Uitspraak RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Afdeling strafrecht Locatie Groningen parketnummer 18.237319.22 ter terechtzitting gevoegd parketnummer 18.177840.24 Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d. 17september 2024 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 2000 te [geboorteplaats] , [adres] . Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 20 augustus 2024. Verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. D.N.A. Brouns, advocaat te Amsterdam-Duivendrecht. Het openbaar ministerie is ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. J. Hoekman. Na de onderbreking van het onderzoek ter terechtzitting op 20 augustus 2024 is het onderzoek gesloten ter terechtzitting van 3 september 2024. Verdachte en zijn raadsvrouw zijn toen niet verschenen. Het openbaar ministerie is toen ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. J. Westerhof. Tenlastelegging Aan verdachte is, na nadere omschrijving van de tenlastelegging, ten laste gelegd dat: parketnummer 18.237319.22 1. hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 21 september 2021 tot en met 27 september 2022 te [plaats] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, opzettelijk en wederrechtelijk in een (gedeelte van) een geautomatiseerd werk, te weten een webserver van een bank met daarop het internetbankieren(account) van een of meerdere perso(o)n(en)/aangever(s)/rechtspersonen en/of het/de computersyste(e)m(
(37)Knab rekeninghouders. Dit bestand is oorspronkelijk op 18 april 2022 om 16:22 uur gedownload via Googls Docs en werd op 20 april 2022 om 19:16 uur naar de prullenbak verplaatst. 2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 29 mei 2022, opgenomen op pagina 269 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisanten: Op 3 mei 2021 heeft onder leiding van rechter-commissaris mr. [naam] een doorzoeking plaatsgevonden in een woning aan de Van [adres] in [plaats] . Bij deze doorzoeking is een laptop in beslag genomen die in het onderzoek is geadministreerd onder nummer E.01.02.01. Het betreft een laptop van het merk Lenovo en het type ThinkPad. De laptop is voorzien van het serienummer AB19752. Hoewel ik geen leads op deze laptop heb aangetroffen heb ik wel sporen gezien die er op wijzen dat er leads zijn bekeken via het Google (Docs) account [naam] . Bestand [naam] , laatst geopend 25 januari 2022, 1000 regels. Bestand [naam] , laatst geopend 3 februari 2022, 1000 regels, kenmerk: Rabobank IBAN Bestand: 239STK Rabo 1940 50 [naam] , laatst geopend 3 februari 2022,239 regels, kenmerk: Rabobank IBAN. Bewijsoverwegingen ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde In het verlengde van het hiervoor overwogene is de rechtbank van oordeel dat verdachte de (hoofd)gebruiker was van alle onder hem in beslaggenomen gegevensdragers. De verklaring van verdachte dat hij niet wist welke gegevens zich op die laptop bevonden, acht de rechtbank ongeloofwaardig. Verdachte moet, als gebruiker van deze laptop, zich bewust zijn geweest van de bestanden die zich daarop bevonden. Dat geldt te meer nu is gebleken dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan zogeheten bankhelpdeskfraude, waarbij doorgaans gebruik wordt gemaakt van zulke bestanden (leads). Met de raadsvrouw van verdachte is de rechtbank van oordeel dat de aangetroffen gegevens op de Asus laptop te onduidelijk zijn om vast te stellen dat het gaat om een leadslijst. De rechtbank zal verdachte dan ook van het derde gedachtestreepje vrijspreken. Naar het oordeel van de rechtbank biedt het dossier onvoldoende aanknopingspunten om ten aanzien van dit feit vast te stellen dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking met een of meer anderen. Van het ten laste gelegde medeplegen zal de rechtbank verdachte dan ook vrijspreken. parketnummer 18.177840.24 Bewijsmiddelen ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde 1. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van aangifte d.d. 5 januari 2024, opgenomen op pagina 13 e.v. van het ongedateerde dossier van de districtsrecherche Friesland met nummer 2024005203, inhoudend als verklaring van [slachtoffer 12] : Op 5 januari 2024 omstreeks 17:00 uur werd ik gebeld op mijn huistelefoon. Ik hoorde dat een man zich voorstelde als [naam] en hij vertelde mij dat hij medewerker was van de ING bank. Ik hoorde de man mij een verhaal vertellen waar ik helemaal niets van begreep. Ik hoorde dat deze man mij vertelde dat ik alle telefoons moest uitschakelen. Ik heb denk ik wel tot 20:00 uur met deze persoon aan de lijn gezeten. De medewerker van de bank vertelde mij dat iemand langskwam om mijn bankpas op te halen. Ik kreeg van de persoon een code, 4500XR. Als de persoon mij dezelfde code gaf dan kon ik hem mijn bankpas overhandigen. Omstreeks 19:00 uur kwam een man aan de deur. De man vertelde mij de code die ik gekregen had van de man aan de telefoon. De man vroeg aan mij of ik nog waardevolle goederen en contant geld in de woning had. Ik heb de man hierna 610 euro aan contant meegegeven. Hierna is de man met mijn pinpassen van de Rabobank en de ING bank en 610 euro aan contant geld vertrokken. De man die bij mij aan de deur kwam kan ik als volgt omschrijven: een man, ongeveer 35 jaar oud, stevig postuur, ongeveer 1.70 meter lang. De man sprak Nederlands zonder accent. De man had een stevig bos haar met wat slagen. Ik heb van mijn zoon gehoord dat er twee keer gepind is bij een pinautomaat in [plaats] . Dit was voor een bedrag van 180 euro en voor een bedrag van 300 euro. 2. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 29 maart 2024, opgenomen op pagina 1 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant: Op dinsdag 9 januari 2024 kwam er een ANPR-hit bij het [adres] in Groningen binnen op het kenteken [nummer] . Dit voertuig behoort toe aan autoverhuurbedrijf [bedrijf] op naam van [naam] , tevens was het voertuig betrokken bij bankhelpdeskfraude op 5 januari 2024. De bestuurder bleek te zijn: [verdachte] (hierna te noemen [verdachte] ) geboren [geboortedatum] 2000 te [geboorteplaats] (Somalië). [verdachte] kwam veelvuldig voor witwassen en bankhelpdeskfraude voor. Gezien alle feiten en omstandigheden is bovengenoemd voertuig doorzocht en hierbij zijn alle goederen welke te linken zijn aan de telefonische bankhelpdeskfraude van 5 januari 2024 inbeslaggenomen, waaronder een rode Iphone waarvan [verdachte] verklaarde dat het zijn telefoon was. Deze telefoon is in beslag genomen. 3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 20 maart 2024, opgenomen op pagina 9 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant: Aangeefster [slachtoffer 12] verklaarde op 5 januari 2024 rond 17:00 uur gebeld te zijn op haar huistelefoon, + [nummer] . Dit gesprek zou circa 3 uur geduurd hebben. Vanuit de door KPN aangeleverde historische belgegevens bleek dat de aangever was gebeld door telefoonnummer: + [nummer] . Op 9 januari 2024 werd [verdachte] staande gehouden in een voertuig voorzien van kenteken [nummer] . Bij [verdachte] werd een telefoon in beslag genomen. Ik verbalisant [naam] heb daarop de inhoud van deze telefoon onderzocht en zag dat er op 5 januari 2024 om 18:00 uur middels de communicatie app SKYPE was gebeld naar het huistelefoonnummer van aangeefster [slachtoffer 12] . Ik zag dat dit gesprek 2 uur en 12 minuten had geduurd. 4. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 21 februari 2024, opgenomen als losse bijlage bij voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant: In onderzoek 2024005203 (bankhelpdeskfraude) werden op de pleegdatum 5 januari 2024 camerabeelden gevorderd bij Geldmaat van twee geldopnames bij de geldautomaat aan de [adres] in [plaats] . Bij die geldautomaat was blijkens bankgegevens van het slachtoffer twee keer geld gepind met de door misdrijf verkregen bankpas van dat slachtoffer. Nadat deze beelden door geldmaat waren aangeleverd heb ik deze beelden op woensdag 21 februari 2024 bekeken. Bij het bekijken van de camerabeelden van Geldmaat van de geldopnames in [plaats] op de pleegdatum 5 januari 2024 herkende ik direct voor 100% [medeverdachte] als degene die daar handelingen verricht met de bankpas van het slachtoffer. Ik zag dat er door Geldmaat twee beeldfragmenten waren aangeleverd van de pleegdatum 5 januari 2024, tussen 19:00 uur en 19:05 uur. Bewijsoverwegingen ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde Feit 1, medeplegen oplichting Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat de rode iPhone die de politie in beslag genomen heeft niet van hem was. Op grond van het hierboven bij de bewijsmiddelen opgenomen op ambtseed opgemaakte proces-verbaal van de politie van 29 maart 2024 acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de eigenaar en de gebruiker van de rode iPhone was. In het verlengde daarvan kan worden bewezen dat verdachte degene is die aangeefster op 5 januari 2024 heeft gebeld en zich daarbij heeft voorgedaan als medewerker van de bank. Uit de bewijsmiddelen blijkt verder dat tijdens of vlak na het oplichtingsgesprek met verdachte, een andere man dan verdachte de bankpas van aangeefster bij haar thuis heeft opgehaald. Weer kort daarna zijn er twee geldbedragen van de rekening van aangeefster gepind. Gelet hierop kan het niet anders dan dat er sprake is geweest van een planmatige aanpak, een intensieve samenwerking en een duidelijke afstemming tussen verdachte en zijn medeverdachte(
- n)bij de oplichting. Dat brengt mee dat er sprake is van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn medeverdachte(n). Daarmee acht de rechtbank het onder 1 ten laste gelegde medeplegen van oplichting wettig en overtuigend bewezen. Feit 2, opzet en medeplegen diefstal met een valse sleutel De rechtbank overweegt als volgt. Verdachte heeft er als beller voor gezorgd dat de pinpas en pincode van aangeefster in handen kwamen van de medeverdachte. Die heeft vervolgens, tijdens of vlak na het oplichtingsgesprek tussen aangeefster en verdachte, geld van de rekening van aangeefster gepind. Diefstal door middel van een valse sleutel maakt deel uit van de modus operandi van bankhelpdeskfraude. Het doel van bankhelpdeskfraude is immers altijd om zo veel mogelijk geld buit te maken. Verdachte heeft dan ook opzet gehad op de diefstal met de valse sleutel, nu het opzet hierop besloten ligt in de oplichting zelf. Dat een medeverdachte feitelijk het geld heeft gepind, doet hier niet aan af. De rechtbank is van oordeel dat gelet op de rol van verdachte als beller sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en zijn medeverdachte(n). Daarmee is de onder 2 ten laste gelegde diefstal door middel van een valse sleutel door twee of meer verenigde personen wettig en overtuigend bewezen. Bewezenverklaring De rechtbank acht het onder parketnummer 18.237319.22 onder 1, 2 primair, 3 primair en 4 en het onder parketnummer 18.177840.24 onder 1 en 2 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat: parketnummer 18.237319.22 1. hij op meer tijdstippen in de periode van 28 augustus 2021 tot en met 29 november 2022 te Assen, [plaats] en elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, opzettelijk en wederrechtelijk in een gedeelte van een geautomatiseerd werk, te weten een webserver van een bank met daarop het internetbankieren(account) van meerdere personen en/of de computersystemen en/of smartphones van meerdere personen, te weten [slachtoffer 1] [slachtoffer 2] [slachtoffer 3] [slachtoffer 4] [slachtoffer 5] [slachtoffer 6] [slachtoffer 7] [slachtoffer 8] [slachtoffer 9] [slachtoffer 10] is binnengedrongen, door een technische ingreep en met behulp van het aannemen van een valse hoedanigheid, te weten door gebruik te maken van onrechtmatig verkregen inloggegevens van internetbankieren van aangevers en door die aangevers onder valse voorwendselen te bewegen tot het installeren van Anydesk of een andere Remote Acces Tool op zijn/haar computersysteem en/of smartphone, waardoor hij, verdachte en/of zijn medevedachte(
- n)toegang verkreeg/verkregen tot de computersystemen en smartphones van die aangevers en de zich daarop bevindende online bankrekeningen/online bankierenpaginas; 2. hij op tijdstippen in de periode van 21 september 2021 tot en met 15 september 2022 te [plaats] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, met het oogmerk om zich en/of een ander, wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en een valse hoedanigheid meerdere aangevers, te weten [slachtoffer 2] ( 97.546,08 en 0,36907515 Bitcoin) [slachtoffer 3] ( 4.977,36) [slachtoffer 7] (in totaal 4.047,-) [slachtoffer 9] (in totaal 43.330,97) [slachtoffer 10] (in totaal 890,-) heeft bewogen tot afgifte van voornoemde)geldbedragen en cryptovaluta, het ter beschikking stellen van (inlog)gegevens (voor internetbankieren) door valselijk zakelijk weergegeven - ( ( met een gespoofed telefoonnummer) contact op te (laten) nemen met voornoemde (rechts)personen, daarbij gebruikmakend van verdachtes en/of medeverdachtes valse hoedanigheid van medewerker (van de fraudedesk) van een of meer bank(
- en)en in deze gesprekken de aangever(
- s)voor te houden dat geld was afgeschreven en/of gepoogd werd af te schrijven van haar/hun rekening en dat zij hem moest(
- en)helpen met het annuleren van de overboeking en/of op een andere wijze de aangever(
- s)voorgehouden dat er een probleem was met de bankrekening of computer en dat hij, verdachte en/of zijn medeverdachte(n), haar/hem zou helpen het probleem te verhelpen, en/of aangevers te instrueren verdachte en/of medeverdachte de controle over hun computer te geven door middel van een computerprogramma, al dan niet via Anydesk en/of een andere Remote Acces Tool, waardoor verdachte en/of zijn medeverdachte(
- n)toegang verkreeg/verkregen tot de internetbankierenomgeving van aangevers en/of bankrekeningen van bedrijven tot wiens bankrekening aangevers gemachtigd waren, en aangevers te instrueren (verificatie)codes door te geven waarmee toegang kon worden verkregen tot bankrekeningen onder diens controle en/of waarmee opdrachten tot betalingen konden worden uitgevoerd, en/of - vervolgens aangevers te instrueren al dan niet via Anydesk en/of een andere Remote Access Tool- geld en/of cryptovaluta over te boeken naar paypal- en/of bankrekeningen (al dan niet van katvangers) die in werkelijkheid onder controle stonden van verdachte en/of zijn medeverdachten, waardoor die aangevers werden bewogen tot voornoemde afgifte en/of het voornoemde ter beschikking stellen; 3. hij op tijdstippen in de periode van 21 december 2021 tot en met 27 september 2022 te [plaats] en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, de na te noemen geldbedragen, die toebehoorden aan [slachtoffer 1] (in totaal ca. 19.839,58,-) [slachtoffer 5] (in totaal 1.279,-) [slachtoffer 6] (in totaal 4.756,-) [slachtoffer 4] (in totaal 1.960,23) [slachtoffer 8] (in totaal 4.620,-) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(
- s)die weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, te weten via bankhelpdeskfraude en/of autorisatiecodes (zoals een code van een Random Reader en/of e.dentifier) voor het inloggen op de internetbankierenaccounts waartoe voornoemde aangevers toegang hadden en/of het autoriseren van een overboeking, met welke gegevens vervolgens door verdachte en/of zijn medeverdachten is/zijn ingelogd op de internetbankieren-omgeving van die aangevers en diverse af- en overschrijvingen zijn gedaan en/of verschillende betaalkaarten - en/of tegoedkaarten en/of goederen zijn aangeschaft en/of betalingen zijn verricht; 4. hij in de periode van 3 mei 2022 tot en met 24 januari 2023 te [plaats] gegevens, te weten een lijst met leads, waaronder het bestand [naam] , bevattende een groot aantal persoonsgegevens van 37 rekeninghouders bij de KNAB bank, aangetroffen op de Acer laptop van verdachte lijsten met leads, waaronder de bestanden [naam] , [naam] en [naam] , elk bevattende een groot aantal persoonsgegevens, aangetroffen op (het account [naam]
- op)de Lenovo Thinkpad van verdachte voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte wist dat die bestemd waren tot het plegen van een misdrijf omschreven in een van de artikelen 311 en 326 van het Wetboek van Strafrecht, voor zover deze feiten betrekking hebben op de verkrijging van een niet-contant betaalinstrument. parketnummer 18.177840.24 1. hij op 5 januari 2024 te [plaats] , tezamen en in vereniging met een of meer anderen, met het oogmerk om zich en/of een ander, wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid [slachtoffer 12] heeft bewogen tot afgifte van 610 euro aan contanten en haar ING bankpas en haar Rabobank bankpas en het ter beschikking stellen van de pincodes voor die betaalpassen, door valselijk zakelijk weergegeven contact op te nemen met die [slachtoffer 12] , daarbij gebruikmakend van verdachtes en/of medeverdachtes valse hoedanigheid van medewerker (van de fraudedesk) van de ING en de valse naam [naam] , en in deze gesprekken [slachtoffer 12] voor te houden dat er een probleem was met de bankrekeningen van [slachtoffer 12] en dat hij haar zou helpen het probleem te verhelpen, die [slachtoffer 12] te instrueren een bankmedewerker te ontvangen, nadat diegene daarbij een zogenaamde verificatiecode zou noemen die [slachtoffer 12] te instrueren 610 euro aan contanten en haar bankpassen en de bijbehorende pincodes te overhandigen waardoor die aangeefster werd bewogen tot voornoemde afgifte en het voornoemde terbeschikkingstellen; 2. hij op 5 januari 2024 te [plaats] tezamen en in vereniging met een of meer ander(en), 480 euro, welk bedrag toebehoorde aan [slachtoffer 12] , heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(
- s)het weg te nemen goed onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, te weten via een onrechtmatig verkregen bankpas en pincode. Verdachte zal van het meer of anders ten laste gelegde worden vrijgesproken, aangezien de rechtbank dat niet bewezen acht. Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op: parketnummer 18.237319.22 medeplegen van) computervredebreuk, meermalen gepleegd; ( medeplegen van) oplichting, meermalen gepleegd, ( medeplegen van) diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels, meermalen gepleegd, gegevens overdragen en voorhanden hebben waarvan hij weet dat zij bestemd zijn tot het plegen van een in 310, 311, 312, 317, 321 en 326 van het Wetboek van Strafrecht omschreven misdrijf. parketnummer 18.177840.24 medeplegen van oplichting medeplegen van diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel Deze feiten zijn strafbaar nu geen omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid uitsluiten. Strafbaarheid van verdachte De rechtbank acht verdachte strafbaar nu niet van enige strafuitsluitingsgrond is gebleken. Strafmotivering Vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden met aftrek. Standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft gepleit voor het opleggen van een straf die gelijk is aan de duur van het voorarrest. Daarnaast kunnen aan verdachte een voorwaardelijke straf en een forse taakstraf worden opgelegd. Eind augustus 2024 begint verdachte aan een nieuwe opleiding. Daarnaast wordt hij begin 2025 voor het eerst vader en is hij erg gemotiveerd om aan zijn gezinsleven te beginnen. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf die langer zou duren dan de tijd die verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, zou meebrengen dat verdachte niet aan zijn nieuwe opleiding kan beginnen en zijn kind niet zal kunnen opvoeden. Oordeel van de rechtbank Bij de bepaling van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan, de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek ter terechtzitting en de rapportages van de reclassering, het uittreksel uit de justitiële documentatie, alsmede de vordering van de officier van justitie en het pleidooi van de verdediging. De rechtbank heeft in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. Verdachte heeft zich met anderen gedurende een periode van een jaar schuldig gemaakt aan bankhelpdeskfraude, waarbij tien personen zijn gedupeerd met een totaal schadebedrag van circa 200.000,-. Verdachte en zijn medeverdachte(
- n)hebben zich in telefoongesprekken voorgedaan als een bankmedewerker en gezegd dat er een probleem was met de bankrekening van de slachtoffers. Hierna moesten de slachtoffers een tool installeren op hun computer of tablet, waarna de zogenaamde bankmedewerker kon meekijken. Er werden vervolgens bedragen overgeschreven naar een bankrekening van een geldezel of er werden goederen besteld bij de Media Markt. Daarnaast had verdachte lijsten met persoonlijke gegevens (zogenaamde leads) voorhanden die veelal in het criminele circuit worden gebruikt voor het plegen van dergelijke feiten. Na deze feiten heeft verdachte zich nogmaals schuldig gemaakt aan het medeplegen van bankhelpdeskfraude. In dit geval werd het slachtoffer bewogen om haar pincodes door te geven en haar pinpassen af te geven aan een man die deze pas bij haar thuis op kwam halen. Bankhelpdeskfraude is een steeds meer voorkomende vorm van criminaliteit die voor verdachten op relatief gemakkelijke wijze zeer lucratief kan zijn. Deze vorm van fraude schendt bovendien het vertrouwen dat burgers hebben in het betalingsverkeer, cruciaal voor een goed lopende economie. Verdachte en zijn medeverdachten hebben hiermee een spoor van vernieling achtergelaten en zij hebben op grote schaal misbruik gemaakt van het gewekte vertrouwen bij slachtoffers, die dachten dat zij op deze wijze konden voorkomen dat zij veel geld zouden kwijtraken. Het tegendeel bleek waar. Hierdoor is hun vertrouwen in ernstige mate geschaad. Verdachte heeft enkel uit financieel gewin gehandeld en ging op geraffineerde wijze te werk. Hij heeft op geen enkele wijze oog gehad voor de kwetsbaarheid en de belangen van de slachtoffers, die veelal op hoge leeftijd waren. De rechtbank rekent verdachte dit zwaar aan. De rechtbank heeft tevens in aanmerking genomen dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor strafbare feiten. Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met opgelegde straffen in soortgelijke zaken. Strafverzwarend is dat verdachte geen enkele verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn daden. De reclassering heeft een deels voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden geadviseerd. De rechtbank is van oordeel dat deze zaak zich niet leent voor oplegging van een deels voorwaardelijke gevangenisstraf. Daarbij heeft de rechtbank erop gelet dat nadat verdachte 9 maanden in voorlopige hechtenis had gezeten in het onderzoek 01Laos, hij zich in januari 2024 opnieuw schuldig heeft gemaakt aan bankhelpdeskfraude. Alles afwegende acht de rechtbank een gevangenisstraf voor de duur van 40 maanden passend en geboden. Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat aan verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend als bedoeld in artikel 6:2:10 van het Wetboek van Strafvordering. Inbeslaggenomen goederen Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de onder verdachte in beslag genomen Asus computer verbeurd verklaard moet worden. Het standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft zich niet uitgelaten over het beslag. Het oordeel van de rechtbank Gelet op de vrijspraak van het aanwezig hebben van een leadslijst op de in beslag genomen Asus- computer, zal de rechtbank de teruggave van de laptop aan verdachte gelasten. Benadeelde partij De volgende personen hebben zich als benadeelde partij in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding: parketnummer 18.237319.22, feiten 1 en 2 1. [slachtoffer 9] . Gevorderd wordt een bedrag van 9.201,84 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan. parketnummer 18.177840.24, feiten 3 en 4 2. [ [slachtoffer 13] . Gevorderd wordt een bedrag van 1.200,- ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat beide vorderingen kunnen worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente en met toepassing van hoofdelijkheid en de schadevergoedingsmaatregel. Standpunt van de verdediging De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat beide benadeelde partijen niet ontvankelijk moeten worden verklaard in hun vordering, nu zij voor alle feiten vrijspraak heeft bepleit. Oordeel van de rechtbank Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk dat de benadeelde partij [slachtoffer 9] de gestelde schade heeft geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het onder 1 en 2 bewezen verklaarde. De vordering, waarvan de hoogte niet door verdachte is betwist, zal daarom worden toegewezen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 13 juli 2022. De rechtbank stelt vast dat verdachte het strafbare feit samen met een ander/ anderen heeft gepleegd en dat zij naar civielrechtelijke maatstaven hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade. De rechtbank zal daarom bepalen dat verdachte de schadevergoeding niet meer aan de benadeelde partij hoeft te betalen indien zijn medeverdacht(
- n)deze al heeft/hebben betaald, en andersom. Nu de aansprakelijkheid van verdachte vaststaat, zal de rechtbank de schadevergoedingsmaatregel opleggen om te bevorderen dat verdachte de schade zal vergoeden. De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met de vordering heeft gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken. Ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 13] geldt dat de rechtbank het feit niet bewezen acht waaruit de schade zou zijn ontstaan. De benadeelde partij zal daarom niet ontvankelijk worden verklaard in de vordering. Toepassing van wetsartikelen De rechtbank heeft gelet op de artikelen 36f, 47, 57, 138ab, 234, 311 en 326 van het Wetboek van Strafrecht. Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden. Uitspraak De rechtbank Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte onder parketnummer 18.177840.24 onder 3 en 4 is ten laste gelegd en spreekt verdachte daarvan vrij. Verklaart het onder parketnummer 18.237319.22 onder 1, 2 primair, 3 primair, 4 en het onder parketnummer 18.177840.24 onder 1 en 2 ten laste gelegde bewezen, te kwalificeren en strafbaar zoals voormeld en verdachte daarvoor strafbaar. Verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde en spreekt verdachte daarvan vrij. Veroordeelt verdachte tot: een gevangenisstraf voor de duur van 40 maanden. Beveelt dat de tijd die de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en/of voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf, geheel in mindering zal worden gebracht. Gelast de teruggave aan verdachte van de in beslag genomen en nog niet teruggegeven Asus laptop. Ten aanzien van 18.237319.22, feiten 1 en 2 Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte hoofdelijk, aldus dat als een mededader betaalt, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd, om aan [slachtoffer 9] te betalen: het bedrag van 9.201,84 (zegge: negenduizend tweehonderd een euro en vierentachtig eurocent); de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 13 juli 2022 tot de dag van algehele voldoening; - de proceskosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog zal maken, tot heden begroot op nihil. Legt aan verdachte hoofdelijk, aldus dat als een mededader betaalt verdachte in zoverre zal zijn bevrijd, de verplichting op om ten behoeve van [slachtoffer 9] aan de Staat te betalen een bedrag van 9.201,84 (zegge: negenduizend tweehonderd een euro en vierentachtig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 juli 2022 tot de dag van algehele voldoening. Dit bedrag bestaat uit materiële schade. Bepaalt dat bij gebreke van volledig verhaal van de betalingsverplichting aan de Staat gijzeling voor de duur van 81 dagen kan worden toegepast. De toepassing van gijzeling heft de betalingsverplichting niet op. Bepaalt dat als verdachte of een mededader voldoet aan de betalingsverplichting aan de benadeelde partij of aan de Staat, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd van de betalingsverplichting aan beiden. Ten aanzien van 18.177840.24, feiten 3 en 4 Verklaart de vordering van [slachtoffer 13] niet-ontvankelijk. De vordering kan slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht. Bepaalt dat de benadeelde partij haar eigen proceskosten draagt. Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Schuth, voorzitter, mrs. J.V. Nolta en M.A.M. Wolters, rechters, bijgestaan door mr. K.E. van Rhijn, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 17 september 2024. De griffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. 1. Wanneer hierna wordt verwezen naar doorgenummerde dossierpaginas betreft dit delen van ambtsedige processen-verbaal, als bijlagen opgenomen in de mappen 1 tot en met 7 bij het dossier 01Laos van de Politie Noord-Nederland met BVH-nummer 2022217099 2 Pagina 151 3 Pagina 152 4 Pagina 12 5 Pagina 155 6 Pagina 477 7 Pagina 475 8 Pagina 476 9 Pagina 627 10 Pagina 92 van het persoonsdossier van [naam] in map 6 11 Pagina 627 12 Pagina 93 van het persoonsdossier van verdachte in map 6 13 Pagina 628 14 Pagina 132 en 133 15 Pagina 159 16 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting d.d. 20 augustus 2024 17 Pagina 144 en 145 18 Pagina 159 19 Pagina 141 en 142 20 Pagina 1073 21 Pagina 66 22 Pagina 67 23 Pagina 22 24 Pagina 354 25 Pagina 266 en 267 26 Pagina 90 van het persoonsdossier van [naam] in map 6 27 Pagina 54 en 55 28 Pagina 20 van het persoonsdossier van [naam] in map 6 29 Pagina 75 en 76 30 Pagina 306 31 Pagina 424 32 Pagina 391 33 Pagina 744 en 745 34 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting d.d. 20 augustus 2024 35 Pagina 425 36 Pagina 87 en 88 37 Pagina 425 38 Pagina 426 39 Pagina 104, 105 en 106 40 Pagina 513 41 Pagina 484 42 Pagina 116 tot en met 119 43 Pagina 484 en 485 44 Pagina 486 45 Pagina 392 46 Pagina 744 en 745 47 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting d.d. 20 augustus 2024 48 Pagina 26 van het persoonsdossier van [naam] in map 6 49 Pagina 122 en 123 50 Pagina 28 51 Pagina 913 52 Pagina 914 53 Pagina 894 tot en met 900 54 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting d.d. 20 augustus 2024 55 Pagina 457 tot en met 460 56 Pagina 264