bankpas, ten name van [slachtoffer 3] , te weten: 10 juli 2021 bij de Geldmaat aan de [adres] te Leeuwarden een geldbedrag van 5000 euro;en middels een bankpas, ten name van [slachtoffer 4] , te weten: 25 augustus 2021 bij de geldautomaat aan de [adres] te [plaats] een geldbedrag van 5000 euroen middels een of meer bankpas(sen), ten name van [slachtoffer 5] , te weten: 20 september 2021 bij de geldautomaat aan de [adres] te [plaats] tweemaal een geldbedrag van 500 euro en bij de [bedrijf] aan de [adres] te Heerenveen een geldbedrag van 2012 euro en middels een bankpas, ten name van [slachtoffer 7] , te weten: 6 juli 2021 bij de geldautomaat aan het [adres] te Leeuwarden een geldbedrag van 5000 euro. Verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Het bewezen verklaarde levert op: medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd; diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd. Deze feiten zijn strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten. De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken. Vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte ter zake van de feiten 1 en 2 wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 maanden. Standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft vrijspraak van de gehele tenlastelegging bepleit en geen standpunt ingenomen over een mogelijk op te leggen straf. Oordeel van de rechtbank Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek ter terechtzitting, het uittreksel uit de justitiële documentatie van 10 november 2023, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de verdediging. De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Verdachte heeft zich samen met anderen gedurende een periode van drie maanden schuldig gemaakt aan het medeplegen van oplichting en diefstal van geld. De slachtoffers werden telefonisch benaderd en een medeverdachte deed zich voor als een bankmedewerker. Meerdere slachtoffers hebben hun bankpas en pincode en in een geval zelfs een mobiele telefoon afgegeven aan verdachte of aan zijn mededader(s). Bij meerdere slachtoffers zijn door verdachte flinke geldbedragen van de bankrekening gestolen. In totaal hebben verdachte en zijn medeverdachte(
- n)een bedrag van ruim 22.000,- buit gemaakt. De slachtoffers betroffen oudere mensen, in de leeftijd van 72 tot 80 jaar. Door het handelen van verdachte zijn meerdere slachtoffers financieel benadeeld en is hun vertrouwen in de medemens schade toegebracht. Feiten zoals deze tasten bovendien ook het algemene vertrouwen in het bankwezen aan. Met de door de verdachte gepleegde oplichtingen en diefstallen heeft de verdachte laten zien dat hij enkel uit is geweest op zijn eigen financieel gewin. De verdachte heeft op geen enkel moment stil gestaan of willen staan bij de gevolgen die zijn handelen voor de slachtoffers heeft gehad. De rechtbank neemt dit de verdachte kwalijk. De rechtbank heeft in aanmerking genomen dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor een vermogensdelict. De rechtbank is, alles afwegend, van oordeel dat een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf noodzakelijk is, omdat de aard en ernst van de feiten door een lichtere strafrechtelijke afdoening miskend zouden worden. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 15 maanden, zoals geëist door de officier van justitie, acht de rechtbank passend en geboden. Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat aan verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend als bedoeld in artikel 6:2:10 van het Wetboek van Strafvordering. De rechtbank heeft gelet op de artikelen 47, 57, 311, 326 van het Wetboek van Strafrecht. Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden. Verklaart het onder 1 en 2 ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar. Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij. Veroordeelt verdachte tot: Dit vonnis is gewezen door mr. H. de Ruijter, voorzitter, mr. M. Brinksma en mr. M.E. Joha, rechters, bijgestaan door W. van Goor, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 26 januari 2024. Mrs. De Ruijter en Joha zijn buiten staat het vonnis mede te ondertekenen.