← Nederland

ECLI:NL:RBNNE:2025:5914

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Leeuwarden Bestuursrecht beschikkingsnummer: 264965982 zaaknummer: 11693550 BU VERZ 25-1013 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 11 december 2025 in de zaak van [betrokkene] (de betrokkene), die woont in [woonplaats] ,gemachtigde: [gemachtigde] . Inleiding

  1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘motorvoertuig parkeren bij blauwe streep terwijl toegestane parkeertijd is overtreden’, verricht op 13 maart 2024, om 13:42 uur, op de Veldschans in Heerenveen, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 129,00 (inclusief administratiekosten). 1.
  2. Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. 1.
  3. De kantonrechter heeft het beroep op 11 december 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig: als vertegenwoordigster van de officier van justitie, mr. M. van der Spek. 1.
  4. Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan. Beoordeling door de kantonrechter Beslissing
  5. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet. Standpunten
  6. Betrokkene voert aan dat het openbaar ministerie niet binnen de wettelijke termijn heeft gereageerd, waardoor er sprake is van een vormfout. De wettelijke termijn van zestien weken startte op 11 mei 2024 en eindigde op 31 augustus
  7. Op 22 augustus 2024 ontving betrokkene een brief waarmee de termijn met tien weken werd verlengd. Betrokkene stelt dat hij de beslissing pas op 6 december 2024 heeft ontvangen, dus meer dan drie weken te laat.
  8. De vertegenwoordigster stelt zich op de zitting op het standpunt dat uit jurisprudentie van het hof volgt dat het overschrijden van de beslistermijn door de officier van justitie geen gevolgen heeft voor de sanctie. Overwegingen
  9. De kantonrechter stelt vast dat de beroepstermijn voor het administratief beroep eindigde op 10 mei
  10. De beslistermijn eindigde daarom op 31 augustus
  11. De beslistermijn is met tien weken verlengd, waardoor de beslistermijn eindigde op 9 november
  12. Bij brief van 3 december 2024 heeft de officier van justitie op het beroep beslist. 5.
  13. Betrokkene geeft niet concreet aan waartoe dit alles moet leiden: dat zou een dwangsom wegens te laat beslissen kunnen zijn. Hoewel de officier van justitie pas op 3 december 2024, en dus te laat, heeft beslist, heeft betrokkene hem geen ingebrekestelling verstuurd. Zonder zo’n ingebrekestelling ontstaat geen recht op een dwangsom wegens niet tijdig beslissen. Daarmee heeft de te late bekendmaking van de beslissing geen gevolgen voor de rechtsgeldigheid van die beslissing of de rechtspositie van betrokkene. De beroepsgrond slaagt niet. Het beroep zal ongegrond worden verklaard. Conclusie De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond. Waarvan proces-verbaal, mr. R. Krikke, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als: a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld. Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.