RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht beschikkingsnummer: [nummer] zaaknummer: 11201771 BU VERZ 24-1490 uitspraak van de kantonrechter van 14 november 2024 inzake [betrokkene] (hierna: betrokkene), wonende in [woonplaats] (gemachtigde: S.W. van Dongen, Verkeersboete.nl). 1Procesverloop 1.1 Aan betrokkene is een sanctie opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). Betrokkene heeft administratief beroep ingesteld tegen de inleidende beschikking. De officier van justitie heeft het administratieve beroep ongegrond verklaard. Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de officier van justitie. De behandeling van het beroepschrift heeft plaatsgevonden op de openbare zitting van 5 november
- 1.2 Betrokkene zelf is niet op de zitting verschenen. De gemachtigde is op de zitting vertegenwoordigd door mr. F.P.B. Waals. Als vertegenwoordigster van de officier van justitie is verschenen mr. R.A. van der Velde (hierna: de vertegenwoordigster). 2Standpunten van partijen 2.1 De verweten gedraging betreft ‘rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken)’, verricht op 15 februari 2023, om 17:02 uur, locatie: Veenlustpassage ter hoogte van nummer 5 in Veendam, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde sanctie bedraagt € 159,00 (inclusief administratiekosten). 2.2 Gemachtigde voert aan dat in het zaakoverzicht staat dat betrokkene geen verklaring heeft afgelegd, maar er is een heel gesprek geweest. Hierin heeft betrokkene aangegeven dat hij het bord niet is gepasseerd, maar dat hij is gestopt om het bord te kunnen zien. Verder staat in het zaakoverzicht dat over het veenlustplein zou zijn gereden, maar er staat ‘de’ veenlustplein. Het zou dan logischer zijn als het de Veenlustpassage zou zijn. 2.3 De vertegenwoordigster stelt zich op het standpunt dat het beroep ongegrond moet worden verklaard. De gedraging kan worden vastgesteld gelet op het zaakoverzicht. De verbalisant heeft verklaard dat betrokkene reed over het gebied wat onder het bord viel. Daarnaast is betrokkene staandegehouden en er is geen verklaring afgelegd. De vertegenwoordigster wil wel aannemen dat er een gesprek is geweest, maar ziet hierin geen reden tot twijfel. 3Overwegingen 3.1 De kantonrechter ziet geen aanleiding te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. De verbalisant heeft verklaard dat hij zag dat betrokkene over het veenlustplein reed. Daarbij reed betrokkene door een gebied wat is aangeduid door het bord G
- De stelling van de gemachtigde dat betrokkene vóór het bord zou zijn gestopt en dit ook tegen de agent zou hebben verklaard, is onvoldoende om te twijfelen aan de verklaring van de verbalisant. Relevant hierbij is dat betrokkene in administratief beroep zelf heeft verklaard dat hij twee meter voorbij het bord is gereden. Verder ziet de kantonrechter geen reden tot matiging. De proceskosten komen niet voor vergoeding in aanmerking. 4Beslissing De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. Th.A. Wiersma, kantonrechter, in aanwezigheid van mr. W.B. Jongsma, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 november
- griffier, kantonrechter, Rechtsmiddel Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als: a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld. Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd. Afschrift verzonden aan partijen op: